Recensie

Recensie Boeken

Het tragische levensverhaal van de man die premier van Nederland had kunnen worden

H.B. Wiardi Beckman Was hij niet omgekomen in een concentratiekamp dan zou de loopbaan van deze fijnzinnige politicus na de oorlog een hoge vlucht hebben genomen.

Tweede Wereldoorlog, Dr. Herman Bernhard Wiardi Beckman(1904-1945) Dr. Wiardi Beckman, vooraanstaand lid van de SDAP en later lid van de 1e kamer.Is in de oorlog actief in de verzetsbeweging. Hij overlijdt aan vlektyfus in concentratiekamp Dachau op 15 maart 1945.Naar hem is de wetenschappelijke afdeling van de PvdA genoemd.Nederland, plaats en tijdstip onbekend.
Tweede Wereldoorlog, Dr. Herman Bernhard Wiardi Beckman(1904-1945) Dr. Wiardi Beckman, vooraanstaand lid van de SDAP en later lid van de 1e kamer.Is in de oorlog actief in de verzetsbeweging. Hij overlijdt aan vlektyfus in concentratiekamp Dachau op 15 maart 1945.Naar hem is de wetenschappelijke afdeling van de PvdA genoemd.Nederland, plaats en tijdstip onbekend.

Als de geschiedenis een beetje anders gelopen was dan had hij heel goed premier van Nederland kunnen worden. Maar dit is hoe het ging. In de nacht van 17 op 18 januari 1941 wachtte Herman Bernard – ‘Stuuf’ – Wiardi Beckman op het ijskoude strand van Scheveningen. Daar zou Erik Hazelhoff Roelfzema (‘Soldaat van Oranje’) hem met een roeiboot oppikken om hem vervolgens met een, verder van de kust gelegen, motorboot naar Engeland te brengen. De vooraanstaande sociaal-democraat Wiardi Beckman (1904-1945) moest in Londen de Nederlandse regering in ballingschap gaan versterken. Dat was het plan.

Beckman had de tocht naar het strand al zeven keer gemaakt, samen met enkele verzetsstrijders. Telkens ging er iets mis: het weer zat tegen of de motorboot raakte uit koers. Maar deze keer leek het te gaan lukken. Totdat er plotseling een zoeklicht over het strand scheen. Ze waren verraden. Beckman werd ingerekend en zou na jaren gevangenschap in maart 1945 in Dachau overlijden.

Mieterse kerel

Frans en Tamara Becker beschrijven de aanloop naar de nachtelijke strandexpeditie uitvoerig in Op verzoek van Hare Majesteit. De oorlog van Wiardi Beckman, net als de nasleep daarvan. Een hagiografie is het niet geworden, maar de getuigenissen over Wiardi Beckman zijn wel buitengewoon lofrijk.

‘Een zeer charmante persoonlijkheid met de aangeboren hoffelijkheid van een door traditie geslepen fijne geest, maar ook een vervaarlijk strijder tegen onrecht.’

‘Niemand als hij verstond de klop van de nieuwe tijd aan de deur van de Nederlandse politiek.’

‘De meest mieterse kerel die ik ooit heb ontmoet.’

Toen kampcommandant Walter Heinrich in Kamp Amersfoort de barak van Wiardi Beckman binnenkwam, reageerde die zo scherp, ‘dat de anderen vreesden dat hij onmiddellijk gefusilleerd zou worden’, herinnerde een medegevangene zich. Maar: ‘De officier accepteerde zijn gedrag, kennelijk gewend “een meerdere te erkennen in wie hem afbekte”.’

Later, in kamp Natzweiler in de Elzas, werd Arie van Soest, opgepakt omdat hij Het Parool verspreidde, benaderd door een andere medegedetineerde. Die vroeg of hij zijn Stubedienst, een relatief comfortabele baan, zou willen afstaan aan Wiardi Beckman. Van Soest, die een paar dagen eerder halfdood was geslagen in de steengroeve, reageerde: “Daar vraag je me wat. Dan moet ik weer terug naar de Steinbruch. Daar kom ik vandaan met niet al te rooskleurige herinneringen. Goed, na een dag overdenken, dacht ik: je kunt het beter wel doen, want wie ben ik? Wiardi Beckman was een naam, een vooraanstaand socialist. Ik zag hem ook als minister-president. Dat was hij zeker geworden.”

Vlektyfus

In Dachau wilde Wiardi Beckman per se het commando van een blok op zich nemen, al heerste daar de vlektyfus. Later zou hij aan die ziekte bezwijken.

Wiardi Beckman komt uit de beschrijvingen van getuigen naar voren als charismatisch, erudiet – een landgenoot met een boek van de Franse schrijver Mauriac herinnert zich dat ze kennismaakten en meteen een geanimeerd gesprek voerden over Franse literatuur – en, ondanks zijn eigen ellende, steeds begaan met anderen. Mogelijk zijn de herinneringen aan Wiardi Beckman na de oorlog nog wat extra positief ingekleurd door zijn tragische dood. Maar het is hoe dan ook wel begrijpelijk dat koningin Wilhelmina in hem een versterking zag voor haar oorlogskabinet. De samenstelling van dat kabinet was bepaald niet ideaal. Dirk Jan de Geer was in augustus 1940 al opgestapt als premier nadat hij had laten weten enige tijd met vakantie in Zwitserland te willen gaan. Hij geloofde niet in een overwinning. Wiardi Beckman zou het kabinet een nieuwe impuls kunnen geven, met zijn ideeën en met zijn kennis van bezet Nederland, waar hij een rol speelde in het verzet.

Boodschap uit Dachau

Frans en Tamara Becker schrijven ook over het gekonkel in Londen tussen verschillende diensten, de wrijvingen tussen de Nederlanders en de Britten, de problemen bij het verzet in Nederland, en verwikkelingen bij verzetskrant Het Parool, waar Beckman voor schreef. Het levert een boek op met veel namen, wat de leesbaarheid niet altijd ten goede komt. Gelukkig maakten de auteurs een uitgebreid persoonsregister, met een korte omschrijving van alle personen.

Wiardi Beckman zou misschien niet de geschiedenis in zijn gegaan als een groot dichter. Maar ontroerend is het wel, het gedicht dat hij in Dachau schreef voor zijn dochter Suze. Dat eindigt zo:

Mijn kind, zullen wij ooit nog verzen lezen?

Je groeide alleen, – ver was je vader weg:–

Het zal iets goeds, – iets-innig-prachtigs wezen,

Dat ik, ontroering mannend, voor je zeg.

En als ik niet meer bij je terug mag keeren,

Dan heb je, kind, de verzen in je bloed.

Het schoone woord, dat pijn noch dwang kan deeren,

Dat soms mij troost, - te vaak nog snikken doet.