Als zwarte man in de mode bang om het te ‘verkloten’

Mode André Leon Talley was een van de eerste zwarte mensen aan de top van de internationale mode. In zijn autobiografie doet hij ontboezemingen over Anna Wintour, Karl Lagerfeld en het racisme in de modewereld.

Andre Leon Talley en Vogue-hoofdredacteur Anna Wintour tijdens de modeshow van Donna Karan in 2011 in New York.
Andre Leon Talley en Vogue-hoofdredacteur Anna Wintour tijdens de modeshow van Donna Karan in 2011 in New York. Foto Eugene Gologursky/WireImage

Tientallen jaren vormden ze een onafscheidelijk duo, Vogue-hoofdredacteur Anna Wintour en haar rechterhand André Leon Talley, hij zo groot (2 meter), breed en luid als zij frêle en afgemeten, zijn bontmantels, jassen van krokodillenleer en glimmende, kleurrijke kaftans vele malen flamboyanter dan haar ingetogen jurken van Chanel en Prada.

Bij Vogue klom Talley op van journalist naar ‘creative director’, om vervolgens ‘editor at large’ te worden, een vage eretitel die van alles kan betekenen, en ten slotte ‘contributing editor’. Die laatste functie is de afgelopen tijd zo uitgehold dat Talley nu enkel nog het passen van Wintours outfit voor het Met Gala bijwoont, de feestelijke opening van de jaarlijkse modetentoonstelling in het Anna Wintour Costume Centre in het Metropolitan Museum of Art in New York.

Ook dat laatste zou zomaar eens voorbij kunnen zijn, constateert Talley (71) zelf in zijn net verschenen autobiografie The Chiffon Trenches.

Meteen in de inleiding spreekt hij zijn teleurstelling over Wintour uit. Talley beschrijft hoe geraakt hij is als hij de cover ziet van het septembernummer van 2018: Beyoncé, gefotografeerd door Tyler Mitchell, de eerste zwarte coverfotograaf in de 126-jarige geschiedenis van het tijdschrift. Talley ziet de foto, waarop de zangeres met bloementooi in het haar en in een relatief simpele jurk poseert voor een wit laken als eerbetoon aan de zwarte vrouwen die de was van witte families deden om voor hun eigen families te kunnen zorgen. ‘Ik vind het heel zwart, op een subtiele manier’, schrijft Talley, Afro-Amerikaans en opgegroeid in het gesegregeerde zuiden van de VS.

Hij schreef er een opgetogen opiniestuk over voor The Washington Post, en stuurde dat naar de uitgever van Vogue, die het op haar beurt weer naar alle hoofdredacteuren van moederbedrijf Condé Nast doorspeelde. Nul reacties, ‘zelfs geen korte e-mail van Anna Wintour. Hoofdredacteuren met wie ik tientallen jaren werkte, zagen het belang van de situatie niet in, simpelweg omdat ze niet in staat zijn om het te begrijpen. Niemand heeft de wereld door zwarte ogen gezien.’

„Ik vind het heel zwart, op een subtiele manier”, schrijft Talley over de cover met Beyoncé van september 2018, gefotografeerd door Tyler Mitchell, de eerste zwarte coverfotograaf in de 126-jarige geschiedenis van Vogue.

Als boeken- en Vogue-verslindende twaalfjarige had Talley, stelt hij aan het begin van zijn boek, niet durven dromen van het leven dat hij leidt. Toen hij twee maanden oud was, brachten zijn ouders hem onder bij zijn grootmoeder in Durham, North Carolina, die als huishoudster op een campus werkte en hem opvoedde met kerkbezoek, regelmaat en reinheid (lees: huishoudelijke klussen).

Talley studeerde Frans aan de lokale zwarte universiteit en kreeg een beurs voor een doctoraal aan de prestigieuze Brown University op Rhode Island. Zijn toelage besteedde hij meteen aan lakens en een afgeprijsde broek van Yves Saint Laurent en lange, dikke gele handdoeken – zijn geheugen wat betreft bezittingen en outfits is fenomenaal, op het angstaanjagende af.

