Opinie

Zonder verzet tegen racisme genezen we zeker niet

Ongelijkheid Het verwijt dat antiracismedemonstranten niet om de volksgezondheid geven, doet alsof racisme en gezondheid niets met elkaar te maken hebben. Het tegendeel is waar, schrijft .
Werkers in de open goudmijngroeve Djoubissi in de Centraal Afrikaanse Republiek in 2014.
Werkers in de open goudmijngroeve Djoubissi in de Centraal Afrikaanse Republiek in 2014. Foto Emmanuel Braun/Reuters

Als u de naam George Floyd hoort, denkt u dan aan zijn dood of aan zijn leven? Witte mensen die de afgelopen weken geschrokken de beelden van de moord op George Floyd deelden, konden denken dat die gruwelbeelden verandering brengen, terwijl de circulatie van die beelden een pijnlijke bevestiging is van witte suprematie.

Al sinds de opkomst van de fotografie zien we beelden van vermoorde, gehavende, geslagen en gelynchte zwarte mensen. De structuren van uitsluiting die zulk geweld in stand houden – politie, grenscontrole, erfgoed, winst dankzij goedkope arbeidskracht en uitbuiting – blijven bestaan. De lijst namen van mensen die door politiegeweld zijn omgekomen, wordt steeds langer, maar de levens van zwarte mensen zijn nauwelijks opgenomen in archieven, stelt Katherine McKittrick in haar essay ‘Mathematics Black Life. Die geschiedschrijving vol dood – nauwkeurig bijgehouden dankzij de strikte administratie van slavenhouders en politie-officieren – zorgt ervoor dat we ook voor de toekomst dood verwachten, betoogt ze.

Als de dood of pijn van zwarte mensen wordt genoemd, kan dat volgens McKittrick niet gebeuren zonder tegelijkertijd te adresseren hoe het comfort van de geprivilegieerde klasse racisme nodig heeft om te blijven bestaan. Dood en pijn moeten bovendien steeds worden aangetoond. Met cijfers, en dat beperkt ons voorstellingsvermogen: vooral wat zich als feit en index laat beschrijven doet ertoe. Omdat we een oneindige, doorlopende hoeveelheid kennis van narigheid opbouwen, weten we niet hoe we levendigheid moeten verbeelden.

Racisme is ongezond

Er werd bezorgd en boos gereageerd op de duizenden mensen die deelnamen aan demonstraties tegen anti-zwart geweld en racisme in de samenleving. Eerst moest Covid-19 worden bestreden, voordat je tegen racisme mag protesteren. Maar racisme is net zo goed ongezond: racisme maakt ziek en racisme bepaalt je toegang tot zorg. Gezondheid is bovendien een politieke vraag en niet zomaar een biologisch gegeven. Wie we als ziek ervaren in de maatschappij is net zo goed afhankelijk van de farmaceutische ontwikkelingen van verkoopbare producten, als van de klachten die een individu heeft.

Racisme maakt ziek. Daar wordt sinds begin jaren negentig onderzoek naar gedaan. De impact die racisme op een lijf heeft, wordt weathering genoemd, verwering. Verwering gaat over het effect op individuele lichamen van omstandigheden als schoon water, eten, lucht en voldoende uren slaap. Je toegang daartoe is niet neutraal. Wanneer het over systemisch racisme gaat, dan gaat het dus ook over de bedrijven die in Nederland belastingvoordeel vangen, terwijl zij elders pijplijnen aanleggen en olieboringen uitvoeren zonder zich te bekommeren om de gezondheid van de lokale bevolking. De extractie van grondstoffen voor comfort in het Westen is belangrijker dan de slachtoffers die daarbij vallen. Zo krijgen Inuit baby’s de kankerverwekkende stof polychloorbifenyl binnen via de moedermelk; veroorzaakt door de vervuiling van de Arctische gebieden.

