Brieven

Staatsschuld

Europese schuldnorm was al voor corona wassen neus

Foto ANP

Tot in deze coronacrisis aan toe wordt in haast ieder bericht over onze staatsschuld plichtmatig de Europese norm van 60 procent van het bruto binnenlands product vermeld. Bij de laatste prognoses van het CPB afgelopen woensdag, wordt de ruimte voor steunmaatregelen in NRC onderbouwd met achtereenvolgens „onder het Europees gemiddelde”, „in de buurt van de schuldnorm” en daarna pas met „En op de kapitaalmarkt kan Nederland nog gemakkelijk terecht”, terwijl dat laatste allesbepalend is voor de houdbaarheid van schulden (CPB: haal investeringen naar voren, 17/6).

Eurolanden die vóór corona al niet aan de staatsschuldnorm voldeden kunnen, mede dankzij goedkoop (ECB-)geld, gewoon geld lenen. Een voorlopige, soepele omgang door Brussel met deze norm is een wassen neus: hij is nooit gehandhaafd en bovendien gebaseerd op aannamen van decennia geleden. Genoemde ‘les van 2008’ is dan ook dat Nederland zich tijdens de financiële crisis suf bezuinigde omdat het aan de Europese begrotings- én staatsschuldnorm wilde voldoen ten overstaan van landen die echte financieringsproblemen hadden.

Tijd dat Nederland beide normen openlijk loslaat: het maakt dan een goede beurt in Zuid-Europa en kan in ruil hiervoor mogelijk zeggenschap bedingen over zaken als steunfondsen, migratie, sociale zekerheid en integratie. En dan kan staatsschuldbeleid weer gaan over houdbare niveaus, eerlijkheid naar toekomstige generaties en wenselijke financiers.