AIVD weet te weinig van Syriëgangers om nationaliteit te kunnen intrekken

Syriëgangers Sinds de nieuwe wet in 2017 zijn slechts een handvol intrekkingen op ruim driehonderd Syriëgangers geweest. Reden: inlichtingendienst AIVD heeft te weinig betrouwbare informatie.

Huiszoeking bij een Utrechtse jihadverdachte.

Huiszoeking bij een Utrechtse jihadverdachte.

Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

Inlichtingendienst AIVD heeft te weinig betrouwbare informatie over Nederlandse Syriëgangers om vast te stellen wanneer en voor welke terroristische strijdgroep zij actief zijn geweest. Hierdoor komt het kabinetsbeleid om Syriëgangers het Nederlanderschap te ontnemen niet van de grond. Dat blijkt uit een rapport van de toezichthouder op de inlichtingendiensten, CTIVD.

Syriëgangers kunnen sinds 2017 hun Nederlanderschap verliezen, ook zonder dat zij al strafrechtelijk zijn veroordeeld. Hiervoor is een ambtsbericht van de AIVD nodig, waaruit blijkt dat een persoon in 2017 of later actief is geweest voor een terreurbeweging zoals IS. Het kabinet heeft echter weinig gebruik gemaakt van de maatregel, tot ergernis van partijen in de Tweede Kamer. Er zijn slechts een handvol intrekkingen op ruim driehonderd Syriëgangers. Dit is met name te wijten aan het geringe aantal ambtsberichten dat de AIVD aanlevert over Syriëgangers waarvan het Nederlanderschap kan worden ingetrokken: twaalf stuks in totaal.

Over ruim negentig procent van de onderzochte dossiers van uitreizigers, kon de AIVD geen ambtsbericht opstellen, schrijft de CTIVD in haar rapport. In veruit de meeste gevallen heeft de AIVD te weinig informatie. „Door de ontwikkelingen in de regio in de periode van 2015 tot en met 2017 was sprake van minder zicht op de targets in Irak en Syrië. Dit gold met name voor hun aansluiting bij specifieke organisaties”, schrijft de toezichthouder.

Uit één bron

Over sommige Syriëgangers heeft de AIVD weliswaar inlichtingen, maar kan die niet in een ambtsbericht vermelden omdat de informatie maar uit één bron komt of van een buitenlandse inlichtingendienst die hiervoor geen toestemming geeft. De toezichthouder adviseert de AIVD om concreter beleid te ontwikkelen over verifiëren van inlichtingen ten behoeve van een ambtsbericht.

Lees ook: Interview met Syriëganger Maher H. die zijn Nederlanderschap kwijtraakt

Uit het rapport blijkt tevens dat de AIVD met grote tegenzin aan de slag ging met de uitvoering van de wet uit 2017. Na invoering gaf de AIVD intern te kennen dat zij bijna geen ambtsberichten zou gaan uitbrengen, omdat de dienst het niet tot haar taak rekent „inlichtingen te verzamelen ten behoeve van het intrekken van het Nederlanderschap”. De dienst zag vooral het nut niet in van de maatregel. Ook zonder Nederlandse nationaliteit kunnen Syriëgangers immers een terroristische dreiging vormen en onder de radar naar Nederland terugkeren.

Geen actieve opvolging

Zelfs toen minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) in juni 2018 de Tweede Kamer toezegde dat van alle uitreizigers zou worden nagelopen of hun nationaliteit kan worden ingetrokken, leidde dit binnen de AIVD ‘niet tot actieve opvolging’, aldus het toezichtsrapport. Pas toen de Tweede Kamer in 2019 een motie van dezelfde strekking aannam, maakte de geheime dienst er werk van. Er werd een Taskforce Ambtsberichten opgericht, maar die kwam na het doorlopen van ruim honderd dossiers van uitreizigers niet verder dan negen ambtsberichten – vanwege het gebrek aan informatie.

Volgens de CTIVD is het terecht dat de dienst geen ambtsberichten opstelt over jihadisten waarvan te weinig informatie beschikbaar is. De twaalf ambtsberichten die wel zijn opgesteld, zijn volgens de toezichthouder goed onderbouwd.

De AIVD zegt in een reactie dat de dienst „zicht heeft op Syriëgangers”, maar dat over hen niet altijd gegevens kunnen worden verstrekt omdat dit is gebonden aan „specifieke eisen”.