Profiel

Lewis Hamilton lijkt de juiste toon aan te slaan in het racismedebat en inspireert velen

Lewis Hamilton De enige zwarte coureur in de Formule 1, Lewis Hamilton (35), vindt dat de wereld nog een lange weg te gaan heeft als het om racisme gaat. Een portret van een uitgesproken kampioen. „Ik ben nog steeds aan het vechten.”

Lewis Hamilton
Lewis Hamilton Foto William West/AFP

‘Ik keur geweld of criminele activiteiten niet goed, maar jullie hebben genoeg tijd gehad om dit zelf te doen en dat hebben jullie niet gedaan. Power to the people.”

In die bewoordingen liet Formule 1- coureur Lewis Hamilton zich vorige week op Instagram uit over de anti-racisme demonstranten die een standbeeld van slavenhandelaar Edward Colston omver trokken in Bristol. Colston was „een monster”, schreef hij, die geen standbeeld verdiende. „TEAR THEM ALL DOWN. Everywhere.”

Het was de eerste noch de laatste keer dat Hamilton, zesvoudig wereldkampioen en de enige zwarte coureur in de Formule 1, zich uitsprak over Black Lives Matter, een wereldwijde beweging die zich keert tegen alle vormen van geweld tegen zwarten. In een lange post vertelde hij hoe het was om in Engeland als zwarte jongen op te groeien met racisme. Buiten de baan werd hij „gepest en geslagen” en dat liet „onmeetbare negatieve psychologische gevolgen na”. Daarom rijdt hij zoals hij rijdt, schreef hij. „Het gaat veel dieper dan de beoefening van een sport. Ik ben nog steeds aan het vechten.”

Hamilton was een van de eerste sporters die zich uitsprak over George Floyd, een zwarte Amerikaan die eind mei stierf nadat een agent minutenlang met zijn knie op zijn nek had gezeten. Hamilton ergerde zich openlijk aan collega’s, „grootste sterren” die er na „dit onrecht” het zwijgen toe deden. Binnen 24 uur kwamen Daniel Ricciardo, Carlos Sainz, Lando Norris, George Russell, Charles Leclerc en Nico Rosberg over de brug.

Wie is Lewis Hamilton en wat drijft de man die zich inzet voor dierenwelzijn, de Britse regering beschimpte voor haar lakse coronabeleid en die wereldleiders – zijn milieuonvriendelijke levensstijl ten spijt – opriep het klimaat te beschermen?

Lewis Hamilton wordt in 1985 in Stevenage geboren, zo’n 50 kilometer ten noorden van Londen. Zijn grootvader Davidson Hamilton emigreerde in 1955 vanaf het Caribische eiland Grenada naar Londen, waar hij als raillegger aan de slag ging. Hij ontvluchtte Grenada mede vanwege de heftige orkanen, maar zou er eind jaren zeventig terugkeren.

De in 2018 overleden Davidson en Lewis waren „heel close”, vertelt Hamiltons grootmoeder Uelisia, die nog altijd op het eiland woont. Ook haar man hield van racen, zij het dat hij niet verder kwam dan de stoffige wegen van Grenada. Na een fikse boete ruilde hij zijn Austin A40 in voor een minibus, waarin hij zijn laatste levensjaren kinderen naar school bracht.

Lees ook de column van Carolina Trujillo over Lewis Hamilton

Dat zoon Anthony met een blanke vrouw trouwde en in het overwegend blanke Stevenage ging wonen, lag niet voor de hand, schrijft Frank Worrall in zijn biografie Lewis Hamilton, F1-kampioen. Anthony verdiende weinig bij British Rail, maar was vastbesloten iets van zijn leven te maken. Hij „weigerde zich te laten intimideren en gaf geen krimp, net als Lewis in latere jaren”. De „Hamilton-trots” is volgens Worrall geworteld in godsbesef, iets wat grootmoeder Uelisia bevestigt. Lewis is geen Zevende-Dags Adventist, zoals zij, zegt ze, maar hij heeft wel „religieuze overtuigingen”.