Dat corona en racisme elkaar ontmoeten is geen toeval. Zodra de Europese landen maatregelen introduceerden om het virus in te dammen, hoorde je mensen over het coronavirus als ‘gelijkmaker’; ineens zaten we allemaal in hetzelfde stilgevallen schuitje. Maar de mythe van de grote gelijkmaker bestond al een tijdje. De klimaatcrisis beloofde ook al zoiets. De term ‘Antropoceen’ raakte meer en meer ingeburgerd, verwijzend naar het besef dat mensen verbonden zijn met hun omgeving en daar niet los van zijn te zien. Die omgeving is lange tijd vooral sociaal, biologisch en psychologisch geduid, maar het Antropoceen voegt daar een geologisch bewustzijn aan toe. Waar je je bevindt op aarde, met welke omstandigheden je leeft qua klimaat en licht en toegang tot water, doet ertoe. Niet alleen heeft het invloed op jouw menselijk bestaan, maar ons menselijk bestaan verandert juist ook de ecologie, aarde en natuur. De populariteit van het begrip ‘Antropoceen’ valt samen met een steeds breder gedeeld besef dat het slecht gaat met de aardbol. Door verbruik, vervuiling, uitputting. In het Westen begint men een andere toekomst te zien dan alleen klim en verbetering. Plots lijkt een einde in zicht: de planeet gaat eraan.

Lees ook: In Amerika weet iedereen wat de kleur ‘wit’ betekent – Nederland komt er nu pas achter

Geen gelijkmaker

Maar het einde, zo stelt Kathryn Yusoff in haar boek A Billion Black Anthropocenes or None, was voor zovelen allang in zicht. De koloniale verovering van het continent Amerika en de genocide van 50 miljoen oorspronkelijke bewoners in de zestiende en zeventiende eeuw – dat was een einde. Beperkt toegang tot schoon water, bijvoorbeeld omdat Israël de toevoer blokkeert – dat is een einde. De vele honderden mensen die jaarlijks in de Middellandse Zee verdrinken, een voortzetting van het ‘vloeibaar massagraf’ dat ontstond ten tijde van de slavernij – dat is een einde.

De opwarming van de aarde en het Antropoceen vormen dus geen grote gelijkmaker, betoogt Yusoff. Het einde van de wereld zoals deze nu in het Westen wordt gevreesd, wordt gevierd als een universele ervaring, zodat het feit dat die welvaart bewust is opgebouwd op de eindes van anderen niet hoeft te worden benoemd. De bezorgde aankondiging van een klimaatcrisis die ons allen treft, neutraliseert een geschiedenis van ongelijkheid. Zwarte mensen of oorspronkelijke bewoners worden als barrière gezien in het verkrijgen van welvaart (zie bijvoorbeeld de aanleg van de Dakota-pijplijn), of ze worden als werktuig gezien om die welvaart te generen (in mijnen en fabrieken).

Geologie, zo wordt gedacht, is neutraal en gaat over dode materie, aardvlakken, steen, grondstoffen. Daartegenover staat vervolgens de wijze waarop er met dode materie wordt omgegaan: de materie wordt pas iets waard wanneer je er actief gebruik van maakt. Goud of olie of diamanten die er ‘gewoon zijn’ en passief in de aarde verscholen liggen, verdienen het om te worden opgegraven. Dit is de moderne en koloniale mentaliteit die de planeet neerzet als een vanzelfsprekende omgeving waaraan moet worden gewerkt – dat is vooruitgang. Passieve grondstoffen dienen actief te worden opgediept en gebruikt. Luie grondstoffen verdienen pioniers die graven. Deze binaire blik op de wereld – passief en actief, materie en subject – werd ook een excuus voor kolonisatie: in Afrika en de Amerika’s gebruikten de oorspronkelijke bewoners hun grondstoffen niet voldoende, ze zagen niet wat voor een winst er te behalen viel.

Intimiteit met dode materie

Met het kolonialisme en de slavernij werd ook het idee geïnstalleerd dat Afrikanen en oorspronkelijke bewoners geen mensen waren, maar goederen. Yusoff beschrijft zwartheid daarom als de ervaring van intimiteit met dode materie. Wie als zwart werd gedefinieerd, moest ontmenselijkt. Omdat de aarde ook op die manier werd gezien – als materie, niet als levende aanwezigheid – wordt zwartheid dicht op de aarde gedrukt. Die intimiteit met de aarde, hoewel uit onderdrukking geboren, wordt door Yusoff gezien als een bron van inspiratie: het is een ervaring, kennis en kunde die van grote waarde is. Vandaar dat Yusoff het over een miljard verschillende Antropocenen heeft, en niet over ‘het Antropoceen’: er zijn zoveel verschillende ervaringen van leven met de aarde, en die ervaringen zijn ongelooflijk waardevol. Het is nodig om ruimte te maken voor die ervaringen en te luisteren naar die ervaringen. De wijsheid is er al.

