Opinie

De ogen van Wijnaldum

Wilfried de Jong

Eerlijk gezegd was ik al bijna klaar met een stukkie over wielrennen in Slowakije. Tot ik een filmpje van voetballer Georginio Wijnaldum op mijn mobiel zag. Hij had de mening van Oranje over het titanenduel tussen een rapper en een presentator gedeeld op zijn Insta-account. Nu overzag hij het slagveld aan commentaren onder zijn bericht.

Naast steunbetuigingen kreeg hij ook valse commentaren. Het deed hem denken aan de reacties op een selfie van collega Leroy Fer met een stel zwarte voetballers achter zich, in 2014.

Ik keek naar de ogen van ‘Gini’. Ze stonden serieus, de bekende twinkeling was verdwenen. Delete tekst, sorry Slowakije, ik moest de leegte vullen met Wijnaldum.

Net als eerdere keren rond racisme stapte Wijnaldum naar voren. Zijn toon is nooit kwaadaardig, het is helder en eerlijk en – o, cliché – recht uit zijn hart. Ik kan het niet helpen, ik heb een zwak voor hem. Als jonge voetballer liet hij bij Feyenoord zien hoe je met flair moest spelen. Hij was leergierig en wilde beter. Nu is hij een bepalende speler bij Liverpool.

Wijnaldum staat aan de absolute top maar dat weerhield hem er niet van om speciaal voor de 75ste verjaardag van Willem van Hanegem heen en weer te vliegen naar Rotterdam. Hun omhelzing was van een grote ontroering. Willem sloot zijn lieveling Wijnaldum vaderlijk in zijn armen; oud en jong, zwart en wit; het versmolt tot één lichaam.

In het centrum van Rotterdam hangt een groot schilderij buiten tegen een muur: „Van de maan af gezien, zijn we allen even groot.”

Het zijn van die woorden om te herkauwen, om de juiste betekenis er aan te ontlenen en soms, om ze in nieuw perspectief te plaatsen. Nou ja, het hoeft niet, maar zo doe ik het, zeker in de afgelopen maanden waarin hete onderwerpen over elkaar heen buitelen.

Humor is nooit helemaal vrijblijvend, het gaat altijd ten koste van iemand. Als we lachen om iemand die over een bananenschil glijdt, lachen we niet alleen om de idiote beweging maar vooral om de pijn die zo herkenbaar is na een val. Die pijn ken ik wel. En veel pijn valt best te dragen.

De pijn van racisme ligt anders en veel dieper, gelaagder, dat leerde ik van die oogopslag van Wijnaldum.

Zonder nu een brave borst te willen zijn (ook in mij schuilt soms een klootzak), of een vredestichter, laat ik nog één dichtregel uit Rotterdam schitteren. De woorden hangen buiten op de Nieuwe Binnenweg en zijn dus bedoeld voor iedereen: voor de vechtjas, de grappenmaker, de stille, de luidruchtige, voor de aanvaller en de verdediger.

De dichtregel is geschreven door Jules Deelder, in de stad van de liefdevolle en soms hatende Kuip, waar Wijnaldum en Depay een woning hebben, de stad van de Surinaamse broodjes van Warung Mini en de patat van Bram Ladage.

Hier komt ie: „De omgeving van de mens is de medemens.”

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.