Reportage

Een veldslag met louter verliezers

Rellen Dijon In de getroffen wijk Grésilles domineert vooral het gevoel dat Franse staatsburgers aan hun lot zijn overgelaten.

Het doorgaans rustige Dijon haalde afgelopen dagen ineens de wereldpers als „oorlogszone”.
Het doorgaans rustige Dijon haalde afgelopen dagen ineens de wereldpers als „oorlogszone”. Foto’s Philippe Desmazes/AFP

Toen Marine Le Pen dinsdagavond een bliksembezoek bracht aan Dijon, had ze aan superlatieven geen gebrek om de situatie te beschrijven. De inwoners „wisten niet meer of ze zich nou in het Wilde Westen bevonden, in Bagdad of op de set van A Clockwork Orange of Mad Max”, zei de voorzitter van het extreem-rechtse Rassemblement National.

Le Pens bezoek volgde na vijf dagen waarin de doorgaans rustige hoofdstad van de Bourgogne de wereldpers haalde als „oorlogszone”, waar Tsjetsjeense en Maghrebijnse bendes elkaar met grof geweld te lijf gingen – terwijl de Franse politie toekeek. Directe aanleiding was een vechtpartij in de Black Pearl, een shishabar in het centrum van Dijon. Die is nu dichtgetimmerd. „Ne pas toucher”, staat er op het gebouw. Niet aanraken.

Het verhaal dat de ronde deed, was dat een week eerder een 16-jarige Tsjetsjeense jongen in elkaar geslagen was door leden van een Maghrebijnse drugsbende. Die zou de jongen een pistool in de mond hebben geduwd: een boodschap aan de Tsjetsjeense gemeenschap, dat die niets te zoeken heeft in Dijon.

Daarop reisden op vrijdag honderden Tsjetsjenen uit heel Frankrijk – en volgens sommigen ook uit België, Duitsland en Nederland – naar Dijon voor een strafexpeditie. Ze sloegen de Black Pearl kort en klein en trokken daarna naar Grésilles, een buitenwijk van Dijon met veel inwoners met een Maghrebijnse achtergrond. Vrijdag, zaterdag en zondag raakten Tsjetsjeense jongeren slaags met inwoners die zich wilden verdedigen.

Volgens bewoners trok een groep van wel tweehonderd mannen met onder meer messen en ijzeren staven door de wijk. Op sociale media verschenen van gemaskerde jongeren met revolvers en riotguns. Hier werd een auto in brand gestoken. Foto Philippe Desmazes/AFP

„Drie dagen lang heeft een bende van tweehonderd man gewapend met messen en ijzeren staven een buurt van achtduizend inwoners geterroriseerd. Tientallen mensen zijn in het ziekenhuis beland”, zegt Benali Anani, een 37-jarige ambtenaar en buurtbewoner. „De politie heeft dat al die tijd laten begaan. Dus op dag vier besloten we onszelf te verdedigen.”

Op sociale media verschenen video’s van gemaskerde jongeren die paradeerden met revolvers, riotguns en tenminste één kalasjnikov. Er is in de lucht geschoten. „Ik begrijp dat dit choqueert”, zegt Anani. „Maar wij waren juist gechoqueerd door de manier waarop de politie, de staat, ons aan ons lot heeft overgelaten.”

Kwaadwillenden

Die lezing, die veelvuldig is overgenomen door media, wordt door sommige betrokkenen betwist. De rellen zouden zijn uitgebroken toen een Albanese jongen in elkaar werd geslagen bij de shishabar. Die zou vervolgens de hulp hebben ingeroepen van zijn broer, die een 19-jarige Tsjetsjeense vriend meebracht ter versterking. De vader van de Tsjetsjeense jongen zei dit donderdag anoniem tegen de lokale krant Le Bien Public. Volgens hem hadden kwaadwillenden geprobeerd de Tsjetsjeense gemeenschap tegen de Arabische op te zetten. Hij ontkende dat hij zelf had opgeroepen tot een wraakactie.

Hoe geloven jongeren straks nog dat de politie er is om hen te beschermen?

Een afrekening tussen drugsbendes, etnische minderheden die Frankrijk overnemen, gewone Tsjetsjenen die het werk deden van de Franse politie door drugsdealers aan te pakken; het verhaal dat in de wijk domineert is vooral dat Franse staatsburgers aan hun lot zijn overgelaten toen mensen van buitenaf het recht in eigen handen namen en onschuldige voorbijgangers het ziekenhuis in sloegen. „Politici hebben altijd de mond vol van ‘het heroveren van de wijken voor de republiek’”, zegt Malik Belhenini (45) verwijzend naar de terminologie die bijvoorbeeld president Emmanuel Macron gebruikt om de situatie in Franse probleemwijken te beschrijven. „Maar de republiek heeft ons deze week in de steek gelaten.”

Rust hersteld

Deze donderdag lijkt de rust hersteld in Grésilles. Het is marktdag, mannen drinken koffie op het terras, vrouwen doen inkopen. In Frankrijk heeft elke stad groot of klein zijn probleemwijk, maar Grésilles is lang niet de ergste. Sinds 2005 zijn de monsterlijke woonblokken afgebroken en vervangen door gewone woningen. Er is geïnvesteerd in sportfaciliteiten, een mediatheek. Er is een goede tramverbinding met het centrum.

„Het leven is hier niet slecht”, zegt Belhenini, maar ook hij neemt de term „Wilde Westen” in de mond voor wat er is gebeurd. De feiten lijken de wijkbewoners gelijk te geven. De politie wachtte bijna een week met het arresteren van vijf betrokken Tsjetsjenen. Aanvankelijk werden alleen buurtbewoners opgepakt.

Inmiddels is de rust in de wijk weer hersteld Foto Philippe Desmazes/AFP

Belhenini was een van de bewoners die was uitgenodigd voor een gesprek dinsdag met staatssecretaris Laurent Nuñez. Die had een bezoek aan Grésilles aangekondigd, maar op het laatste moment stuurde hij auto’s om de buurtbewoners naar de prefectuur in het centrum te brengen. „Halverwege hebben we het konvooi gestopt en zijn we terug naar huis gegaan”, zegt Belhinini. „Door niet naar ons te komen, gaf Nuñez de boodschap dat onze wijk een no-go-zone is. Daar wilden we niet aan meewerken.”

Woensdagavond was er een verzoenend gesprek in de moskee van Quetigny, een buitenwijk van Dijon, in de aanwezigheid van de vader en een Tsjetsjeense imam. „Wij hebben niks tegen de Tsjetsjeense gemeenschap in Dijon”, zegt Belhenini. „De staat heeft in Dijon een enorme kans gemist om te tonen wat die ‘republiek’ nou inhoudt. Iedereen weet dat er mensen zijn die vinden dat sommige jongeren niet bij de samenleving horen. Wat hier is gebeurd, geeft hen gelijk. Hoe wil je dat een jongere straks nog gelooft dat de politie er is om hem te beschermen?”