Tweede vader

Anthony en Carmen scheidden twee jaar na de geboorte van Lewis, die een halfbroer en twee halfzussen heeft. Zijn vader en hij trokken er geregeld samen op uit, en de nabijgelegen kartbaan was hun favoriete bestemming. Anthony was verheugd toen hij merkte dat zijn zoon aanleg had, en op de lagere school al interesse voor de Formule 1 kreeg.

Lewis was tien toen hij tot kartkampioen van Groot-Brittannië werd gekroond. Een jaar later zou hij de man ontmoeten die insiders als zijn tweede vader beschouwen: Ron Dennis, toenmalig teambaas van McLaren.

In zijn biografie beschrijft Worrall hoe de kennismaking verliep. Lewis vroeg ‘Big Ron’ bij een prijsuitreiking om een handtekening en meldde dat hij voor McLaren wilde rijden. ‘Ik wil wereldkampioen worden’, zei hij. Dennis schreef de – nu fameuze – woorden in het handtekeningenboekje van Hamilton: ‘Vraag me dat over negen jaar nog eens.’

Lewis Hamilton viert zijn zege in de Grand Prix van Monaco, 2016.

Foto Eric Gaillard/Reuters

Die negen jaar zouden drie jaar worden, want Hamilton ontwikkelde zich zo snel, dat Dennis hem op zijn veertiende al een development contract aanbood bij McLaren. Er volgden overwinningen in de Formula Renault UK, de Eurocup, de Formule 3 en de GP2 Series. Tijdens zijn debuut in de Formule 1, in 2007 in Australië, eindigde Hamilton als derde, achter teamgenoot Fernando Alonso, met wie hij niet goed overweg kon.

„Na de eerste overwinning van Lewis in de Formule 1, in Montreal, droop de ontevredenheid van het gezicht en het lichaam van Alonso af”, schrijft Worrall. „Hij was blijkbaar blind voor het feit dat hij een voorkeursbehandeling kreeg ten opzichte van zijn debuterende teamgenoot – zo vond althans een groot deel van het Britse publiek, want Big Ron Dennis zei in het openbaar altijd wel dat zijn beide coureurs precies dezelfde kansen kregen, maar dat kon alleen maar bedoeld zijn om de onrust onder de Britse fans de kop in te drukken.”

Andere levensstijl

„Slim”, „excentriek”, „attent” en „recht door zee”. Zo karakteriseren mensen die Hamilton goed kennen hem. „Coureurs, maar ook fans moesten in het begin erg aan hem wennen”, zegt oud-Formule 1-journalist Matt Bishop, die als communicatiedirecteur voor McLaren werkte in de tijd dat Hamilton daar reed. „Lewis was niet alleen zwart, hij hield er ook een andere levensstijl op na dan zijn collega’s. Hij ziet eruit als een rap-ster, stijlvol, met elke week een andere haardracht.”

Als zwarte coureur ligt hij onder een vergrootglas, vindt Michael Eboda, die Hamilton voor The Observer interviewde toen hij elf was. Ook coureurs als James Hunt en Ayrton Senna leidden een glamoureus leven, zegt Eboda, maar daar hoor je niemand over. „En waarom zou hij niet met beroemdheden als P. Diddy en Pharrell Williams mogen omgaan? Het zijn leeftijdgenoten. Met hen kan hij levelen.”

Journalisten raken niet uitgeschreven over Hamiltons privéleven. Zijn relaties met beroemde mooie vrouwen, de mini-breaks naar luxe oorden, zijn privéjet, liefde voor muziek en mode – het zou allemaal maar afleiden van het racen. Maar aan de Daily Telegraph vertelde Hamilton twee jaar geleden dat zijn levensstijl zijn geest stimuleert. Zou hij alles voor zijn sport opofferen, en twee keer per dag trainen, dan was hij fysiek waarschijnlijk in een betere conditie. Maar nu werd hij mentaal uitgedaagd, en dat komt zijn prestaties op de racebaan ten goede.

