Amerikaanse voetballers mogen voortaan knielen als protest tegen racisme

Protesten Knielen tijdens het volkslied is niet langer verboden in het Amerikaanse voetbal. Het IOC houdt juist vast aan het geldende verbod op het maken van protestgebaren.

Megan Rapinoe (rechts) knielt voor een interland tegen Nederland in 2016.
Megan Rapinoe (rechts) knielt voor een interland tegen Nederland in 2016. Foto John Bazemore/AP

Nu over de hele wereld wordt gedemonstreerd tegen racisme, komen verschillende sportbonden en evenementen met regels over protestgebaren. Zo mogen voetballers die voor de nationale ploegen van de Verenigde Staten uitkomen voortaan weer knielen tijdens het volkslied, een protesthouding die American footballspeler Colin Kaepernick in 2016 introduceerde.

De Amerikaanse voetbalbond maakte woensdag bekend dat het verbod op knielen wordt geschrapt. „Het is duidelijk geworden dat dit beleid verkeerd was”, liet de bond weten.

Het knielverbod werd in 2016 ingesteld na een protestactie van topspeelster Megan Rapinoe. Zij knielde tijdens het volkslied voor een interland om steun te betuigen aan Kaepernick. Die knielde in 2016 voor het eerst tijdens het volkslied, uit protest tegen racisme en politiegeweld.

Het gebaar veroorzaakte veel ophef. President Trump noemde het respectloos en vond dat knielende spelers moeten worden ontslagen.

Een verbod op de protestsymbolen leidt af van de „belangrijke boodschap” van Black Lives Matter, vindt de voetbalbond nu. „We hebben niet genoeg geluisterd naar de zeer reële en betekenisvolle ervaringen van zwarte mensen en andere minderheden. Sport is een krachtig platform om goede dingen te bewerkstelligen, en wij hebben ons platform niet zo effectief benut als had gemoeten.”

Olympische Spelen

Het Internationaal Olympisch Comité (IOC) maakte dinsdag bekend vast te houden aan het verbod op protestgebaren door sporters. In artikel 50 van het Olympisch Handvest is voorgeschreven dat politieke en religieuze gebaren en protest op raciale gronden niet zijn toegestaan. In januari kwam het IOC al met een aanvulling: sporters en begeleiders mogen ook geen kleding met politieke boodschappen dragen. Dit verbod geldt zowel tijdens de ceremonies als in het olympisch dorp en op het sportveld. Het is nog onduidelijk of sporters die de regels overtreden ook daadwerkelijk worden bestraft.

De Amerikaanse autosportcompetitie Nascar maakt juist een einde aan een protestsymbool. Het vertoon van Confederatievlaggen – voor velen een symbool van slavernij en racisme – wordt bij zijn evenementen verboden, heeft de autosportklasse woensdag verklaard. De Confederatievlag vertegenwoordigde de zuidelijke staten bij de Amerikaanse Burgeroorlog in de negentiende eeuw. De staten verzetten zich tegen de afschaffing van slavernij.

De vlag is vaak te zien bij races van Nascar, dat vooral populair is in het zuiden van de VS onder overwegend witte fans. Volgens de organisatie druist de aanwezigheid van de Confederatievlag „in tegen ons streven om een inclusieve omgeving te bieden waar iedereen welkom is”.

Het verbod volgt op een oproep tot uitbanning van de vlag door Bubba Wallace, de enige zwarte coureur bij Nascar. Woensdag in Virginia reed hij met de tekst ‘Black Lives Matter’ op zijn auto.

In 2015 probeerde Nascar tot woede van sommige fans al de Confederatievlag te verbieden. Het is nog niet duidelijk hoe de organisatie het verbod zal gaan afdwingen.