Begonnen bij het Met

Zijn carrière begon op de kostuumafdeling van het Metropolitan Museum of Art, als assistent van de legendarische Diana Vreeland, voormalig hoofdredacteur van Vogue. Voor hij naar Vogue ging, was hij verbonden aan Andy Warhols Interview, modedagblad WWD en de zwarte Amerikanse glossy Ebony.

Talley beschrijft in zijn boek een wereld waar gratis designerkleding volstrekt normaal is, en verblijf in luxe hotels, koffers van Louis Vuitton (hij heeft er zelf meer dan vijftig) en auto’s met chauffeur basisbehoeften zijn. Halverwege de jaren tien maakt hij voor Vogue podcasts, waarvoor hij per aflevering 500 dollar betaald krijgt – een schijntje, vindt hij. Het bedrag besteedt hij geheel aan de huur van de auto met chauffeur die hem naar en van het kantoor rijdt. De dagen van de door de uitgeverij betaald luxevervoer zijn dan al voorbij, sinds Condé Nast kampt met tegenvallende resultaten.

Lees ook het opiniestuk van fashionactiviste Janice Deul: Modemensen, stap uit uw bubbel

Uiteraard klapt Talley uit de school over Wintour. Op de anekdote na dat al haar ex-vriendjes werden ingevlogen voor haar verder bescheiden bruiloft, dragen die verhalen weinig bij aan het beeld dat al over haar bestaat dankzij de film The Devil Wears Prada en de documentaire The September Issue – een zakelijke, harde, machtige vrouw die, zoals Talley bitter schrijft, ‘niet in staat is tot medemenselijkheid’. Talley realiseerde zich in het voorjaar van 2018, toen hij als rodeloperinterviewer bij het Met Gala werd vervangen door een influencer, dat hij ‘te oud, te dik en te oncool’ was geworden voor haar. De breuk met Wintour heeft, schrijft hij, emotionele littekens bij hem achtergelaten.

De vriendschap met Lagerfeld

Interessanter, want onbekender, zijn de stukken over Karl Lagerfeld, met wie hij veertig jaar bevriend was. Vriendschap werd door Lagerfeld vooral getoond door cadeaus, te beginnen bij, in Talleys geval, een paar zijden overhemden waar Lagerfeld zelf genoeg van had. Als Lagerfeld Talley vele jaren later uitnodigt langs te komen in zijn villa in Biarritz, mag hij eerst bij Louis Vuitton een enorme hutkoffer uitzoeken voor zijn kaftans, waarna hij een chauffeur stuurt om hem op te halen. Nadat Talley heeft voorgesteld het personeel fooien te geven, laat Lagerfeld 12.500 franc (ongeveer 2.000 euro) naar zijn kamer brengen. Een cadeau teruggeven was onmogelijk: de diamanten dasspeld die Talley voor hem koopt, geeft Lagerfeld vrijwel meteen door aan iemand anders.

Andre Leon Talley met stylist Marina Schiano, omstreeks 1980.

Foto PL Gould/IMAGES/Getty Images

Herhaaldelijk ziet Talley hoe Lagerfeld van de een op de andere dag genoeg krijgt van mensen, en dat overkomt hem uiteindelijk ook. Volgens hem omdat hij hem vroeg een financiële bijdrage te leveren aan het retrospectief van een overleden fotograaf, die voor Chanel had gewerkt in de tijd dat Lagerfeld de fotografie voor het merk zelf nog niet deed. ‘Karls ego kon het niet opbrengen een andere fotograaf te steunen.’

Maar het verhaal van Talley is vooral, zoals hij al duidelijk maakt in de inleiding, het verhaal van een van de eerste zwarte mensen aan de top van de modewereld.

