Necrologie

Piet van der Kruk: gewichtheffer, atleet én dopingbestrijder

Necrologie Piet van der Kruk (1941-2020) Oud-gewichtheffer en kogelstoter Piet van der Kruk zette zich na zijn actieve sportcarrière in voor de strijd tegen doping.

Gewichtheffer Piet van der Kruk tijdens zijn voorbereiding op de Olympische Spelen van 1968 in Mexico-Stad.
Gewichtheffer Piet van der Kruk tijdens zijn voorbereiding op de Olympische Spelen van 1968 in Mexico-Stad. Foto ANP

In dat grote, bonkige, oersterke lijf school een sociaal en warm hart, het treffendst uitgedrukt in een kwalificatie op zijn rouwkaart: ‘opa uit duizenden’. Piet van der Kruk is dood – donderdag op 78-jarige leeftijd overleden na een kortstondig ziekbed. De oud-sportman blijft in de herinnering van velen voortleven als een fijne, strijdbare kerel.

Oud-collega en vriend, sportconsulent Rens van Kleij, omschreef hem op Twitter als „een groot sportman die altijd klaarstond om te knokken voor de goede zaak”. Wat heet, Van der Kruk, worstelaar, discuswerper, kogelstoter, maar vooral gewichtheffer, streed jarenlang tegen doping, het gif waarvan zijn geliefde krachtsporten zijn vergeven.

Als directeur van NeCeDo (Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken), voorloper van de Dopingautoriteit, ging Van der Kruk institutioneel de strijd aan, maar daarvoor, als voorzitter van de Nederlandse krachtsportbond, had hij zo zijn eigen methoden. Bij nationale wedstrijden, in een tijd dat er niet werd gecontroleerd, hing Van der Kruk een bordje ‘Dopingcontrole’ aan de deur van een bezemkast, waarna hij een aantal deelnemers plotseling zag vertrekken. „Zo, dat heeft effect gehad”, zei hij dan.

Streng in de leer

Typisch Piet, zegt Van Kleij. „Maar als vriend kon je je geen betere wensen; als het moest ging hij voor jou door roeien en ruiten. Zeker, hij had ook vijanden, maar dat kwam deels door zijn stijl. Piet boog nooit, was streng in de leer; recht was recht, krom was krom. Hij hield niet van miezemauzen en onnodige compromissen. In Piets ogen klopt iets wel of niet. En als er niet naar hem werd geluisterd, sloeg hij met de vuist op tafel, dan had-ie de aandacht.”

Het lijkt tegenstrijdig, dat uitgerekend deze Nederlandse gewichtheffer van statuur zijn arbeidzame leven deels inzette voor de bestrijding van doping. Maar in zijn geval zat daar een zekere logica in. Van der Kruk had als sporter in de jaren zestig geen notie van doping. Pas later zag hij hoe groot het probleem onder gewichtheffers was en walgde hij ervan. Van der Kruk hoorde wel over doping en hij verbaasde zich over opgeblazen concurrenten, maar het fijne wist hij er niet van.

Ergens in de jaren zeventig, toen hij bondscoach was, vielen de schellen van zijn ogen bij een groot kampioenschap in Sofia. In het theater waar de wedstrijden werden gehouden moesten de gewichtheffers één dag plaatsmaken voor een partijcongres van de Bulgaarse communistische partij. In de alternatieve circustent ontbraken de gebruikelijke privé-nissen en zag Van der Kruk tot zijn ontsteltenis hoe de spuiten er zonder gêne ingingen.

Bij nationale wedstrijden hing hij aan een bezemkast een bordje ‘Dopingcontrole’

Op dat moment wist Van der Kruk dat hij er goed aan had gedaan om van de verboden middelen af te blijven. Want ook hij heeft in dubio gestaan: wel of geen doping? De gewichtheffer dreef in de nadagen van zijn carrière steeds verder weg van zijn concurrenten en ging te rade bij zijn huisarts. „Hij wees mij op de kwalijke gevolge van doping. Ik was in één klap genezen. Als die man mijn pad niet had gekruist, weet ik niet wat ik had gedaan”, zei Van der Kruk in 1998 in een interview met NRC Handelsblad.

Mede daarom is in retrospectief zijn negende plaats bij de Olympische Spelen van 1968 – met een Nederlands record van 487,5 kilo – een puike prestatie. Een resultaat dat bij de uitvoering van dopingcontroles waarschijnlijk hoger zou zijn uitgevallen, besefte Van der Kruk jaren later.

Multitalent

Hij werd olympisch gewichtheffer, terwijl hij ook als kogelstoter naar de Spelen had gekund. Hij was een multitalent, combineerde worstelen, discuswerpen en kogelstoten met gewichtheffen, de sporttak die hem het liefst was. Net als bij het gewichtheffen werd Van der Kruk vier keer Nederlands kampioen kogelstoten. Als eerste Nederlander gooide hij de kogel over zeventien meter, 17,09 meter een precies te zijn, een nationaal record dat zeven jaar standhield.

De sport had hem zo veel gebracht, dat hij er wat voor wilde teruggeven. Voor Van der Kruk was het dan ook vanzelfsprekend dat hij zijn actieve carrière de sport trouw bleef. Naast directeur van NeCeDo was hij hoofd afdeling sport- en recreatiezaken van de gemeente Delft en hoofd sector Sportaccommodaties bij sportkoepel NOC-NSF. Daarnaast was hij medeoprichter en bestuurslid van de Stichting Verenigingshallenplan, die bijdroeg aan een flinke toename van het aantal sporthallen in Nederland.

In zijn vrije tijd was Van der Kruk bijna twintig jaar bestuurslid van de krachtsportbond, waarvan de helft als voorzitter. Verder was hij bestuurslid van voorheen de Nederlandse Sport Federatie, het Nationaal Instituut voor de Sportgezondheidszorg en lid van de Provinciale Sportraad van Zuid-Holland. Maar het allerliefste gaf hij voor tv-zender Eurosport commentaar bij gewichtheffen, een rol die hij tot 2016 met veel liefde en verve vervulde.

Van der Kruk, die een vrouw, drie kinderen en tien kleinkinderen nalaat, kreeg voor zijn verdiensten vele onderscheidingen, waarvan het lintje als Ridder in de Orde van Oranje-Nassau hem het dierbaarst was.

Correctie (9 juni 2020): in een eerdere versie stond vermeld dat Van der Kruk de enige Nederlandse olympische gewichtheffer is geweest. Dit is niet het geval en is aangepast.