Emile Roemer: ‘Je wil geen tweederangs burgers’

Arbeidsmigranten Door corona kwamen de omstandigheden van arbeidsmigranten hoog op de politieke agenda. Emile Roemer wil nu „doorpakken”.

Arbeidsmigranten aan het werk in de bollenvelden bij Lisse. Een commissie geleid door Emile Roemer pleit er voor om hun vaak slechte werk- en leefomstandigheden te verbeteren.
Arbeidsmigranten aan het werk in de bollenvelden bij Lisse. Een commissie geleid door Emile Roemer pleit er voor om hun vaak slechte werk- en leefomstandigheden te verbeteren. Foto NICO GARSTMAN/ ANP

Het moet voorbij zijn met de vrijblijvende omgang met arbeidsmigranten in Nederland. Te veel bedrijven en uitzendbureaus hebben de afgelopen jaren misbruik van deze kwetsbare groep gemaakt, met arbeidsuitbuiting, slechte huisvesting en uiteindelijk massale coronabesmettingen tot gevolg. Dat zegt Emile Roemer, oud SP-leider en waarnemend burgemeester van Heerlen, die begin mei door het kabinet gevraagd werd met aanbevelingen te komen om uitbraken van het coronavirus binnen deze groep te voorkomen. Donderdag presenteerde hij zijn eerste adviesbrief, met maatregelen voor de korte termijn.

Voor Roemer is arbeidsmigratie geen onbekend terrein, in de Kamer kwamen daarover de afgelopen jaren genoeg rapporten en debatten langs en als bestuurder komt hij er in de praktijk mee in aanraking. „We weten al jarenlang dat er misstanden zijn”, zegt hij. „Het was echt niet nodig om daar opnieuw diepgaand onderzoek naar te doen. Dat was ook niet mijn opdracht. Vanwege het coronavirus moesten er zo snel mogelijk praktische maatregelen worden genomen.”

Toen Roemer begon was er al een eerste brandhaard van het virus vastgesteld: bij 31 arbeidsmigranten in een wooncomplex in Velp. Daarna kwamen er meer besmettingen aan het licht, onder meer bij vijf slachthuizen en twee fruitbedrijven.

Alle werknemers die mogelijk besmet waren, moesten zo snel mogelijk worden opgespoord. Dat bleek niet eenvoudig: van sommigen waren geen contactgegevens in Nederland bekend. „Dat moet ogenblikkelijk veranderen”, zegt Roemer. Europese regels lijken in de weg te staan, omdat mensen die minder dan drie maanden in een ander land verblijven niet mogen worden geregistreerd, „maar er is altijd een weg te vinden”, zegt hij. „Zeker in coronatijd.”

Lees ook: Hoe Roemenen onder barre omstandigheden werken in Nederlandse slachthuizen

Menselijke waardigheid

Een ander hardnekkig probleem dat hij uit de weg wil ruimen is de slechte huisvesting van arbeidsmigranten. „Niet alleen vanwege corona, maar ook vanwege de menselijke waardigheid”, benadrukt hij. Op termijn moet elke arbeidsmigrant zijn eigen kamer krijgen, stelt Roemer. „Nou ja, behalve als je een stelletje bent natuurlijk. Dan is het wel zo leuk om bij elkaar te slapen.”

Dat dit vanwege de woningnood niet 1-2-3 te realiseren is begrijpt hij. Daarom wil hij tijdelijk genoegen nemen met twee mensen op één kamer, als ze tenminste anderhalve meter afstand kunnen houden.

Kom bij Roemer niet aan met verhalen dat het onmogelijk is om arbeidsmigranten fatsoenlijk te huisvesten, zegt hij. „Ik heb genoeg voorbeelden gezien van werkgevers die het wél weten te regelen.” Desnoods moeten de werknemers in hotels of omgebouwde kantoorgebouwen worden gehuisvest, staat in het advies. „Dat kost de werkgever misschien extra geld. Het is niet anders.”

Voor de huisvesting ligt ook een verantwoordelijkheid bij gemeenten. Er zijn er waar de huisvesting prima op orde is, zoals in Waalwijk en in Peel en Maas, zegt Roemer. „Maar er zijn ook gemeenten die naar het plafond staren en zeggen dat het hun probleem niet is.” Hij wil dat elke gemeente hier een visie over opstelt. „Het is leuk om te zeggen dat een nieuw bedrijf zich vestigt in jouw gemeente, maar daar komen vaak ook arbeidsmigranten bij kijken. We moeten geen samenleving krijgen van eerste- en tweederangs burgers.”

Verontrustende signalen over de huisvesting komen ook uit buurland Duitsland. „De burgemeester van Goch, net over de grens bij Boxmeer, vertelde mij dat hij te maken heeft met arbeidsmigranten die in Duitsland wonen, maar in Nederland werken. Dat is heel lastig handhaven.” Daarom pleit hij voor samenwerking met Duitsland, zodat uitzendbureaus geen misbruik maken van andere wet- en regelgeving in het buurland.

Lees ook: de uitzendbranche moet weer veilig worden voor arbeidsmigranten

Malafide uitzendbureaus

In een vervolgadvies wil Roemer aanbevelingen doen voor de wat langere termijn. Daarbij wil hij vooral kijken naar de markt van uitzendbureaus. „Na het stoppen van de vergunningplicht, in 1998, zijn er 9.000 uitzendbureaus bij gekomen. Iedereen kan er een beginnen. Er zijn er 5.000 die bij een keurmerk en een brancheorganisatie zijn aangesloten, maar dan blijven er duizenden over die dat niet zijn. Ik zeg niet dat al die bureaus malafide zijn – dat weten we niet – maar het is wel een deel van de markt waar we geen zicht op hebben.”

Roemer is niet bang dat zijn aanbevelingen in een la belanden. „De tijd is er rijp voor om door te pakken. Kijk naar wat de dood van George Floyd in gang heeft gezet, al die demonstraties wereldwijd. Door de coronacrisis zie je iets soortgelijks gebeuren voor arbeidsmigranten. Het heeft de geesten rijp gemaakt om nu eindelijk hun omstandigheden te verbeteren. Als het nodig is komen wij met een derde advies. En desnoods met een vierde.”