Opinie

Als grote broer na zeventig jaar vertrekt

Luuk van Middelaar

Het is officieel: president Trump haalt 9.500 Amerikaanse soldaten uit Duitsland naar huis, kort na Merkels afzegging voor een G7-ontmoeting in Washington. Zeker, zij had valide coronaredenen om de reis niet nu te maken, benevens geen goesting de gastheer geweldige campagnefoto’s te geven. En hij speelde al met het plan troepen weg te halen uit de naar NAVO-norm wanpresterende Bondsrepubliek. Toch ziet het eruit als: kom jij niet op mijn feestje, dan wil ik mijn speelgoed terug. Zandbakdiplomatie.

Dit is echter precies de taal die Trump jegens bondgenoten spreekt. Amerika is de baas. Keuzes hebben gevolgen. Wij bieden veiligheid, jullie moeten meebetalen – op tijd. Dat is wennen na zeventig jaar schuilen bij Amerika als grote broer. Maar de grote broer staat niet meer vanzelf klaar, is de smoesjes beu en vraagt zich langzaam af: zijn die luitjes overzee wel familie?

‘Onberekenbaar’ is Trump alleen voor wie er ook na drie jaar ervaring van het tegendeel op blijft rekenen dat hij zich als geduldige Witte-Huisvader opstelt in plaats van als machtspoliticus pur sang.

De Duitse reacties op het Amerikaanse troepenbesluit zijn opvallend mild. Paniek blijft uit. Heel anders dan na Trumps verkiezing eind 2016: die trof Duitsland in het middenrif. Met zijn botte aanval op het Duitse handelsoverschot en weigering de NAVO-solidariteit te garanderen, sloeg de nieuwe man de bodem weg onder het dubbele arrangement waaraan de Bondsrepubliek sinds 1949 haar veiligheid en voorspoed ontleent. Stap voor stap trekt Angela Merkel haar conclusies. Ze neemt de Duitse openbaarheid erin mee. Al in mei 2017 – na de eerste G7 met Trump, destijds op Sicilië, plus een NAVO-top in Brussel – sprak zij op een partijcongres de bekende woorden: „De tijden dat wij ons volledig op anderen konden verlaten, zijn tot op zekere hoogte voorbij. Dat heb ik afgelopen dagen ervaren. Daarom zeg ik: wij Europeanen moeten vanaf nu ons lot echt in eigen handen nemen.” Een strategische wending, in het besef dat de geschiedenis in het heden wordt gemaakt.

Haar recente draai in het Europese solidariteitsdebat, haar open gesprek met de leiding van China, nieuwe nadruk op industriële autonomie – evenzoveel afgewogen zetten van een land dat over de eerste schrik heen is en handelt. Grote broer gaat naar huis en Duitsland wil niet verweesd achterblijven.

Verwezing is wel een lot dat Nederland kan wachten. Meer dan de Bondsrepubliek (als verslagen natie in een zwakke positie) voer Nederland na de Tweede Wereldoorlog uit eigen wil blind op de VS. En dan ook echt blind, horen we nu. Uit recent geopenbaarde topstukken – doorgespit door defensieonderzoeker Ko Colijn – blijkt dat Den Haag tijdens de Koude Oorlog toestond dat de VS in Nederland opgeslagen atoomwapens inzette zonder overleg met de Nederlandse autoriteiten. Nul inspraak.

Uit de documenten spreekt een nucleaire hiërarchie: de Britse premier zou in een crisis persoonlijk door de Amerikaanse president worden gebeld – fair enough – maar zelfs IJsland, Noorwegen en Taiwan bedongen een soort vetorecht. Nederland stond onderaan de atoominfo-ladder. Colijn: „Er is altijd gespeculeerd over een twee-sleutelsysteem, maar in het geval van Nederland en een handvol andere ‘vrienden’ lag er maar één sleutel in het Witte Huis.” Hoe het vandaag is geregeld, blijft onduidelijk.

Trouw bondgenootschap in Koude-Oorlogsdagen is één ding. Dat had zijn redenen. Pijnlijker is dat Den Haag een strategisch oordeel over oorlog en vrede kennelijk onbezwaard uitbesteedde: hier heb je de sleutel. Waar vind je dan de houvast, het historisch zelfbewustzijn om op een goede of kwade dag te kunnen bepalen: dit is niet langer onze koers?

Luuk van Middelaar is politiek filosoof en hoogleraar Europees recht (Leiden).

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.