Opinie

Dit zijn weken van grote beslissingen

Tom-Jan Meeus

Daar gaan we dan. De Kamerverkiezingen zijn volgend jaar, maar de komende twee weken zijn medebepalend voor de uitkomst. We krijgen zicht op het D66-lijsttrekkerschap (vermoedelijk vanaf komend weekeinde), dat van het CDA (vanaf volgende week vrijdag) en, niet te vergeten, een EU-coronafonds voor Zuid-Europa (vanaf vrijdag).

De media-aandacht voor dit laatste is klein – maar dat wordt een nagelbijter. Premier Rutte en zijn minister van Financiën Hoekstra hebben de principeafspraak dat ze elkaar niet loslaten, en de laatste weken lieten ze in de VVD- en CDA-fracties stilletjes aftasten of er manoeuvreerruimte is. Het antwoord was voorzichtig positief – maar het risico blijft enorm. Een peiling voor de Volkskrant liet zien dat circa zeventig procent van VVD- en CDA-kiezers geen fonds met Nederlandse bijdrage wil. Maar Merkel heeft voor zo’n fonds gekozen en de ‘vrekkige vier’ waarmee Nederland optrekt zwalken: Denemarken lijkt af te haken en Oostenrijk zwijgt omineus. In het kabinet voelen ze de nederlaag aankomen, dus zoeken Rutte en Hoekstra rugdekking. Vooral voor Rutte is het een link dossier, want één dissident coalitie-Kamerlid, mogelijk een partijgenoot, kan hem Nederlands én Europees gezichtsverlies bezorgen, met Wilders en Baudet op het vinkentouw. De eerste Europese top hierover is vrijdag – het zal zeker niet de laatste zijn.

Hoekstra is ook cruciaal voor het CDA-lijsttrekkerschap, al verraste hij de laatste maanden binnenskamers leden van Rutte III – ik ken er vier – door te vertellen dat hij nog niet weet of hij wil. Dit maakte de tongen nogal los, maar in Hoekstra’s omgeving zeiden ze: hij bedoelde alleen maar dat hij er door corona nog niet over had nagedacht. In elk geval lijken de kansen van concurrent De Jonge sterk verbeterd, terwijl niemand Mona Keijzer moet onderschatten: niet omdat ze veel kans maakt op het leiderschap, wel omdat ze samenwerking met Baudet niet wil uitsluiten.

In de D66-top is de afspraak dat de twee met belangstelling voor het lijsttrekkerschap, Kaag en Jetten, elkaar uiterlijk komend weekeinde duidelijkheid geven. Het jammere voor Jetten is: D66 is sinds dag één verliefd op Kaag, als vrouw met een internationale reputatie. Dus als zij meedoet wordt ze het, en als ze niet meedoet blijft Jetten met een gedemoraliseerde partij achter.

Mensen wijzen naar de peilingen om vast te stellen dat Rutte niet meer kan verliezen. Dit is veel te vroeg . Bekijk bijvoorbeeld de peiling die 25 juni 2001 werd gepubliceerd met het oog op de verkiezingen van voorjaar 2002. De PvdA, toen de grootste, stond op 41 zetels. In 2002 haalde ze er 23, en werd de vierde partij.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Lotfi El Hamidi.