Reportage

Nu praten ook mannen over seksueel misbruik

Tunesië Behoedzaam zoeken Tunesische mannen sinds kort de openbaarheid over seksueel misbruik, nog altijd een taboe-onderwerp. De trauma’s zijn diep. „Die schaamte is killing.”

De 24-jarige student ‘FC’ werd door zijn eigen broer misbruikt, vertelde hij op de Tunesische #metoo-pagina van Facebook.
De 24-jarige student ‘FC’ werd door zijn eigen broer misbruikt, vertelde hij op de Tunesische #metoo-pagina van Facebook. Foto Lotfi Benghariani

‘Als kind was ik vrij slap en kwetsbaar. Toen ik twaalf jaar was, zat een oudere en sterkere klasgenoot aan mijn lichaam alsof het een verworven recht was.” Met deze zin begint Othello Jelifi (19) het verhaal van zijn seksueel misbruik op de Tunesische #EnaZeda-pagina op Facebook (EnaZeda betekent ‘ik ook’ in het Tunesisch-Arabisch). Het is oktober 2019, enkele dagen nadat de #metoo-beweging ook in Tunesië gearriveerd is. Op de Facebook-pagina vervolgt hij: „Op een avond in december, aan het einde van de lessen, volgde hij mij naar de jongens-wc’s. Daar sloeg hij me in elkaar, zodat ik deed wat hij wilde”.

Sinds de lancering van de pagina hebben niet alleen vrouwen, maar ook honderden Tunesische mannen daar hun ervaringen met seksueel misbruik gedeeld. Begin deze maand telde de Facebook-groep volgens een woordvoerder van Aswat Nissa, de feministische organisatie die de pagina beheert, 35.761 leden. Dagelijks komen er nieuwe verhalen bij.

Dat mannen hun #metoo-verhalen delen is bijzonder. Seksueel geweld tegen vrouwen is in Tunesië niet langer een taboe-onderwerp, zeggen feministen, wier organisaties in Tunesië zich jarenlang vastbeten in die problematiek. Maar het taboe op seksueel geweld tegen mannen is nog volledig intact. Mannen die het overkwam, lijden onder de schaamte en het stigma.

Pas sinds het succes van de #EnaZeda-beweging krijgt het probleem bredere aandacht, ook in de media. Daardoor durven ook mannen zich nu uit te spreken, zij het schoorvoetend.

„Als het leven simpeler zou zijn, zou ik openlijk mijn verhalen delen en mensen ervan bewust maken dat seksueel misbruik jongens van alle leeftijden kan overkomen. Maar dat is helaas niet het geval. Ik ben zelfs bang er anoniem over te praten! Het laat mij niet los en ik schaam mij”, schrijft vermoedelijk een man op de #EnaZeda-pagina.

„Die schaamte is killing”, zegt Othello Jelifi, die actief is bij Mawjoudin (‘wij bestaan’), een bekende lhbti-beweging in Tunesië die samenwerkt met Aswat Nissa. Sinds de Tunesische revolutie van 2011, die een einde maakte aan het langjarig regime van Zine Ben Ali, trekken feministische en lhbti-organisaties op veel thema’s samen op, waaronder seksueel misbruik. „Seksuele dominantie door een andere man voelt als een degradatie. Als iets dat afbreuk doet aan de mannelijkheid.”

De schaamte laat psychische sporen na. Jelifi vertelt dat hij na zijn misbruikervaring een eetstoornis ontwikkelde: „Ik wilde afvallen om een gespierd mannenlichaam te ontwikkelen en nooit meer fysieke vernedering te hoeven voelen”, zegt hij.

In de cel

Seksueel misbruik rapporteren bij de politie is in Tunesië niet aan te raden. Op de #EnaZeda-pagina getuigen sommige mannen anoniem van seksuele intimidatie en misbruik door de politie. Berucht zijn de gevallen van mannen die aangifte wilden doen van misbruik of intimidatie, maar vervolgens in de cel belandden op grond van ‘artikel 230’. Dit controversiële wetsartikel bestraft homoseksualiteit met een celstraf van maximaal drie jaar en verplicht ‘verdachten’ zelfs tot het ondergaan van een anaal onderzoek. Jelifi: „Ik zou nooit iemand adviseren naar de politie te gaan. Die beschouwt slachtoffers per definitie als ‘homo’ en barst in lachen uit, als ze hen niet al arresteert.”

