Analyse

Eindelijk ziet de beurs weer een platenbaas

Deze rubriek belicht iedere maandag beursfondsen die in de belangstelling staan. Ditmaal: Warner Music Group.

De muziekindustrie is geen melaatse meer. Dat liet de succesvolle beursgang van Spotify al zien, drie jaar geleden aan de New York Stock Exchange. Maar ook het Chinese techbedrijf Tencent onderstreepte die notie toen het in december vorig jaar omgerekend 3 miljard euro neertelde voor een belang van een tiende in Universal Music Group. En begin deze maand ging het aandeel Warner Music Group in de verkoop aan de Nasdaq, de grootste beursgang dit jaar in de Verenigde Staten.

Een platenlabel aan de Amerikaanse beurs: het is alweer even geleden. Negen jaar, om precies te zijn. Toen was het datzelfde Warner – dat zich uitschreef aan de Nasdaq. De op twee na grootste platenmaatschappij wereldwijd, na Universal en Sony, was toen net gekocht door investeringsvehikel Access, van de Oekraïens-Amerikaanse miljardair Len Blavatnik.

Die Blavatnik betaalde destijds – we schrijven 2011 – 3,3 miljard dollar (2,9 miljard euro) voor een meerderheidsbelang in Warner. Dat was een ongekend hoog bedrag voor een bedrijf in een bedrijfstak die langzaam maar zeker aan het verschrompelen was. Kanalen als Kazaa, Napster of Pirate Bay maakten het toen al een jaar of tien mogelijk het laatste Wu-Tang Clan-album te downloaden zonder ervoor te betalen. Cd’s, waarvan de hoge verkoop in de jaren negentig Universal, Warner en Sony het hoofd op hol bracht, wilde ineens niemand meer. De ‘Grote Drie’ hadden lang geen antwoord op die aanzienlijke inkomstenderving.

Terug naar 2020. Hoe anders staat de muziekindustrie er inmiddels voor, zegt Hamilton Faber van het Londense Atlantic Equities – voorlopig de enige analist die Warner volgt. „De markt groeit nu al vijf jaar. De inkomsten uit streamen zijn groot genoeg om de afname in cd’s en lp’s op te vangen.”

Streamingdiensten

Analisten van zakenbank Goldman Sachs denken dat de omzet in de gehele industrie in 2030 zo’n 130 miljard dollar zal bedragen. Dat is een verdubbeling ten opzichte van nu. Grootste drijver van die toename: Spotify en andere streamingdiensten, die het komende decennium nog veel meer gebruikers gaan krijgen.

Het succes van Warners beursgang onderstreept die winning streak, zegt analist Faber. Een aandeel kostte bij het debuut 25 dollar en koerst inmiddels een comfortabele 20 procent hoger. De platenmaatschappij, die geen nieuwe aandelen uitgaf, haalde 1,9 miljard dollar op met de Nasdaq-notering. Daarmee heeft miljardair Blavatnik een groot deel van zijn investering terug.

De prospectus die Warner voorafgaand aan de beursgang publiceerde, laat zien hoeveel het bedrijf veranderd is het afgelopen decennium. In 2010, het laatste jaar dat het bedrijf cijfers presenteerde voor het de beurs verliet, kwam de helft van de 2,9 miljard dollar omzet uit cd’s en lp’s. Downloads en streams waren goed voor minder dan een kwart. Bij de omzet vorig jaar (4,5 miljard dollar) was die verdeling precies andersom. Intussen stijgen Warners inkomsten al drie jaar op rij.

De afhankelijkheid van streamen maakt Warner kwetsbaar, zegt analist Faber. Spotify en Apple Music dragen 27 procent bij aan de inkomsten van de platenmaatschappij. Dat geeft de techbedrijven onderhandelingsmacht. Om de twee, drie jaar spreken Universal, Warner en Sony nieuwe licentiedeals af met de diensten. Blijft Spotify groeien zoals het nu doet, dan kan het nog scherper voorwaarden afdwingen.

Daar komt de Covid-periode nog eens bij. Voorlopig luisteren thuiszittende mensen zoveel naar muziek dat het effect van de weggevallen inkomsten uit de fysieke verkoop meevalt.