‘Dat ik zwart ben, was niet belangrijk’, schrijft hij over de eerste keer dat hij eind jaren zeventig ‘tussen de witte stijltitanen’ als Parijse correspondent van WWD front row zit. ‘Wat ertoe deed, was dat ik intelligent was.’

André Leon Talley tijdens de modeshow van Marc Jacobs in februari 2020.

Foto Dimitrios Kambouris/Getty Images for Marc Jacobs

Een illusie, zo blijkt spoedig. Paloma Picasso vertelt hem dat de pr-vrouw van Yves Saint Laurent hem achter zijn rug ‘Queen Kong’ noemt. Schrijnend is ook het verhaal over de reden van zijn vertrek bij WWD: in een volle vergaderkamer wordt hij ervan beschuldigd met elke Parijse ontwerper het bed te hebben gedeeld, ‘alsof ik alleen een grote zwarte bok was, zonder talent of visie. (-) Een zwarte man wordt er altijd van beschuldigd iets verschrikkelijks te hebben gedaan.’

Seks had, en heeft, Talley overigens amper. Een keer belandt Talley in bed met een potentiële geliefde, maar het leidt tot niks: ‘Ik was hopeloos, nutteloos.’ Aan de oorzaak wijdt hij slechts een paar alinea’s: als kind werd hij misbruikt door een man uit zijn buurt, en later ook door oudere broers van vriendjes en vriendinnetjes. Het is niet heel vergezocht om zijn obsessie met materiële zaken en status te zien als sublimatie. Hij noemt het zelf als oorzaak van zijn vreetbuien, die beginnen na de dood van zijn geliefde grootmoeder in 1989. Door de jaren heen komt hij zóveel aan, dat hij zijn met Hermès-shawls gevoerde pakken en krokodillenleren jassen moet verruilen voor kaftans, die speciaal voor hem door beroemde ontwerpers worden gemaakt.

Nadat Wintour hem al eens naar de sportschool heeft gestuurd, gaat hij op kosten van Vogue maandenlang naar een kliniek, waar hij nog drie keert terugkeert. Het heeft allemaal hoogstens een tijdelijk effect. Een maagband helpt evenmin. Als hij op uitnodiging van Naomi Campbell de modeweek in Lagos bezoekt, heeft hij op het vliegveld een rolstoel nodig.

De kracht van suggestie

Edward Enninful van de Britse Vogue, de eerste zwarte Vogue-hoofdredacteur, ziet Talley als iemand die de weg voor hem heeft geplaveid. Maar Talley heeft weinig kunnen doen om de wereld om hem heen diverser te maken, zo constateert hij ook zelf. Hij was te druk bezig zelf vooruit te komen, de volgende dag te halen, als zwarte man bang het ‘te verkloten’.

Toen midden jaren negentig de catwalks pijnlijk wit waren geworden, gebruikte hij alleen ‘de kracht van suggestie’ om daar iets aan te doen. ‘Ik zei niet tegen Karl Lagerfeld ‘waar zijn de zwarte modellen op je catwalk?’, maar ‘zou Naomi Campbell er niet geweldig uitzien in dat pak?’’

Lees ook: Het systeem is uit de mode

Ook bij Vogue wist hij weinig te veranderen. De Amerikaanse Vogue laat de laatste jaren, als een van de eerste edities van het tijdschrift, consequent donkere modellen zien, maar de afgelopen dagen kwamen, naar aanleiding van de Black Lives Matter-protesten, klachten van ex-werknemers van kleur naar buiten over ongelijke betaling en gebrek aan steun op de werkvloer.

‘Mijn grote kracht is geweest’, stelt Talley ergens, wonderlijk genoeg zonder wrok of ironie (‘Ik kleineer mezelf niet door dit te zeggen’), ‘dat ik naast kleine, belangrijke, machtige witte vrouwen kon staan en hen steunen in hun visie.’