Gaan bonden looneis al verlagen?

CAO-Onderhandelingen Lang bleef de loonstijging achter bij de groei. Maar net nu een looneis van 5 procent gangbaar werd, gooit corona roet in het eten.

In de nieuwe cao voor vrachtwagenchauffeurs zijn de bonden dit jaar akkoord gegaan met een nullijn.
In de nieuwe cao voor vrachtwagenchauffeurs zijn de bonden dit jaar akkoord gegaan met een nullijn. Foto Hans van Rhoon

Vakbondsbestuurders bij de FNV moesten een enorme ommezwaai maken in maart van dit jaar.

Al meer dan een jaar eisen zij in alle sectoren een loonsverhoging van 5 procent. Het is tijd voor een inhaalslag, vond de grootste vakbond, omdat de loonstijging te lang is achtergebleven bij de economische groei.

Maar nu is alles anders. Sommige ondernemers worden hard geraakt door de coronacrisis, anderen zijn vooral onzeker over de toekomst. Dus, zeggen werkgeversorganisaties, moeten werknemers soms bereid zijn om een loonsverláging te accepteren, om de werkgelegenheid op de lange termijn te waarborgen.

Woensdag kwamen de werkgeversverenigingen VNO-NCW, MKB-Nederland en AWVN met een nieuwe versie van hun ‘arbeidsvoorwaardennota’. Daarin geven ze bedrijven tips bij het bedenken van cao-afspraken.

Openbreken geen taboe

Het openbreken van eerder overeengekomen arbeidsvoorwaarden moet geen taboe zijn, schrijven de organisaties. Nieuwe afspraken kunnen „noodzakelijk zijn voor de continuïteit van het bedrijf en voor het behoud van de werkgelegenheid op de langere termijn”.

De werkgevers noemen allerlei mogelijkheden om tijdelijk te snijden in arbeidskosten: de pensioenopbouw pauzeren, de winstuitkering schrappen, de periodieke verhoging binnen de loonschaal overslaan. En als het bedrijf zich in „extreem slecht weer bevindt”: tijdelijke verlaging van de lonen, in ruil voor meer verlofdagen.

Lees ook: Achter de schermen bij moeizaam cao-overleg: ‘Zoals we al vreesden: ze laten ons in de steek’

Vooral op die laatste optie reageren vakbonden afwijzend. „In crisistijden grijpen werkgevers hier snel naar”, zei Zakaria Boufangacha, de landelijk cao-coördinator van de FNV, woensdag. „Maar zodra het goed gaat, blijven de lonen achter.”

In meerdere sectoren pleiten bedrijven al voor het versoberen van cao-afspraken, maar vakbonden zijn nog terughoudend om daaraan mee te werken.

In nieuwe cao’s buigen de vakbonden al wél af en toe mee met werkgevers. Zo blijven vrachtwagenchauffeurs die onder de cao ‘beroepsgoederenvervoer’ vallen, dit jaar op de nullijn staan, met goedkeuring van de vakbonden FNV, CNV en De Unie. Een soortgelijke afspraak maakten FNV en CNV bij hoveniers.

Nog flinke loonsverhogingen

Tegelijk zijn er in de publieke sector nog flinke loonsverhogingen afgesproken in mei. 5,3 procent per jaar voor ambulancepersoneel, 4 procent voor docenten en medewerkers in het mbo-onderwijs en 3,7 procent voor personeel op hbo-instellingen.

Cao-onderhandelingen liggen grotendeels stil door onzekere vooruitzichten

Er worden nu vooral mínder cao’s afgesloten, zei Raymond Puts, voorzitter van werkgeversvereniging AWVN, donderdag in een gezamenlijk webinar met FNV’er Boufangacha.

Cao-onderhandelingen die al gaande waren, werden meestal gepauzeerd omdat de vooruitzichten zo onzeker zijn. Puts: „Normaal worden er zo’n vierhonderd cao’s per jaar afgesloten, nu zijn het er niet meer dan acht of negen per maand.”

Aangepaste looneis

In navolging van de werkgeversverenigingen, komt ook vakbond FNV binnenkort met een nieuwe arbeidsvoorwaardennota, mogelijk met daarin een aangepaste looneis. De vakbond wil daar nog niks over zeggen, omdat de eigen leden nog moeten instemmen met de nota.

Bovenal wil de FNV afspraken blijven maken over zekerheden voor flexwerkers, zei Boufangacha in het webinar. „Voor corona verschenen er veel analyses over de verschillen tussen flex en vast. Corona heeft duidelijk gemaakt wat de gevolgen daarvan zijn: veel flexwerkers en zzp’ers zijn nu de dupe. Het zou zonde zijn als we dat in nieuwe cao’s negeren.”

Daar stelde Puts iets tegenover. Hij verwees naar de commissie-Borstlap, die in opdracht van het kabinet adviseerde over nieuwe regels rond werk. „De vraag van Borstlap is óók: hoe maken we dat vaste contract wat flexibeler? We moeten nu ook kijken: hoe weten we de cao’s wendbaarder en flexibeler te maken?”

In de horeca bijvoorbeeld leiden seizoensinvloeden nu eenmaal tot grote pieken en dalen in de werkgelegenheid, zei Puts. „Als we dat in het vaste contract niet kunnen oplossen, zijn we genoopt dat met flexibele werknemers te doen.”

Wat Puts betreft is het veiligstellen van toekomstige werkgelegenheid in cao-onderhandelingen altijd belangrijker dan de hoogte van het loon. „Het belangrijkste voor werknemers is maximaal baanbehoud.”