Vakbond VCP niet akkoord met uitwerking pensioenakkoord

Pensioenakkoord De kleinste vakbond ziet te veel onduidelijkheden in de uitwerking van het pensioenakkoord. Vrijdag hebben FNV-leden de beslissende stem.

VCP-vicevoorzitter Gerrit van de Kamp (links) en minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) in juni 2019, toen vakcentrale VCP instemde met het op hoofdlijnen afgesproken pensioenakkoord.
VCP-vicevoorzitter Gerrit van de Kamp (links) en minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) in juni 2019, toen vakcentrale VCP instemde met het op hoofdlijnen afgesproken pensioenakkoord. Foto Jeroen Jumelet / ANP

De aanpassing van het pensioensysteem krijgt niet de brede steun waarop het kabinet gehoopt had. Vakcentrale VCP, de kleinste van de drie betrokken vakbonden, is na overleg met de leden niet akkoord gegaan met de uitwerking van het pensioenakkoord. Dat laat de vakcentrale vrijdag weten. Maar de vakbond zegt de plannen ook niet te willen blokkeren.

De uitkomst van het overleg vergroot vooral de onzekerheid rond de beslissende stemming bij de veel grotere, invloedrijkere vakbond FNV. Daar hebben de 105 actieve leden in het ‘ledenparlement’ vrijdag het laatste woord. Alleen als zij akkoord gaan, stuurt minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) de pensioenplannen vrijdagmiddag naar de Tweede Kamer. De achterban van vakbond CNV stemde maandag al in met de plannen.

Vorige week presenteerden het kabinet, werkgevers en vakbonden hun uitwerking van het vorig jaar gesloten pensioenakkoord, na lange onderhandelingen.

Lees ook: Pensioenhervorming dichterbij dan ooit, maar verzekeraars morren

De VCP vindt dat daarin te weinig concrete afspraken zijn gemaakt over de compensatie van mensen die financieel nadeel ondervinden van nieuwe pensioenregels. Toch mogen de plannen nu naar de Tweede Kamer, zegt VCP-vicevoorzitter Gerrit van de Kamp: „Indien deelnemers in de toekomst geen compensatie krijgen, moet het ook voor heel Nederland duidelijk zijn dat dit een breed gedragen politieke keuze is en niet die van ons.”

VCP vond afspraken te vaag

In het pensioenakkoord is afgesproken dat het aanvullend pensioen meer gaat meebewegen met de stand van de financiële markten. Ook gaan werkenden in de eerste helft van hun loopbaan meer pensioen opbouwen, en in de tweede helft minder.

Nu nog krijgen jong en oud voor iedere euro van hun premie evenveel pensioenopbouw. Dat klinkt logisch, maar de inleg van een jongere is meer waard, omdat die tientallen jaren langer kan renderen. Door alle generaties tóch dezelfde opbouw te geven is nu sprake van een subsidie van jong naar oud. Die wordt in de plannen afgeschaft.

Maar voor met name veertigers en vijftigers dreigt daardoor een pensioengat. Na de systeemwijziging krijgen zij in de tweede helft van hun loopbaan wél de lagere opbouw, terwijl zij als jongere – onder de huidige regels – niet de hogere opbouw hebben gekregen.

Er is afgesproken om hen te compenseren, maar die afspraak vindt de VCP te vaag. „Dit had goed geregeld moeten worden”, zei pensioenonderhandelaar Ruud Stegers woensdag in een webinar voor leden.

Vakbonden nodig

Hoe het oordeel van het ledenparlement van de FNV vrijdag zal uitvallen, is lastig te voorspellen. Ook drie ledenparlementariërs die NRC afgelopen dagen sprak, durfden daar geen inschatting van te maken.

Lees ook: De 105 machtige leden van een diep verdeelde vakbond

Minister Koolmees heeft de steun van vakbonden nodig bij zijn plannen om het pensioensysteem te veranderen. Alleen met hun steun zijn de oppositiepartijen PvdA en GroenLinks bereid om de plannen aan een politieke meerderheid te helpen. Ook zijn de vakbonden invloedrijk in de besturen van pensioenfondsen.

Vakbonden zelf noemen meestal een meer principieel argument: het aanvullend pensioen is een arbeidsvoorwaarde, en daarmee in de eerste plaats een zaak van werkgevers en werknemers.