Er is tegen geduwd en aan getrokken

bespreekt ontwerpen die op elkaar lijken. Vandaag: duw-en-trekgebouwen in New York en Amsterdam.
Appartementengebouw VIA West 57 van BIG (New York) Foto Herman Bunzing
Appartementengebouw VIA West 57 van BIG (New York) Foto Herman Bunzing

Een nieuw type appartementengebouw noemde de Deense architect Bjarke Ingels VIA 57 West, de door zijn bureau BIG ontworpen kolos met 600 woningen in Manhattan. VIA 57 West staat aan de Hudson River, aan het einde van de Billionaires’ Row, zoals de bijnaam luidt van 57th Street. Maar anders dan de vijf superhoge woonnaalden voor de allerrijkste aardbewoners die de afgelopen jaren in de miljardairsstraat zijn gebouwd, kan VIA 57 West ondanks een hoogte van 142 meter onmogelijk een wolkenkrabber worden genoemd. Vooral gezien vanaf de Hudson oogt het gebouw van BIG als een vreemdsoortige piramide van aluminium.

Vanaf het water is ook goed te zien wat het ‘concept’ van VIA 57 West is. Als uitgangspunt voor zijn ontwerp heeft Bjarke Ingels, die wel eens de nieuwe Rem Koolhaas is genoemd, het goede, ouwe gesloten bouwblok met binnenhof genomen. Vervolgens heeft hij de achterste linkerhoek van de platte doos met een gat als het ware omhooggetrokken en de schuin tegenoverliggende hoek naar beneden geduwd tot een meter of acht. Zo ontstond in 2016 een gebouw met een driehoekig silhouet met een raar gat in het midden, waar een binnentuin voor de bewoners is aangelegd.

Clubhuis tennisclub, ontworpen door MVRDV (Amsterdam-IJburg) Foto MRVD

Terwijl New York werd verrijkt met VIA West 57, kreeg het oude Amsterdam in zijn Vinexwijk bijna tegelijkertijd een gebouw dat ook het resultaat is van getrek en geduw: het clubhuis met daktribune van de tennisvereniging IJburg. Ook de architecten van MVRDV namen voor dit bescheiden gebouw een simpele, rechthoekige doos (maar dan zonder gat) als uitgangspunt. In het midden van de achterste lange kant van de doos trokken ze die omhoog en drukten de daar tegenoverliggende zijde naar beneden. Ook besloten ze, net als BIG, het hele gebouw met één materiaal te bekleden: knaloranje poly-urethaan.

Geheel toevallig is de wonderlijke overeenkomst tussen de gebouwen in oud en Nieuw Amsterdam niet. Zowel Winy Maas, de M van MVRDV, als Bjarke Ingels, de B van BIG, hebben enkele jaren gewerkt bij OMA, het bureau van Rem Koolhaas, de vader van de Superdutch- architectuur. Hier leerden ze allebei hoe ze ‘conceptuele’ architectuur moesten maken.

Winy Maas heeft het werk van Bjarke Ingels en andere Deense architecten omschreven als „Copy & Paste – en soms beter”. Dit bedoelde hij niet denigrerend. Maas is een groot voorstander van het vrije gebruik van elkaars vondsten. Om het taboe op imitatie in de architectuur te bestrijden maakte hij in 2017 het boek Copy Paste, een „bad ass architectural copy guide”. Op zijn beurt heeft Bjarke Ingels nooit ontkend dat hij schatplichtig is aan Superdutch. „Ik ben de eerste om de erfenis van OMA te erkennen”, zei hij eens in een interview. „En van MVRDV en de Nederlandse beweging die in de jaren negentig ontstond. Voor ons is het beslist essentieel dat een ontwerp wordt bepaald door één idee.”