Apple weekt zich los van Intel-chips

Technologie Apple gaat zijn eigen chiptechnologie gebruiken voor desktopcomputers en notebooks. Het bedrijf wil onder het juk van Intel uit.

Tim Cook, ceo van Apple, opende ontwikkelaarsconferentie WWDC via video en sprak van een „historische dag”.
Tim Cook, ceo van Apple, opende ontwikkelaarsconferentie WWDC via video en sprak van een „historische dag”. Foto Bernadette Simpao/Apple Inc./AFP

Apple breekt met een van zijn belangrijkste toeleveranciers: chipmaker Intel. De Amerikaanse technologiereus gaat de zelfontworpen chips van zijn iPhones en iPads ook gebruiken voor gewone computers, zoals MacBooks en iMacs. De breuk met Intel geeft Apple nog meer controle over de hardware en maakt het bedrijf minder afhankelijk van het tegenvallende upgradetempo van Intel.

Apple (jaaromzet 230 miljard euro) kondigde het naderende afscheid van Intel maandagavond aan op zijn jaarlijkse ontwikkelaarsconferentie WWDC. Apple topman Tim Cook noemde het een „historische dag”. Niet alleen omdat hij de conferentie via video moest openen, zonder klapgraag publiek. Maar ook omdat Apple met de ontwikkeling van eigen processoren voor mobiele apparaten als telefoons en tablets de markt is gaan domineren. De prestaties van de gewone computers werken alleen met Intels methodiek en die bleef de laatste jaren achter.

Lees ook: Is de MacBook Air nog de beste laptop voor de massa?

Op de mobiele markt ontwerpt Apple sinds de eerste iPhone zijn eigen chips. Die werken met ARM-technologie, een ander systeem dan de Intel-chips waarop computersoftware normaliter draait.

De overgang van processoren van Intel naar die van ARM is complex, zo merkt ook Microsoft. Dat bedrijf probeert zijn besturingssysteem Windows, al enkele jaren los te weken van Intel-chips. Dat gaat nog moeizaam.

Zoveel mogelijk controle

Apple denkt dat de overstap twee jaar in beslag zal nemen. De eerste computers die draaien op zelfontworpen chips zullen volgens Tim Cook aan het einde van dit jaar beschikbaar zijn. Intel wordt voorlopig ondersteund maar Apple legt de nadruk op de eigen technologie. Het bedrijf heeft zijn eigen software al aangepast en toonde voorbeelden van veelgebruikte programma’s van Microsoft en Adobe die op de nieuwe Apple-chip draaien.
Telefoon-apps zullen ook op de nieuwe Macs werken, voor Intel geschreven software werkt nog via een programma dat de code vertaalt. Die methode paste Apple ook toe bij zijn vorige ‘chip-sprong’ in 2005, van PowerPC (Motorola/IBM) naar Intel.

Lees ook: Knallende ruzie om iPhone-chip

Apple wil zo veel mogelijk controle hebben over de onderscheidende onderdelen van zijn apparatuur. Ontwikkeling in eigen huis is daarbij het hoogste doel, ook voor chips. Het maakt het bedrijf minder afhankelijk van problemen met toeleveranciers of discussies over de kosten.

In 2017 vocht het bedrijf een langdurige ruzie met Qualcomm uit over het gebruik van modemchips – nodig om de telefoon te verbinden met het mobiele netwerk. Uiteindelijk werd vrede gesloten, maar twee jaar later kocht Apple alsnog de modemdivisie van Intel om zo snel mogelijk een zelfontworpen variant te gaan bouwen.

De verregaande integratie van hardware en software heeft ook nadelen; Apple heeft de neiging zijn eigen diensten, zoals tv-abonnementen en muziekdiensten voor te trekken. De EU kondigde vorige week aan een onderzoek te starten voeren naar mogelijk machtsmisbruik in de App Store. Dat onderzoek kwam er na aandringen van muziekdienst Spotify, maar sindsdien klagen meer ontwikkelaars over de ondoorzichtige regels van de App Store, die meestal in het voordeel van Apple zelf uit lijken te vallen.

Vanuit mededingingsoogpunt voegde Apple een belangrijke feature toe: in de volgende versie van iOS, het besturingssysteem van de iPhone en iPad, kunnen gebruikers eindelijk andere apps aanwijzen als standaard mailsoftware of webbrowser. Tot nu toe reserveerde Apple die belangrijke plek voor zijn eigen producten.

Lees ook: EU morrelt aan almacht van de App Store