Lees ook het interview met Edgar Davids over racisme

Iemand die alles weet van het brein van Hamilton is Kerry Spackman. De Nieuw-Zeelandse neurowetenschapper leerde hem als achttienjarige bij McLaren met hulp van een simulator hoe verschillende rijstijlen en technieken prestaties kunnen verbeteren. „Lewis had een hele analytische benadering”, vertelt Spackman. „Waar veel andere coureurs oefenen op fouten, en overprikkeld raken in een simulator, laste hij steeds een pauze in, gevolgd door een reset. Er bestaat ook zoiets als té hard je best doen, en Lewis begreep dat heel goed.”

Spackman, die zichzelf „een klein radertje” in Hamiltons loopbaan noemt, roemt diens gedrevenheid en focus. Hij heeft met meerdere coureurs gewerkt, zegt hij, maar deze cocktail van kwaliteiten doet hem nog het meest aan de Britse coureur Jackie Stewart denken. Ook die had „een meedogenloos oog voor detail”.

Tiger Woods

Dankzij zijn populariteit onder jongeren – Hamilton heeft ruim 16 miljoen volgers op Instagram – heeft hij een nieuwe doelgroep voor de Formule 1 aangeboord. Sommigen vinden zelfs dat hij de autosport heeft ‘gered’. „Lewis Hamilton is belangrijker voor de Formule 1 dan andersom”, zegt Matt Bishop. Michael Eboda merkt op dat Hamilton, anders dan bijvoorbeeld golfer Tiger Woods, heel populair is onder de zwarte bevolking. „Woods heeft ooit verklaard dat hij ‘niet zwart’ is. Dat zul je Hamilton nooit horen zeggen.”

Toch duurde het lang voordat Hamilton zich aan het thema ‘etniciteit’ waagde. Hij leerde pijnlijke ervaringen binnen te houden, schreef hij vorige week op Instagram. Als zwarte man toon je geen zwakte, critici vermoord je met liefde en versla je op de baan.

Lewis Hamilton in Melbourne, in maart van dit jaar. De Grand Prix van Australië werd afgelast wegens het coronavirus.

Foto Loren Elliott/Reuters

Misschien werd Hamilton ook beïnvloed door leermeester Ron Dennis, die hem keer op keer waarschuwde zijn „zwartheid niet te exploiteren”. In interviews zei Hamilton dat hij heus wel voelde dat hij anders was dan de andere coureurs, maar hij wilde zich verre houden van „dat gedoe over kleur”. Het zou volgens hem averechts werken.

De reacties op zijn uitspraken over Black Lives Matter bewijzen Hamiltons ongelijk. Hij lijkt de juiste toon aan te slaan in het racismedebat en inspireert velen. „Als je een invloedrijke positie hebt, is het van doorslaggevend belang dat je je invloed op een correcte manier aanwendt”, zegt de Britse ex-voetballer Les Ferdinand, nu directeur voetbalzaken bij Queens Park Rangers. „Soms komt je positie onder druk te staan door de wereld waarin je verkeert. Maar Lewis is een wegbereider. Velen zullen volgen.”

Als zwarte man toon je geen zwakte, critici vermoord je met liefde en versla je op de baan

De confrontaties met concurrenten als Alonso, zijn extravagante levensstijl, de vele posts op social media waarin hij net de plank missloeg – het verdwijnt nu allemaal naar de achtergrond. Een elderly statesman noemt Matt Bishop de coureur zelfs. „Hij heeft het platform, de statuur en het zelfvertrouwen om namens alle coureurs te spreken. Of het om Covid-19 gaat, racisme of seksisme, Hamilton drukt zich het beste uit.”

In een van zijn laatste posts op Instagram klinkt inderdaad iets van een staatsman door. Lewis schrijft dat de wereld nog „een lange weg heeft te gaan” als het om racisme gaat, maar dat er ook veel positieve stappen zijn gezet: nieuwe wetten zijn aangenomen, politieagenten werden berecht voor hun „fatale acties”, bedrijven schaarden zich achter Black Lives Matter, en we kijken met z’n allen meer films en documentaires over racisme. „This is only the beginning, schrijft hij, „and there is still so much change to come.”