Tot twintig jaar geëist tegen zes Arnhemse terreurverdachten

Arnhemse terreurgroep Het Openbaar Ministerie heeft tot twintig jaar celstraf geëist tegen de groep van zes terreurverdachten uit Arnhem. De groep zou een aanslag hebben gepland op een lhbt-festival die „zijn weerga in Nederland niet kent”.
De woning aan de Kinsbergenstraat in Arnhem waar een arrestatieteam in 2018 mannen heeft opgepakt voor het beramen van een grote aanslag.
De woning aan de Kinsbergenstraat in Arnhem waar een arrestatieteam in 2018 mannen heeft opgepakt voor het beramen van een grote aanslag. Foto Piroschka van de Wouw/ANP

Het Openbaar Ministerie eist celstraffen tot twintig jaar tegen een groep Arnhemse terrorismeverdachten. De zes verdachten zouden een grote aanslag in Nederland hebben willen plegen. Daarvoor hadden ze al wapens, chemicaliën en kunstmest voorhanden. Doelwit van de verdachten was een nog te kiezen lhbt-evenement in Amsterdam. Dat bleek vrijdag tijdens de vierde dag van het terrorismeproces, waarin het OM haar pleidooi hield en de strafeis bekend maakte.

Het is de eerste keer sinds het proces tegen de Hofstadgroep dat het OM dergelijk hoge straffen eist tegen een vermoedelijke terroristische organisatie. Volgens de officier wilden de Arnhemmers een „bloedbad” aanrichten door een Amsterdams lhbt-festival binnen te dringen met kalasjnikovs om zoveel mogelijk doden te maken, en tegelijkertijd een autobom in een andere stad tot ontploffing te brengen. „Deze groep was een aanslag aan het voorbereiden die zijn weerga in Nederland niet kent”, zei de officier. „Nederland is niet eerder zo dichtbij een aanslag van deze omvang geweest.”

De verdachten verdienen volgens de officier een „afschrikwekkende straf” voor hun plannen. Uit rapportages blijkt dat de verdachten zeer geradicaliseerd zijn. Ze zien Nederland als ‘oorlogsgebied’ en achten het daarom legitiem om geweld te plegen. Hun laptops stonden vol met IS-filmpjes van aanslagen, executies, onthoofdingen en het afhakken van ledematen. „Buitengewoon ziekelijk materiaal”, noemde de officier het.

De hoogste straf van twintig jaar werd geëist tegen Waïl el A., die bij zijn aanhouding probeerde te schieten op de politie. De andere verdachten kregen straffen tussen de acht en achttien jaar.

Lees ook: ‘Gay Pride was beoogd doelwit van aanslag’

De verdachten zijn in 2018 opgepakt na een undercoveractie van de politie. Een agent deed zich voor als IS-aanslagplanner en voorzag de verdachten van – onklaar gemaakte – wapens.

Undercoveragent

In zijn pleidooi beschreef de officier van justitie nauwkeurig hoe het contact verliep tussen de verdachten en de undercoveragent. Ter illustratie werden diverse beeld- en geluidsfragmenten van afgeluisterde gesprekken afgespeeld in de rechtszaal.

De politie-infiltrant heeft vooral contact gehad met Hardi N., de leider van de groep. Hij bestelt bij de infiltrant een autobom en wapens en vormt vervolgens een groep van vijf om zich heen om de aanslag uit te voeren. Zijn mede-verdachten zijn aanvankelijk wantrouwig richting de infiltrant, maar doen uiteindelijk mee.

In een vakantiehuisje in Weert ontvangen ze de handwapens en kalasjnikovs waar ze om gevraagd hebben. Op de beelden is te zien hoe ze triomfantelijk met de kalasjnikovs door het vakantiehuisje rondlopen, en schietposes oefenen. Ook bespreken ze de tactiek voor de aanslag: drie van hen moeten het festival binnendringen, twee anderen moeten buiten wachten om de vluchtende mensen neer te schieten. Uiteindelijk komen de verdachten niet ver: ze worden vlak buiten het vakantiepark ingerekend door de politie.

Uit de afgetapte gesprekken blijkt dat de verdachten in de periode voor de arrestaties veel bezig zijn met de dood. Ze nemen al afscheid van familie en vrienden en spreken de wens uit om als martelaar om het leven te komen.

De verdachten gedragen zich tijdens het onderzoek zeer veiligheidsbewust. Vanwege afluistergevaar voeren zij gesprekken vaak buiten hun woning op straat; hun gesprekken in de auto worden overstemd met harde islamitische gezangen. Ook gebruiken de verdachten codetaal. Zo spreken ze over ‘koerierwerk’ als ze het over het aanslagplot hadden. Een ‘hapje eten’ staat voor een ontmoeting met de infiltrant.

Het minst voorzichtig is hoofdverdachte Hardi N.: hij legt allerlei bezoekjes af aan bouwmarkten en drogisterijen om er zoutzuur en kunstmest in te slaan. Na zijn arrestatie wordt er bij hem thuis honderd kilo kunstmest gevonden en genoeg chemicaliën om een halve kilo TATP te maken – een explosieve stof die voor bommen wordt gebruikt.

Dinsdag gaat de zaak verder en voeren de advocaten hun verdediging.