Frankrijk repatrieert tien kinderen van IS-strijders uit Syrië

Islamitische Staat Tien gerepatrieerde kinderen van uitreizigers zijn overgedragen aan de gerechtelijke autoriteiten in Frankrijk. Onderwijl loopt in Nederland de discussie over wat met de vrouwen en kinderen van uitreizigers te doen.
Archiefbeeld van vrouwen van IS-strijders in Al-Hol.
Archiefbeeld van vrouwen van IS-strijders in Al-Hol. Foto Ahmed Mardnli / EPA

Tien kinderen van Franse jihadisten, die vastzaten in kampen onder Koerdische controle in het noorden van Syrië, zijn in de nacht van zondag op maandag teruggehaald naar Frankrijk. Dat heeft het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken maandag bekendgemaakt. De kinderen zijn overgedragen aan de gerechtelijke autoriteiten. Ze krijgen een medische controle en worden geholpen door de sociale diensten.

Het besluit is volgens het ministerie genomen vanwege „de situatie van deze bijzonder kwetsbare, jonge kinderen” en met toestemming van de lokale autoriteiten. Waar de kinderen zijn aangekomen, is niet bekend. Sinds Islamistische Staat in maart 2019 ten val is gebracht, heeft Frankrijk in totaal 28 kinderen van jihadisten uit Syrië gerepatrieerd.

In totaal zitten zo’n 150 volwassen Fransen - vooral vrouwen - en zo’n driehonderd Franse kinderen, vast in kampen in Noord-Syrië. Net als veel andere Europese landen worstelt Frankrijk met de vraag wat met hen te doen. Momenteel zitten ongeveer 12.000 buitenlanders, van wie vierduizend vrouwen en achtduizend kinderen, vast in de Koerdische kampen. De meerderheid bevindt zich in het kamp Al-Hol, waar de leefomstandigheden zeer slecht zijn. De vrees is groot voor een coronavirusuitbraak in het kamp, aangezien het onmogelijk is voldoende afstand te houden. Daarnaast heeft het kamp nauwelijks sanitaire voorzieningen.

Hoge Raad

Ook in Nederland speelt de discussie wat met de vrouwen en kinderen van uitreizigers moet gebeuren. De AIVD schat dat in Turkije en Syrië zich zo’n 210 kinderen met ‘een Nederlandse link’ bevinden. Al-Hol, het grootste kamp in Noord-Syrië, herbergt volgens de laatste cijfers van de Nederlandse inlichtingendienst ongeveer dertig vrouwen en negentig kinderen. Het kabinet is echter zeer terughoudend als het aankomt op kinderen terughalen. Aangezien de kinderen niet van hun moeders mogen worden gescheiden, zouden ook de vrouwen moeten worden teruggehaald. Tot nu toe zei het kabinet steeds meer in berechting van de vrouwen in de regio te zien, in plaats van in Nederland.

Een rechter oordeelde vorig jaar dat de Nederlandse overheid een inspanningsverplichting heeft om 56 kinderen uit de kampen terug te halen. Het kabinet ging tegen die uitspraak in hoger beroep waarna het gerechtshof in november oordeelde dat het kabinet zelf mag bepalen of de kinderen opgehaald moeten worden. De 23 vrouwen die de zaak hadden aangespannen gingen vervolgens in cassatie en de Hoge Raad moet deze zomer een laatste oordeel vellen. Afgelopen week bleek dat het kabinet in ieder geval één IS-vrouw die nu in Noordoost-Syrië verblijft, toch in Nederland wil berechten. De rechtbank in Rotterdam heeft het kabinet daarvoor zes maanden extra de tijd gegeven.