Jaarlijks 9 miljoen groene banen

Groen investeren Nu fors investeren in groene energie creëert banen en drukt de CO2-uitstoot. De komende drie jaar zijn voor IMF en het Internationaal Energieagentschap cruciaal.

Nederlandse bedrijven, zoals Bunge Loders Croklaan in Wormerveer (rechts), moeten van Brussel aan extra eisen voldoen om zich ‘duurzaam’ te noemen.
Nederlandse bedrijven, zoals Bunge Loders Croklaan in Wormerveer (rechts), moeten van Brussel aan extra eisen voldoen om zich ‘duurzaam’ te noemen. Foto Bert Verhoeff

Flink investeren in vergroening van de energiesector bevordert economisch herstel, en spaart het klimaat. Dus steek er jaarlijks duizend miljard in tussen 2021 en 2023. Daarvoor pleit het Internationaal Energieagentschap (IEA) in een rapport dat het donderdag publiceerde met medewerking van het Internationaal Monetair Fonds (IMF).

Investeringen in energie staan momenteel sterk onder druk, liet het IEA vorige maand al zien in een rapport over de coronacrisis. In heel 2020 zal er wereldwijd circa 400 miljard dollar minder geïnvesteerd worden dan vorig jaar, een krimp van 20 procent.

Met name de investeringen in olie- en gaswinning nemen sterk af. Tekenend is dat alle grote olieconcerns de afgelopen maanden miljardenbezuinigingen hebben aangekondigd.

De lage olie- en gasprijzen, veroorzaakt door een markt die nog langdurig zal kampen met overschotten, maken winning en verwerking van fossiele brandstoffen minder rendabel. Maar ook op investeringen in duurzame energie wordt bezuinigd, wat de overgang op een groener energiesysteem juist vertraagt.

In het donderdag verschenen rapport zetten IEA en IMF de volgende stap. Het IEA stelt voor om van 2021 tot en met 2023 jaarlijks 0,7 procent van het wereldwijde nationaal product te investeringen in energie. Het IEA denkt aan 1.000 miljard dollar, waarvan 30 procent door overheden. De energiedenktank, gelieerd aan de OESO, wijst erop dat regeringen wereldwijd al voor 9.000 miljard dollar aan herstelplannen hebben aangekondigd.

De energievoorziening wordt volgens het IEA „beter bestand” tegen toekomstige crises door nu te vergroenen. Investeringen in zonneparken, windmolens en het elektriciteitsnet leveren goedkope, gemakkelijk beschikbare stroom. Isolatie van gebouwen vermindert de afhankelijkheid van energie en verlaagt de energierekening van bewoners.

Omdat deze werkzaamheden arbeidsintensief zijn, creëert een herstelplan voor groene energie jaarlijks 9 miljoen banen. Het IMF berekende voor het nieuwe IEA-rapport dat zulke investeringen tot en met 2023 zorgen voor jaarlijks 1,1 procentpunt meer economische groei dan in een scenario zónder groen herstel.

Tegelijkertijd zorgt zo’n vergroeningsplan ervoor dat de mondiale CO2-uitstoot een blijvende daling inzet. Dit jaar neemt de wereldwijde uitstoot door de coronacrisis af met een niet eerder vertoonde 8 procent, maar zonder gerichte investeringen zou die uitstoot daarna weer even sterk opveren. Dat gebeurde ook na de financiële crisis.

Lees ook: Een ‘groen herstel’ na corona kent veel valkuilen

Met een nu ingezette daling komt de CO2-uitstoot „op de route voor het behalen van langetermijndoelen, zoals het Klimaatakkoord van Parijs”, aldus het IEA – wat niet betekent dat de ingrepen voldoende zijn om de opwarming tot ruim onder 2 graden Celsius te beperken, zoals het VN-klimaatakkoord uit 2015 vraagt.

Waar het nog aan schort, schetst de Amerikaanse zakenbank Goldman Sachs dinsdag in zijn rapport Carbonomics, dat ook gewijd is aan groen herstel van de energiesector. De zakenbank ziet al een indrukwekkende verschuiving, een „seismische schok” zelfs, waarin fossiele investeringen plaats maken voor groene. Maar die zijn nog onvoldoende om vergaande verduurzaming te bereiken.

Goldman Sachs verwacht dat investeringen in de energiesector ook in 2021 nog ver onder het oude niveau blijven, waarbij de fossiele sector meer geraakt wordt dan groen. De analisten voorspellen dat er volgend jaar voor het eerst meer investeringsgeld gaat naar duurzame stroom (zoals zon en wind) dan naar olie- en gaswinning.

Gezien de economische en maatschappelijke trend denkt de bank dat die trend doorzet. Zon en wind worden elk jaar goedkoper, terwijl olieprojecten met een lange aanlooptijd alleen maar duurder worden. Daar komt, vooral in Europa, de groeiende druk bij van aandeelhouders op olie- en gasbedrijven om een serieus klimaatbeleid te voeren.

Lees ook: Van de oliesector wordt meer verwacht dan klimaatdoelen

Goldman Sachs ziet echter een gevaar. Er bestaat al brede financiële steun voor zon, wind en biobrandstof, maar nog te weinig voor nieuwe technologie die noodzakelijk is om de wereldeconomie verder te vergroenen, zoals het produceren van waterstof uit water en ondergrondse CO2-opslag. De bank vreest een „vergroening van twee snelheden”.

De bank pleit voor groen herstel en groene banen met nog ruimere investeringen dan het IEA-rapport doet: jaarlijks 1.000 à 2.000 miljard dollar tot 2030. Alleen als die extra miljarden innovatie stimuleren in nieuwe technologie, komt nul CO2-uitstoot medio deze eeuw tegen acceptabele kosten binnen bereik.