DNB-baas Knot: smeer afbetalen coronaschuld uit over generaties

Steun coronacrisis Na vorige crisis drong het kabinet de staatsschuld in vijf jaar tijd weer terug naar het oude niveau. Dat mag deze keer „beduidend langer” duren, zei

DNB-baas Klaas Knot woensdag in de Tweede Kamer.

„Corona is het type schok dat één keer in de honderd jaar gebeurt”, zei DNB-president Klaas Knot woensdag in de Tweede Kamer.
„Corona is het type schok dat één keer in de honderd jaar gebeurt”, zei DNB-president Klaas Knot woensdag in de Tweede Kamer. Foto Bart Maat / ANP

Neem vooral de tijd. De staatsschuld loopt fors op door de coronacrisis, maar de rekening kunnen regeringen het beste uitsmeren over generaties. De boodschap van de belangrijkste economische adviseurs van het kabinet was woensdag in de Tweede Kamer duidelijk: de staatsschuld is voorlopig het probleem niet.

„Corona is het type schok dat één keer in de honderd jaar gebeurt,” zei Klaas Knot, president van De Nederlandsche Bank. „We hebben er na de vorige crisis voor gekozen de staatsschuldquote in vijf jaar terug te brengen naar het oude niveau. In feite tussen 2014 en 2019. Ik zou er nu echt beduidend langer voor willen nemen.” Dit is het type schok waarbij het goed te rechtvaardigen is dat je de kosten over langere tijd uitsmeert, redeneerde Knot.

Schuld blijft onder problematisch niveau

Pieter Hasekamp, sinds kort directeur van het Centraal Planbureau, viel hem bij. In de zwaarste scenario’s die het CPB nu voorziet, komt de staatsschuld uit op zo’n 75 procent van het bbp. Hasekamp: „Nederland kan dit soort schuldniveaus aan.” Want die hogere schuld ligt nog altijd onder het niveau dat wordt beschouwd als problematisch, en onder het Europees gemiddelde, zei Hasekamp.

Wanneer moet je over de staatsschuld gaan nadenken, wilde de Tweede Kamer weten. Bij de formatie van een nieuw kabinet, adviseerde Knot, dus na de verkiezingen van maart. „Dan heb je ook pas in beeld wat de schade is.”

Dit jaar en volgend jaar zou het begrotingsbeleid nog in het teken moeten staan van het ruimhartig opvangen van de economische klap die het coronavirus veroorzaakt en „van het proberen de permanente schade aan onze economie zo veel mogelijk te beperken,” zei Knot, die met Hasekamp in de Kamer was voor de jaarlijkse inventarisatie van de risico’s voor het financiële stelsel. DNB voorspelde maandag een economische krimp met 6,4 procent, maar volgens Knot zijn de buffers van banken hoog genoeg om verliezen op te vangen.

Hasekamp had nog een extra advies: probeer actief anticyclisch beleid te voeren. „Het risico is altijd dat je daar te laat mee bent.” Maar het kabinet kan investeringen die voor later gepland stonden naar voren halen, bijvoorbeeld voor de energietransitie en de woningmarkt.

Buffers sinds de vorige crisis

PVV’er Tony van Dijck was blij met „het voortschrijdend inzicht” van Knot en Hasekamp. „In de vorige crisis moesten we keihard bezuinigen.” Waren we toen te veel gefocust op de staatsschuld, vroeg hij. Knot: „Dat wij hier nu vrij ontspannen kunnen spreken over staatsschuld die gaat oplopen, is precies omdat we na die vorige crisis buffers hebben gecreëerd.”

Had Nederland de staatsschuld niet verminderd van rond 72 procent van het bbp naar rond 48, dan was de schuld nu naar boven de 90 procent geschoten, berekende Knot. „Dan kom je wel in het kwadrant waar je hogere rentelasten gaat betalen.” Bovendien zat de oorzaak van de financiële crisis in het economische systeem zelf. Knot: „Daar reageer je anders op dan op een crisis die volstrekt van buiten komt en waar je geen beleidsfouten kunt aanwijzen als oorzaak.”

Europese regels

Wat deze relaxte houding van Knot en Hasekamp over schuld betekent voor het Europese Stabiliteits- en Groeipact konden de twee niet beantwoorden. Daarin hebben eurolanden afgesproken de staatsschuld niet hoger te laten oplopen dan 60 procent van het bbp. Hasekamp: „We voelen allemaal wel aan dat de 60 procent de komende tijd wat minder relevant zal zijn. Of we over twintig, dertig of vijftig jaar weer zullen terugvallen op dat criterium, kan ik niets zeggen.” Volgens Knot zal het schuldniveau een anker moeten blijven van de Europese afspraken, maar daarover is „ons denken nog niet uitgekristalliseerd.”