De fiscaal jurist had een geluiddemper

Wie: Paul

Kwestie: Poging afpersingen en wapenbezit

Waar: Rechtbank Noord- Holland (Alkmaar)

De Zitting

In de handgreep van zijn auto vindt een man uit Amstelveen in november 2017 een enveloppe. Er zit een briefje vol dreigementen in. „We hebben alle middelen om jou en je gezin uit te roeien.” Er moet 486.546 euro worden terugbetaald. „Vergeet niet dat we je gaan neuken, meteen.” Dit briefje is niet voor mij bedoeld, denkt de man meteen.

Hij gaat ermee naar de politie, die in een onderzoek uitkomt bij de buurman van de vinder, een ondernemer in goud en andere edelmetalen. Hij en zijn vrouw blijken al meerdere dreigappjes te hebben ontvangen. Die van de ergste soort: de namen en de school van hun kinderen worden erin genoemd. In de berichten wordt de man ervan beschuldigd dat hij niet het goud heeft geleverd, waarvoor hem wel zo’n vijf ton is betaald.

Technisch onderzoek liet zien dat de smsjes kwamen van prepaidtoestellen waarin wisselende simkaarten werden geplaatst. Het onderzoek leidde naar fiscaal jurist Paul, die nu terecht staat in de rechtbank in Alkmaar. Tussen hem en zijn advocaat is een plexiglas scherm geplaatst.

Van nervositeit bij de verdachte is op het oog geen sprake. Hij uit zich welbespraakt en beleefd. Een paar keer excuseert hij zich als hij een beroep doet op zijn zwijgrecht. Alsof hij het zelf ook graag anders had gezien maar door de omstandigheden wordt gedwongen.

Paul zegt de goudhandelaar niet te kennen en een directe relatie tussen de twee is er op het eerste gezicht ook niet. Wel denkt het Openbaar Ministerie (OM) dat Paul de feitelijke eigenaar is van een bv die een financieel geschil had met de handelaar. Het bedrijf stond weliswaar op naam van een ander, maar die heeft verklaard dat hij niet meer dan een stroman was.

Ook staat vast dat de telefoon waarmee de dreigberichtjes zijn verstuurd in de buurt van een zendmast in Voorschoten was, toen Paul daar met zijn gezin op vakantie was. Op de dag dat hij thuiskwam, werd opnieuw een dreigberichtje van diezelfde telefoon verstuurd, nu via een zendmast vlakbij Pauls woning.

Diezelfde telefoon werd later verkocht aan Used Products in Amstelveen, door iemand die zich legitimeerde met het paspoort van Paul. Dat paspoort is door hem in 2016 als vermist opgegeven. Maar de persoon die zich ermee legitimeerde koopt bij Used products ook een telefoon die later in gebruik blijkt te zijn bij de vrouw en dochter van Paul. Dus, vraagt de voorzitter van de rechtbank aan Paul: „Weet u zeker dat u het niet zelf was?” Hij ontkent, maar heeft er geen verklaring voor. „Er zijn zo veel rare dingen gebeurd in die tijd.”

Bovenop een kast in Pauls huis werden een pistool, een stroomstootwapen en een geluiddemper gevonden. Dat Paul zich daarmee, indien nodig, wilde verdedigen, zoals hij heeft verklaard bij de politie, sluit niet aan op de vondst van een geluiddemper, vindt de voorzitter van de rechtbank. De demper bevestigt volgens hem eerder „het vermoeden dat we hier toch wat meer in de criminele sfeer zitten”.

Meerdere malen geven de rechters Paul expliciet de kans te vertellen wat er volgens hem gebeurd is. Is er een ander scenario? „Bent u bedreigd, wordt u bedreigd?" maar Paul wil „niet speculeren”.

Het strafblad van de verdachte is nagenoeg leeg en hij is de hoofdverzorger van zijn kinderen. Zij zijn maar af en toe bij hun moeder, van wie Paul inmiddels gescheiden is. Volgens de reclassering is er sprake van gezonde familiebanden. Paul zegt: „Het gaat. Ik kook, al hou ik er niet van.” De officier noemt het „volstrekt onlogisch” dat iemand anders dan Paul de berichtjes heeft verstuurd. Ze eist 24 maanden cel, waarvan 8 voorwaardelijk. Met een proeftijd van drie jaar. En een contactverbod met de goudhandelaar.

De rechtbank acht bewezen dat Paul zich schuldig heeft gemaakt aan een poging tot afpersing. Hij krijgt vijftien maanden celstraf opgelegd, maar daarvan zijn acht maanden voorwaardelijk, zodat Paul niet terug hoeft naar de gevangenis. Zolang heeft hij al vastgezeten na zijn aanhouding. Dat Paul de zorg draagt voor zijn kinderen, legt „aanzienlijk gewicht in de schaal” bij het besluit om hem niet terug te sturen naar de gevangenis, schrijft de rechtbank.