Opinie

Beethovens onenightstand

Ludwig van Beethoven

Ludwig van Beethoven

Foto Getty Immages

Nu de concertzalen dicht zijn en de musici werkeloos thuis zitten, is ook de viering van het Beethovenjaar uit het zicht geraakt. En dat terwijl geen enkele componist zo tot de verbeelding spreekt. Neem alleen al die beroemde, hartstochtelijke brief die hij met potlood schreef aan zijn Onsterfelijke Geliefde. Wat een vondst om zo’n brief na te laten! Beethoven had zijn biografen niet beter kunnen bedienen. Opzet zal het niet geweest zijn, maar Beethoven heeft de brief (expres?) zo geschreven dat niet uit te maken valt aan wie hij gericht is. Ook heeft hij de brief niet gedateerd. Wel is duidelijk waar de brief werd geschreven. In een Kurort, in Karlsbad. Dus wat krijg je – gissingen in alle biografieën wie zij geweest kan zijn, die onsterfelijke geliefde, en wanneer die brief geschreven werd. Over het tijdstip is waarachtig na decennialang onderzoek sprake van consensus. Uiteindelijk heeft, nadat naar voren was gekomen dat de brief in juli van het jaar 1812 geschreven moest zijn, een watermerk in het papier nog de laatste twijfels weggenomen.

Vrij raadselachtig, vind ik, blijft dat de brief kennelijk nooit verstuurd is. Hij werd in Beethovens nalatenschap gevonden. Schrijf je zo’n brief, dan verstuur je die toch? Niettemin wordt er door de biografen zelden gespeculeerd over de vraag waarom Beethoven de brief niet op de post deed. Des te meer speculatie is er over de vraag wie de Onsterfelijke Geliefde was. Aanvankelijk waren er maar liefst minstens negen mogelijke kandidaten, maar in de loop der jaren viel de een na de ander af, tot er een paar keurig gehuwde vrouwen overbleven.

Maynard Solomon – inmiddels 90 jaar oud – heeft vervolgens vrij overtuigend aangetoond dat het Antonie Brentano moet zijn geweest. Zijn bevindingen zijn lastig te weerleggen. Hij heeft onder meer bewezen dat Antonie Brentano in juli 1812 ook in Karlsbad was. Wat gek genoeg tegen Solomon pleit is dat hij zo fantastisch goed kan schrijven. Hij sleept je mee, je raakt in de ban van zijn superieure stijl en daardoor laat je je betoveren door zijn inzichten. Toch wordt ook zijn stelling dat Antonie Brentano de Onsterfelijke Geliefde moet zijn geweest, niet algemeen aanvaard. Aan wie de brief gericht was, blijft derhalve nog altijd een open vraag. Zelfs dit Beethoven-jaar zal de oplossing niet brengen, is mijn bange verwachting.

Daarom verbaast het mij dat Beethoven-biograaf Jan Caeyers geen twijfel lijkt te kennen. Die gaat er in zijn levendige, zeer leesbare Beethoven-biografie uit 2009 domweg van uit dat Josephine von Brunsvik de Onsterfelijke Geliefde is geweest. Hij zegt zelfs dat Beethoven en Josephine tijdens een wilde nacht in juli 1812 in Karlsbad duchtig met elkaar gevrijd hebben. Hij jazzt die ene wilde nacht eigentijds op door te spreken van een „onenightstand”.

Maar zoals biograaf Jan Swafford in zijn meesterlijke biografie uit 2014 zegt: Er is geen bewijs dat Josephine in juli 1812 ergens anders was dan in Wenen, en na 1807 duidt niets erop dat er nog enig contact is geweest tussen haar en Beethoven. Dus van een onenightstand kan geen sprake geweest zijn.