Recensie

Recensie Muziek

Een vrome provinciaal en ironische kosmopoliet

Anton Bruckner en Igor Stravinsky waren tegenpolen: Bruckner een vrome provinciaal die onbegrepen klankkathedralen schiep, Stravinsky de ironische kosmopoliet die vroeg succes oogstte en zichzelf meermaals meesterlijk heruitvond. Dat ze zo verschillend zijn maakt het extra leuk om ze bij elkaar te zetten. De prachtig gezongen en opgenomen nieuwe cd van het Rundfunkchor Berlin en zijn Nederlandse chef-dirigent Gijs Leenaars bevat twee missen voor gemengd koor en blazers – vrij onbekend werk voor een ongewone bezetting. Bruckners Mis in e klein (1866; herzien 1882) heeft een symfonische spanningsboog. Bruckner bewaart het beste voor het laatst: het Agnus Dei eindigt ingehouden, peinzend, met een brutale tegenstem van de blazers. De overgang naar Stravinsky’s neoklassieke Mis (1948) verloopt daardoor soepel. Het symmetrisch opgezette stuk is beknopt, contrastrijk en koel van toon en maakt minstens zo veel indruk als Bruckner.