Waarom Marcus Azzini alsnog terugtreedt als leider van Oostpool

Seksuele intimidatie Artistiek leider Marcus Azzini van Toneelgroep Oostpool legt per direct zijn functie neer, nadat nieuwe meldingen zijn gedaan van grensoverschrijdend gedrag. Wat is er precies gebeurd?

Marcus Azzini bij de repetities van de voorstelling ‘Demonen’ in 2016
Marcus Azzini bij de repetities van de voorstelling ‘Demonen’ in 2016 Foto Leo van Velzen.

Marcus Azzini, artistiek directeur van Toneelgroep Oostpool, heeft zijn functie per direct en tot nader order neergelegd. Dat heeft hij gedaan naar aanleiding van nieuwe meldingen over hem van grensoverschrijdend gedrag bij zijn gezelschap. Het theatergezelschap uit Arnhem stelt een nieuw, tweede onderzoek in naar deze meldingen.

De stap van Azzini volgt onder meer op vragen van NRC. Gebleken was dat het eerste onderzoek, dat Azzini onlangs vrijsprak van seksuele intimidatie en machtsmisbruik, een aantal meldingen van grensoverschrijdend gedrag had genegeerd en afgewimpeld. Dit bleek uit gesprekken die NRC voerde met drie personen die zich ook hadden gemeld. Zij zeggen niet gehoord te zijn. Uit angst voor professionele repercussies willen ze anoniem blijven. Hun namen zijn bekend bij de redactie.

De raad van toezicht van Oostpool ontving maandag bovendien een brief van 29 verontruste medewerkers en ex-medewerkers. Zij stellen dat de raad onzorgvuldig en te formeel is omgegaan met de melders van ongewenst gedrag. Ook zeggen zij dat te weinig mensen zijn gehoord bij het onderzoek en dat een deel van hen vergelijkbare ervaringen heeft met machtsmisbruik bij Oostpool.

Karen Verkerk, voorzitter van de raad van toezicht, zegt nu dat Oostpool „zorgvuldige vervolgstappen” wil nemen.

Azzini wil niet reageren op vragen van NRC. In een verklaring in het persbericht van Oostpool zegt hij: „Ik deel de behoefte aan een open en transparant gesprek over feiten en gevoelens. Oostpool moet dat gesprek op een integere manier faciliteren en de kans krijgen om het onderzoek naar de meldingen uit te voeren. Ik vind het daarom het meest zuiver om mijn werkzaamheden als artistiek directeur en regisseur neer te leggen.”

Regisseur Marcus Azzini

Foto Marcel Hemelrijk

Vrijgepleit

De zaak tegen Azzini wordt half maart in gang gezet als vier ex-medewerkers van Toneelgroep Oostpool als eersten melding maken van seksuele intimidatie en machtsmisbruik binnen de organisatie. Ze sturen een brief naar de raad van toezicht, die daarop onderzoek laat verrichten door bureau Bezemer & Schubad. Op 29 mei brengt Oostpool naar buiten dat dit onderzoek Azzini vrijpleit van de aanklachten, ondanks „niet geheel goed werkgeverschap”. De vier reageren ontsteld.

NRC sprak met zes van de zeven personen die een melding deden en iemand die dat niet deed maar wel vergelijkbare ervaringen heeft. De eerste zes meldingen gaan over de periode 2011-2015.

Uit hun beschrijvingen komt een beeld naar voren van Marcus Azzini als een man die zich door jonge mannen laat omringen en zich opstelt als goeroe. Volgens de melders versiert hij medewerkers en stagiairs en wordt hij ongevraagd handtastelijk. Tot die handtastelijkheden behoren onder meer ongevraagd zoenen en een hand in iemands broek steken.

Uit de gesprekken met de melders blijkt dat zij zich daardoor in een lastig parket gedrongen voelen. De medewerkers vrezen dat ze hun loopbaan in gevaar brengen als ze afwijzend reageren. Azzini is artistiek leider van een van de grootste theatergezelschappen van Nederland, een gerespecteerd regisseur, artistiek directeur van het ITS (International Theatre School Festival): een invloedrijk man in de theatersector.

