Recensie

Recensie Muziek

Opvolger van Neil Youngs Harvest komt na 45 jaar boven water

45 jaar oud album Het ‘verloren’ album Homegrown van Neil Young blijkt niet de heilige graal die het had moeten zijn. Er ontbreken nummers en de kwaliteit is wisselvallig.

Fans van Neil Young zouden in 1975 hun linker pink hebben gegeven voor een exemplaar van Homegrown, de beoogde opvolger van Harvest die wel voltooid, maar nooit uitgebracht werd. De songs over zijn amoureuze breuk met actrice Carrie Snodgress waren té persoonlijk, vond Young. Hij had het druk met een tour van Crosby, Stills, Nash & Young en nieuwe muziek op de albums Tonight’s The Night en Zuma: de hereniging met zijn altijd trouw in de schaduw wachtende begeleidingsband Crazy Horse.

Homegrown verdween op de plank en kreeg een bijna mythische status, gevoed door het feit dat Young enkele songs naar buiten bracht op het verzamelalbum Decade en de uit kliekjes samengestelde platen American Stars & Bars en Hawks & Doves. 45 jaar na dato verschijnt een versie van Homegrown die, slechts 35 minuten kort, veel van de mythe wegneemt over de vermeende heilige graal uit Youngs tape-archief.

Flauw bluesje

Wat was er bijvoorbeeld zo persoonlijk aan ‘We Don’t Smoke It’, een flauw bluesje met maar één regel tekst? En wat is de charme van de onsamenhangende jeugdherinnering ‘Florida’, uitgesproken met angstaanjagende begeleiding van een natte vinger die over de rand van een glas wordt bewogen?

De hoogtepunten zijn schaars. ‘Vacancy’ is een zompige rocker zoals alleen Young ze kon maken, met een venijnige tekst over de voorbije liefde: „You poisoned me with that long vacant stare”. ‘Seperate (sic) Ways’ en ‘Kansas’ zijn country en folk zoals Young ze moeiteloos uit de mouw schudt. Pianoballade ‘Mexico’ en een rudimentair ‘Homegrown’ waren duidelijk nog niet af. ‘Little Wing’ en ‘Stars of Bethlehem’ (met mooie achtergrondzang van Emmylou Harris) werden al eerder als vulmateriaal op andere albums gebruikt. Alleen ‘White Line’ komt werkelijk in de buurt van de magie van Harvest, met Youngs harmonica prominent op de voorgrond. Rest alleen nog het niemendalletje ‘Try’ met de Young-waardige onzintekst „I like to take a chance / But shit Mary, I can’t dance.” Zoals Randy Newman ooit half bewonderend over zijn collega zei: ,,Neil Young gooit een handvol woorden tegen de muur en ziet wel wat er blijft hangen.”

‘Deep Forbidden Lake’, ‘The Old Homestead en ‘Love Art Blues’, opgenomen tijdens dezelfde sessies en indertijd bedoeld voor Homegrown, schitteren door afwezigheid. Neil Young beweert dat de versie die nu uitkomt de enige echte is. Een element van geschiedvervalsing is de 74-jarige rockveteraan niet vreemd. Homegrown is een heel aardige plaat, meer niet.