Opheffen concurrentie op de postmarkt blijkt lastiger dan verwacht

Monopolie Het kabinet stemde ten onrechte in met de fusie van Sandd en PostNL, oordeelt de rechter.

Een postbezorger van Postnl en Sandd passeren elkaar tijdens hun ronde om poststukken te bezorgen.
Een postbezorger van Postnl en Sandd passeren elkaar tijdens hun ronde om poststukken te bezorgen. Foto Flip Franssen / HH

Splitsen dan maar weer? Moeten PostNL en Sandd, de twee grootste postbedrijven van Nederland, hun net voltooide samenvoeging weer ongedaan maken?

Die vraag dringt zich op na een uitspraak van de rechtbank Rotterdam van donderdag. De bestuursrechter vernietigde de vergunning die staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken, CDA) in september 2019 verleende aan PostNL om concurrent Sandd over te nemen. Keijzer passeerde daarmee de Autoriteit Consument en Markt (ACM), die de vergunning vanwege monopolievorming had geweigerd.

De staatssecretaris kon dat doen met een beroep op artikel 47 van de Mededingingswet: een politieke uitweg die nog niet eerder was gebruikt. Er moet dan sprake zijn van „gewichtige redenen van algemeen belang die zwaarder wegen dan de te verwachten belemmering van de mededinging”. Die redenen waren er, zei Keijzer in navolging van PostNL: alleen door de fusie kan vijfdaagse postbezorging in het hele land behouden blijven.

Lees ook dit artikel over het mandaat van de staatssecretaris

Voor PostNL is het antwoord helder. Terugdraaien van de fusie is geen optie, zegt een woordvoerder. „De integratie is afgerond. Het netwerk van Sandd bestaat niet meer, de infrastructuur is ontmanteld.” Bovendien is de noodzaak voor de samenvoeging alleen maar toegenomen, omdat de postmarkt nog harder krimpt dan voorzien.

Gebrekkige afweging

Volgens PostNL zijn de gevolgen van de uitspraak niet dramatisch. „De rechter zegt niet dat de overname onrechtmatig is. Alleen dat de staatssecretaris haar besluit onvoldoende heeft onderbouwd.”

Kern van de uitspraak is inderdaad dat Keijzer te weinig argumenten heeft aangedragen om de bezwaren van de ACM terzijde te schuiven. Uit het vonnis: „Verder is de gemaakte belangenafweging gebrekkig, is het bestreden besluit niet zorgvuldig voorbereid en niet voorzien van een draagkrachtige motivering.” Ook hadden de eisers, twee kleine postbedrijven en Kiesjefolders.nl voor gerichte bezorging van reclamedrukwerk, te weinig tijd om hun bezwaren tegen de fusie te uiten.

Bij het ministerie van Economische Zaken en de ACM willen ze niet meer kwijt dan dat ze „de uitspraak bestuderen”. Het ligt voor de hand dat het ministerie in beroep zal gaan tegen de uitspraak.

Lees ook dit interview met Herna Verhagen over de overname van Sandd

Wel of geen monopolie

Meer nog dan om de vergunningverlening door Keijzer draait de zaak om de dominante positie van PostNL. Sinds de overname van Sandd heeft PostNL 93 procent van de postmarkt in handen. De ACM noemt dat een monopolie, leidend tot hogere tarieven voor consumenten en bedrijven. Na onderzoek voorzag de ACM een stijging van 30 à 40 procent van de tarieven voor zakelijke post, die 94 procent van de postmarkt omvat.

Herna Verhagen, bestuursvoorzitter van PostNL, ontkent dat er sprake is van een monopolie, zei ze begin dit jaar in NRC. „Er blijven veel partijen actief in de postmarkt.” Verspreid door het land zijn een twintigtal regionale postvervoerders actief, samen goed voor 7 procent van de markt. Ze maken gebruik van het netwerk van PostNL.

Twee van die bedrijven, De Vos diensten uit Enschede en RM Netherlands (opgericht door het Britse Royal Mail) uit Waddinxveen, stapten naar de rechter. De Vos diensten had een goede relatie met Sandd, zegt operationeel directeur Jerre Witteveen, die „zeer verheugd” is over de uitspraak. „Wij bezorgden post voor Sandd, en zij voor ons. Nu we moeten samenwerken met PostNL zijn de voorwaarden en tarieven gewijzigd.” Volgens PostNL zijn de contracten van Sandd onder dezelfde voorwaarden overgenomen door PostNL.

Staatssecretaris Keijzer is nu aan zet, zeggen alle betrokkenen. Het opheffen van concurrentie op de postmarkt blijkt lastiger dan verwacht, artikel 47 of niet.