Nachtelijke appjes

Met het optreden van Azzini hebben de melders ervaringen die veelal overeenkomen. Zij vertellen over seksuele toespelingen op de werkvloer, uitnodigingen om buiten werktijd af te spreken (in sommige gevallen bij hem thuis of op zijn hotelkamer) en het aftasten van hun grenzen. Ook hebben de melders het over nachtelijke appjes met oneerbare voorstellen en het blijven aandringen als de ander afwijzend reageert. In één geval spreekt een melder over het voortzetten van seksuele handelingen tegen diens uitdrukkelijk uitgesproken wil.

De drie personen van wie de meldingen niet in behandeling zijn genomen, treden naar voren nadat bekend wordt dat Toneelgroep Oostpool begint met een onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag. Melders 1 en 2 nemen afzonderlijk van elkaar eind maart contact op met Mores Online, het centrale meldpunt voor grensoverschrijdend gedrag in de podiumkunsten, film- en televisiesector. Mores Online is opgericht door en wordt onderschreven door een groot aantal organisaties en brancheverenigingen en wordt breed erkend en gewaardeerd als meldpunt voor ongewenste omgangsvormen. Onder begeleiding van een vertrouwenspersoon zetten ze hun ervaringen op papier. Deze stuurt op 9 en 10 april brieven aan bureau Bezemer & Schubad.

Behalve een ontvangstbevestiging horen de melders niets meer van het onderzoeksbureau. Op 29 mei, de dag waarop Oostpool de conclusies van het onderzoek publiceert, is er nog steeds geen communicatie geweest.

Onderzoeksbureau Bezemer & Schubad laat weten dat zij vanwege vertrouwelijkheid niet kunnen reageren op gesprekken die in het kader van het onderzoek zijn gevoerd. Maar in een skypegesprek dat een van de oorspronkelijke vier melders met twee medewerkers van Bezemer & Schubad op 3 april voert (onder wie onderzoeker Herman van der Wind) wordt er wel een verklaring gegeven, zo vertelt een van de melders. Op de vraag of de naam van het bureau openbaar gemaakt mag worden opdat mensen zich uit eigen beweging kunnen melden, antwoordt Van der Wind volgens de melder dat dat niet kan, omdat de offerte die het bureau met Oostpool overeen is gekomen slechts ruimte biedt aan vier gesprekken. Om het onderzoek uit te breiden zou toestemming van de opdrachtgever nodig zijn. De vraag aan Van der Wind of hij om toestemming gaat verzoeken, leidt tot een ontwijkend antwoord.

Melder 3 heeft een vergelijkbare ervaring. Deze persoon neemt direct contact op met Bezemer & Schubad. In een telefoongesprek begin april met Willeke Bezemer, die het onderzoek leidt, deelt melder 3 ervaringen met grensoverschrijdend gedrag bij Oostpool. Vier weken lang geeft het bureau geen respons. Als melder 3 begin mei opnieuw contact met Bezemer opneemt, zegt zij dat het telefoonnummer van de melder was kwijtgeraakt.

Volgens melder 3 maakt Bezemer bovendien bagatelliserende opmerkingen in het gesprek. Over de oorspronkelijke vier melders zou de onderzoeker hebben gezegd dat deze vier ‘als podiumkunstenaars gewoon een podium willen’. Desgevraagd wil Bezemer geen commentaar geven op deze weergave van het gesprek.

Vervolgstappen

In een eerste reactie op vragen van NRC liet de raad van toezicht van Oostpool weten dat zij de ‘ontstane ophef’ serieus neemt en zich op vervolgstappen beraadt. In tweede instantie verschijnt het bericht dat Azzini „per direct en tot nader order” zijn functie neerlegt „om rust te creëren bij Oostpool en ruimte te bieden voor nader onderzoek”.

Ook geeft Oostpool aan dat de manier waarop zij over de uitkomsten van het oorspronkelijke onderzoek hebben gecommuniceerd „zorgvuldiger en beter” had gemoeten.

Het gezelschap, dat weet heeft van de drie melders die NRC heeft gesproken, zegt ook dat er nog andere, nieuwe meldingen zijn binnengekomen.

Om dit nieuwe onderzoek in goede banen te leiden, intensiveert het gezelschap de samenwerking met Mores Online. Het meldpunt zal samen met Oostpool „een veilige werkwijze” ontwikkelen die ervoor zorgt „dat we een compleet beeld krijgen van de situatie”.