Opinie

In de rede gevallen

Tommy Wieringa

Politiek verslaggever Xander van der Wulp vroeg zich vorige week af waarom Thierry Baudet zo’n hekel aan de publieke omroep heeft. Een paar dagen later liep het stabiele genie weg bij het radioprogramma Met het Oog op Morgen. Hij kreeg vragen die hem niet bevielen. De presentatrice wilde zijn gedachten horen over de antiracismedemonstraties, Baudet wilde promotie maken voor het campagnekrantje waarvan hij er een miljoen heeft laten drukken. „We gaan het nu nog even hebben over mijn krant”, zei hij na een paar minuten geagiteerd, maar de presentatrice wilde eerst antwoord op haar vraag. „Nou, dan ga ik nu weg”, zei hij, en verliet de studio. De volgende dag wandelde hij over het krakend gebeente der inlanders naar het standbeeld van Jan Pieterszoon Coen in Hoorn om een bloemetje te leggen.

Vragen en doorvragen, Baudet houdt er niet van. Ze dagen hem uit om dingen te zeggen waarvoor hij in deze fase van zijn machtsontplooiing nog niet volledig wil uitkomen. Hij is een zender, zijn woorden zoeken de kortste weg van zijn mond naar het oor van de luisteraar. Interrupties zijn rimpelingen in het spiegelende oppervlak waarin hij zichzelf bewondert. Alle tirannieke naturen in machtsposities, ongeacht hun formaat, zoeken manieren om dat hinderlijke journalistieke gewroet uit te schakelen.

De monoloog is het natuurlijke genre van de tiran. Urenlang kan hij naar zichzelf luisteren, alleen applaus en gejuich mogen zijn eenspraak onderbreken. Op een langspeelplaat met een toespraak van Stalin was de B-kant in zijn geheel ingeruimd voor applaus. Fidel Castro sprak ooit langer dan zeven uur, Nicolás Maduro hield het meer dan vier uur vol bij zijn inauguratietoespraak, Moammar Gaddafi testte het uithoudingsvermogen van de vergadering van de Verenigde Naties door eens anderhalf uur te speechen.

Waarom houdt de tiran niet van journalisten? Niet omdat die de waarheid najagen, maar omdat ze hem tegenspreken. Voor de waarheid is hij immuun, die maakt hij simpelweg onklaar door er zijn talloze onwaarheden tegenover te stellen, het zijn de interrupties die hem buiten zichzelf brengen. „Heerlijk”, zei Baudet voor de camera van zijn eigen FVD Journaal, „hier word je nu eens niet in de rede gevallen door journalisten die je op een foutje willen betrappen”.

Laten we ons geen illusies maken, als hij meer macht krijgt, zal hij die onmiddellijk inzetten om tegenspraak het zwijgen op te leggen. Hij kondigde het al aan bij WNL, toen hij VNO-NCW-voorzitter Hans de Boer toebeet: „Als ik straks de grootste partij word, bent u de eerste die eruit vliegt.” Niet dat hij daarover gaat, maar het gunt ons een blik in de toekomst. Na de provinciale verkiezingen, in de langste overwinningsrede uit de Nederlandse politieke geschiedenis, kondigde Baudet al aan de publieke omroep te zullen saneren. Zolang hij nog niet de middelen heeft om de NPO aan zijn wil te onderwerpen, neemt hij genoegen met een eigen krant en een dagelijks journaal op YouTube. In de leader van het FVD Journaal komt zijn portret liefst vijfmaal voorbij, in het bulletin zelf interviewt hij mensen die hetzelfde zeggen als hij en maakt hij reclame voor zijn eigen boek. Hij is zijn eigen gast in een studio die spiegelpaleis en echokamer ineen is. Nergens interruptie of tegenspraak, ruim baan voor brutale leugens en lulkoek. Het lijkt of hij de kunst heeft afgekeken bij de dagelijkse nieuwsbulletins in Congo onder Mobutu, waar de president in de leader als een godheid neerdaalde uit de wolken, en in het journaal zelf alleen zijn naam genoemd mocht worden.

Baudets eeuwige verwijt is dat de media vooringenomen en partijdig zouden zijn. Om de verdenking van vooringenomenheid en partijdigheid in zijn eigen krant weg te nemen, bied ik me hierbij aan als columnist. Zoals hij in het recente verleden columns schreef voor deze krant, zal ik die graag schrijven voor de zijne. Vijfhonderd woorden per keer en een vrije onderwerpskeuze, zoals dat hoort op een werkelijk forum voor democratie. Over de prijs worden we het wel eens.

Tommy Wieringa schrijft elke week een column op deze plaats.