Dat Covid-19 en witte suprematie elkaar treffen is geen toeval. De westerse methode is immer actief: er moeten oplossingen komen en nieuwe technologieën worden ontwikkeld. De ontdekkingsreiziger zoals Columbus, betoogt Yusoff, heet nu uitvinder of vernieuwer. Klimaatbewuste ondernemers en onderzoekers zien kansen. Ze vertonen een oplossingsgerichte energie, die verbloemt dat mensen al op zoveel verschillende manieren, met een ethiek van zorg en intimiteit, met de aarde leven.

Het Antropoceen dat bij het klimaatactivisme van nu hoort, beoogt een overkoepelend wereldbeeld neer te zetten waarbij iedereen ineens gelijk is, gelijk lijdt en gelijk ten onder gaat. Die gelijkheid verbloemt het feit dat witte westerlingen op een opeenhoping van schade leven. Die opeenhoping is er niet zomaar gekomen: daar is actief en bewust geweld bij gebruikt. We zijn dus niet allemaal tegelijkertijd in een crisis beland. Voor veel mensen is crisis de status quo.

Het gewone leven is crisis

Soms wordt er op dat besef gereageerd met de energie van de ontdekkingsreiziger, de uitvinder, de kolonist. Witte mensen willen iets doen. Zich inzetten. Helpen, iets nieuws ontdekken. Luisteren voelt niet actief genoeg. Maar een oplossingsgerichte houding gaat voorbij aan een geschiedenis vol ongelijkheid en daarmee ook voorbij aan de wijsheden die daaruit voortkomen.

Ook daarom is het niet vreemd dat racisme en corona elkaar raken: waar mensen met een geprivilegieerde positie plots een crisis meemaken, is die crisis voor velen het gewone leven.

Covid-19 is dan geen obstakel dat moet worden opgelost, maar een voortzetting van wat al was. Waar sommige mensen de keuze ervaren om het ‘gewone leven’ even op pauze te zetten, wordt van anderen geëist om het structureel met minder te doen – minder rechten, minder middelen, minder mobiliteit, minder tijd.

Lees ook: Luister naar ons – hoe onplezierig dat ook is

Effect op witte mensen

Het is in Nederland moeilijk om het over racisme te hebben. Wanneer witte mensen zich eenmaal bereid tonen om over racisme te praten, dan gaat het met name over het effect van racisme op mensen van kleur – premier Mark Rutte zegt bijvoorbeeld dat hij niet wil dat een kind met een donkere huid zich ongelukkig voelt vanwege Zwarte Piet. Het effect van racisme op witte mensen is een ingewikkelder discussie. Dekoloniaal denker Walter Mignolo vraagt daarom aan iedereen: hoe heeft kolonialisme jou verwond? Met kolonialisme doelt hij niet alleen op de gekoloniseerde, maar ook op de kolonist. Aimé Cesaire verwees hier in de jaren zeventig ook naar: het kan toch niet zo zijn dat plundering, machtsmisbruik, systematische verkrachting, bewuste dehumanisering en klakkeloos gebruik van grondstoffen geen effect heeft op je existentie?

Wie racisme en gezondheid tegenover elkaar zet, creëert een tegenstelling die een binaire, bevoorrechte realiteit bestendigt en andere werkelijkheden negeert, die van de Billion Black Anthropocenes. Hoewel het verleidelijk is om op een oplossing of uitvinding te hopen die Covid-19 bestrijdt, zijn raciale verdeling en ongelijkheid dusdanig verweven met alle aspecten van leven, gezondheid, wetenschap, natuur en maatschappij, dat we nooit genezen zonder verzet tegen racisme.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.