Opinie

Crises bestrijd je niet met absolute staatsmacht

Bestuur Burgemeester Halsema kwam deze week in het nauw door onheldere gezagsverhoudingen. Alle macht aan de staat is echter niet de oplossing, waarschuwt
Foto’s ANP /ISTOCK - beeldbewerking NRC

De reactie was opmerkelijk kalm en gedisciplineerd. Vrijwel iedereen accepteerde in maart dat ongehoord ingrijpende maatregelen nodig waren. Juist mensen die hierdoor hard getroffen werden, reageerden vaak met imponerende inventiviteit, creativiteit en veerkracht op de kleine marge van eigen verantwoordelijkheid die het kabinet – heel verstandig – open liet.

Die reactie op de uitbraak van het coronavirus was des te opmerkelijker omdat al snel bleek dat Nederland slecht, zeg maar niet, voorbereid was op een pandemie. Voor een dijkdoorbraak of een gevaarlijke brand op de Maasvlakte liggen de draaiboeken en rampenplannen klaar. Maar hiervoor niet, ook al was er al jaren voor gewaarschuwd. Geen noodplannen, geen protocollen, geen ijzeren voorraden in de zorg.

Improviseren

En geen nationale wet waarin bevoegdheden, verantwoordelijkheden en democratische controle in een situatie als deze waren vastgelegd.

Er zat niets anders op dan te improviseren met de Wet Publieke Gezondheid als uitgangspunt en te komen met tijdelijke noodverordeningen. Dat moest op een moment wel gaan wringen met de in de Grondwet vastgelegde principes.

Maar in plaats van nu te komen met een ontwerp dat deze tekortkomingen vermijdt, ziet het ernaar uit dat de nieuwe wet de onduidelijke verdeling van bevoegdheden en de democratische controle daarop, alleen maar groter maakt. Dit wordt vooral duidelijk bij de positie van de burgemeester.

De burgemeester, dat weet ieder kind, dat is de mevrouw of meneer met de grote zilveren keten om. Zo’n keten is voor de drager niet altijd comfortabel, maar hij heeft een grote aantrekkingskracht op de mensen. Merkwaardig genoeg lijkt hij de burgervader of -moeder dichterbij te brengen.

Lees ook: Crisisbeheersing van voor kabinetten geen prioriteit

Dictatoriale bevoegdheden

Dat is mooi, maar zo heeft Thorbecke, de architect van ons openbaar bestuur en bedenker van de keten, het nooit bedoeld. Hij zag er geen sieraad in, maar hij wilde er de positie van de burgemeester mee onderstrepen. Het ging hem niet om de keten, maar om de penning die eraan hangt. Eén zijde rijkswapen, de andere kant gemeentewapen. Dit moest aan iedereen duidelijk maken dat de drager, en niemand anders, verantwoordelijk is voor de openbare orde en veiligheid. Als zodanig had en heeft de burgemeester bijna dictatoriale bevoegdheden. Maar het is de gemeenteraad die de burgemeester ter verantwoording roept en controleert. Zo is het lang geweest en dat functioneerde goed.

Maar er kwamen complexere bestuurlijke verhoudingen, 25 veiligheidsregio’s en 10 politieregio’s, waarin de positie van de burgemeesters en hun relatie met de gemeenteraad enerzijds en de rijksoverheid anderzijds onhelder werd.

Dat het Nederlandse kabinet in de strijd tegen Covid-19 snel moest handelen, betwist niemand. Dat het greep naar de Wet Publieke Gezondheidszorg en de Wet op de Veiligheidsregio’s valt nog te billijken. Door de Tweede Kamer bovendien volledig geaccepteerd. Maar de lange termijn vergt intelligentere oplossingen en volle democratische legitimatie. Een brij van niet controleerbare, vaag afgebakende bevoegdheden van nationale en (boven-)lokale overheden doet dat niet.

Willem I

Ik ben het eens met de Leidse hoogleraar Wim Voermans die deze week zei dat wij lijken terug te gaan naar de besluitenregering van koning Willem I. De minister van Volksgezondheid is, tezamen met de minister van Justitie, oppermachtig in het komende wetsontwerp. Zij kunnen de bevoegdheden van burgemeesters en regioburgemeesters terzijde schuiven. En de regioburgemeesters als bovenbazen boven hun collega’s kunnen op hun beurt in de gemeentelijke democratieën van hun collega’s ingrijpen. De simpele penning aan de ambtsketen wordt een Rubik’s Cube.

De Kamer had wel degelijk het recht om de minister kritisch te bevragen over de gebeurtenissen in Amsterdam

Het is niet verwonderlijk dat burgemeester Halsema van Amsterdam in de knoop kwam met de dubbelfunctie van regioburgemeester en burgemeester – in de laatste functie verantwoording verschuldigd aan de gemeenteraad, in de eerste ongrijpbaar voor die raad, want vallend onder de verantwoordelijkheid van de minister van Justitie.

Anders dan burgemeesters Hubert Bruls, Liesbeth Spies en Jan van Zanen woensdag in de Volkskrant schreven gaf die verantwoordelijkheid de Tweede Kamer dus wel degelijk het recht om de minister kritisch te bevragen over de gebeurtenissen in Amsterdam.

Curieus is, dat in de huidige constructie de minister van VWS – op diens gezag rust het bouwwerk – eigenlijk alleen de minister van Justitie als onmisbare partner heeft. Die gaat immers over het openbaar ministerie, de regioburgemeesters, de politie, de boa’s, het strafrecht, de sancties en zo meer. De minister van Binnenlandse Zaken, medeondertekenaar van de wet, is niet meer dan een passieve toeschouwer.

Volwassen debat

Hierachter schuilen ook de onheldere bestuurlijke verhoudingen in Nederland. De onwil in ons land eindelijk eens een volwassen debat over de bestuurlijke organisatie te voeren, wreekt zich.

Een goed voorbeeld van hoe om te gaan met noodwetgeving geeft het optreden van toenmalig bondskanselier Helmut Schmidt in de ‘Duitse herfst’ van de jaren zeventig, getekend door aanslagen van de RAF, de moord op de industrieel Hans Martin Schleyer en de kaping van een Lufthansatoestel in Mogadishu. Eind jaren zestig had de Bondsdag na een zich tien jaar lang voortslepend debat, de zogenaamde Notstandgesetze aangenomen. Schmidt stond voor de keuze die in werking te laten treden teneinde de Duitse staat van vergaande bevoegdheden te voorzien.

Hij koos die weg niet. Die bevoegdheden zouden de vrijheden van de burger te vergaand beperken. Hij was in de grond van de zaak bang voor de ondermijning van de Duitse democratie. Net als Angela Merkel nu, zette hij in op solidariteit, steun bij de bevolking en verdediging van democratische waarden.

Kortom, absolute staatsmacht is niet nodig om crises te bezweren.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.