Onder het regime van Ben Ali (1987-2011) diende seksueel misbruik tegen mannen als ‘reguliere martelpraktijk’ staat in het eindrapport van de Tunesische Commissie van Waarheid en Waardigheid (IVD). Slachtoffer Sami Brahim getuigde hiervan in 2016 tijdens het eerste live IVD-verhoor op televisie. „Alle gevangenen moesten hun kleren uittrekken, de jongeren en de ouderen. Een week lang werd iedereen naakt gehouden. Waarom? Wat was onze misdaad?”.

Dergelijke rapportages ten spijt zijn hervormingen van de politiediensten tot nu toe uitgebleven. Een commissie die de huidige regering adviseert over modernisering van het strafrecht rept niet van het decriminaliseren van homoseksualiteit. Dit ondanks de strijd van burgerrechten- en lhbti-organisaties en een advies uit 2019 van een andere regeringscommissie. Wel werd gedwongen penetratie van mannen in 2017 juridisch als verkrachting erkend. Maar het lijkt erop dat het daar voorlopig bij blijft.

Het zorgt er paradoxaal genoeg voor dat homoseksuele mannen in Tunesië zich slecht kunnen verweren tegen grensoverschrijdend gedrag. Ze voelen zich soms aangeschoten wild, zegt bedrijfsadviseur Sedki Dahmani (25). „Ik maak nog steeds ‘gekke’ dingen mee. Zo legde een taxichauffeur eens zijn hand op mijn kruis. Soms voelt het alsof ik een ‘ding’ ben in plaats van een mens”. Mannen móéten zich gaan uitspreken, vindt hij.

Hoe hij in dat soort situaties reageert? „Ik verstijf helemaal”, antwoordt Dahmani. „Volgens mijn psycholoog is dat in mijn geval een ‘normale reactie’.” Tussen mijn zevende en elfde jaar deed een neef ‘dingen’ met hem. „Dingen’ die ik moeilijk vind om mij te herinneren”, zegt hij.

Voor minderjarigen kan het taboe rond seksueel misbruik van mannen grote gevolgen hebben, constateert traumapsycholoog Aida Nafetti van INJED (‘SOS-help’), de enige in hulp na seksueel misbruik gespecialiseerde instantie in Tunesië. „Seksueel misbruik van een zoon wordt vaak ervaren als een schande die de hele mannelijke lijn aantast”, vertelt ze. „Sommige ouders verhuizen in een poging de gebeurtenis te vergeten en hun zoon en zichzelf te behoeden voor verdere schande.”

Het is al met al geen wonder dat de meeste mannen op de #EnaZeda-pagina anoniem willen blijven. Bijvoorbeeld ‘FC’ een 24-jarige student accountancy uit Sfax, een stad ten zuiden van Tunis. „Ik voel mij verward en twijfel aan mijn identiteit”, zegt hij. „Mijn verhaal is gecompliceerd. Nooit hoorde ik iets vergelijkbaars. Ik weet van gevallen van een neef of een ander familielid, maar je eigen broer? Misschien dat ik daar het meest van in de war ben.”

Coronavirus

Voor mannen en jongens die door een familielid belaagd worden, nam de dreiging toe toen Tunesië eind maart werd opgeschrikt door het coronavirus. Tunesiërs mochten alleen nog naar buiten om boodschappen te doen. Lhbti-organisaties rapporteerden een toename van huiselijk geweld, waaronder ook seksueel geweld.

Gedurende deze lockdown – die vorige maand weer werd versoepeld en maandag zelfs helemaal werd opgeheven – was het leven van thuiswonende homoseksuele mannen in Tunesië extra gecompliceerd. Hun ouders zijn vaak niet op de hoogte van hun seksuele voorkeur of kunnen die maar lastig accepteren.

Zo vertelt bedrijfsadviseur Dahmani weken onafgebroken op zijn kamer te hebben gezeten. Het voelde voor hem als een déjà vu. „Jarenlang sloot ik mijzelf op uit gebrek aan zelfacceptatie”, zegt Dahmani. „Ik bad God om van mij een echte man te maken. Totdat ik ervoer hoe het voelt om jezelf te zijn. Deze onvrijwillige terugkeer voelde als een gevangenis.”