Opinie

Niets is te gek, alles is denkbaar

Terwijl de luchtvaart star vasthoudt aan oude tijden, staat bij kunstinstellingen terug naar het oude niet op de agenda. Joyce Roodnat ziet inventieve, gevaarlijke, bloed-actuele initiatieven.

Joyce Roodnat

Het gaat niet aan om wéér in te hakken op the boys that matter in de Nederlandse luchtvaart, maar ze vragen erom. Nu er weer gevlogen kan worden, laat het Radio 1 Journaal een Schiphol-directeur aan het woord. Hij is ontevreden. Zo kunnen ze geen zaken doen. Gooi de boel gewoon open, in de vliegtuigen is het veilig. (Daarbuiten niet als Covid-19 is meegelift en na aankomst zijn gemene gang weer gaat, maar dat doet er niet toe). Verduurzaming? Nee, zeg. Minder heel goedkope vluchten, dan? Uitgesloten. De directeur is onflexibel als de hel. Alles in de luchtvaart moet zo snel mogelijk terug naar het oude en daar blijven.

Vergelijk dat eens met de kunsten. Ook een arbeidsverschaffer van jewelste, ook geliefd bij een massaal publiek, ook verlamd door de coronamaatregelen. Maar opvallend inventief. Terug naar het oude staat niet op de agenda. Niets is te gek, alles is denkbaar.

De musea passen zich aan met reserveringssystemen en looproutes, maar inhoudelijk houden ze zich niet in. In Rotterdam hangt de Kunsthal vol met enorme wandtapijten – wollen wonderen van Picasso, Louise Bourgeois, Alexander Calder en noem maar op – en zie ik in het Nederlands Fotomuseum de nieuwe video’s van Paulien Oltheten – de fotografe met oog voor de ontroering van een huppeltje in de goot en meer van die menselijke onbewustheden.

Ook de theatermakers staan op scherp. Wat doe je met je publiek? Dat stop je bijvoorbeeld in de auto. In Rotterdam staan we met een auto of twaalf op een parkeerdek waar Mooi Weer & Zo een lekker opgefokte versie speelt van het prachtstuk Speed-The-Plow. In een verlaten drukkerij in Alkmaar kachelen er telkens zes auto’s door het complex voor het ‘drive through theater’ van de groep De Karavaan. Vijf monologen, één verhaal, over auto’s en ongelukken en liefde, inclusief een paringsdans met zo’n gele praatpaal van de ANWB.

Dennis Tiecken in het ‘drive through theater’ van Karavaan. Foto Erik van Zuylen

Monologen zijn een logische uitkomst van het corona-keurslijf. Monologen zijn een prachtige vorm, maar ook gevaarlijk. Mislukt een monoloog dan is iedereen beschaamd, de speler, maar het publiek ook. In Den Haag spelen ze, onder het strijdbare motto ‘Het Nationale Theater speelt altijd’, de hele tijd monologen. De acteurs en actrices staan er alleen voor, alleen heel goed zijn kan hen redden.

In de Stadsschouwburg in Amsterdam speelt actrice Joy Delima haar autobiografische Stamboommonologen. Bloed-actueel in het licht van #BlackLivesMatter. Bijna onfatsoenlijk intiem want niet alleen zij is alleen, wij net zo goed, allemaal op afstand van elkaar, op aan de grond genagelde stoelen. Joy Delima is een orkaan en wij kunnen geen kant op.