Opinie

Onderzoek de racist in jezelf

ziet hoe zelfs influencers hun posts over nagellak afwisselen met moraliserende praat over racisme. Maar wie, vraagt zij zich af, is er bereid echt iets op het spel te zetten?
Illustratie: Hajo

Er is iets losgewoeld. Een zwarte man werd aan de overkant van de plas langzaam, zonder twijfel en in alle rust vermoord. En al snel verspreidden de woede en het verdriet zich als een olievlek. Waar Kick Out Zwarte Piet en Black Lives Matter in hun niet aflatende pogingen racisme op de agenda te zetten tegen een muur van onverschilligheid liepen en eigenlijk alleen werden omarmd door een randstedelijke culturele elite, kwamen nu duizenden mensen samen op de Dam in Amsterdam.

De dag daarna stonden alle sociale media-kanalen vol met zwarte protestvierkanten, persoonlijke gedachten over ongelijkheid en boeken- en filmtips om de geschiedenis van onderdrukking te leren kennen en begrijpen. Bij de talkshow M zat de tafel voor het eerst in de Nederlandse tv-geschiedenis vol met zwarte sprekers, die de ruimte kregen om ook met elkaar te botsen: een mogelijkheid die bij het platte, doodsbange Op1, waar het woord ‘racisme’ consequent omzeild wordt, überhaupt niet bestaat.

Als ik nu door mijn Instagram scroll, bestaat er even niets anders dan deze roep om gelijkheid. Een hoopvolle ontwikkeling na die doodvervelende mix van zachtroze huiskamers, pannekoekplanten, socialites die hun kinderen gebruiken als reclamezuil, met wc-rollen trainende fitboys en eindeloze berichten met betrekking tot de kracht van kristallen en de perfecte salad bowl.

Maar na een uurtje kijken, voel ik me net zo uitgewrongen, schuldig, ontheemd en ontdaan als in tijden van oppervlakkigheid.

Lees ook: Een zwarte tegel op Instagram, als teken van verzet

Ik heb op mijn kop gekregen, heb orders ontvangen, ben bevoogdend toegesproken, heb een eindeloze uitleg van honderden mensen over racisme gekregen, over wat ik moet doen en laten, hoe ik mijn mond moet houden èn praten, hoe ik moet lezen en luisteren en bij mezelf te rade moet gaan. Het lijkt het een lange monoloog van één monster met duizend hoofden, steeds dwingender , steeds luider, steeds onverstaanbaarder.

De opvallendste gewichtigdoeners zijn de influencers

Maar nu komt het: de schrilste stemmen van het duizendkoppige monster komen uit de kelen van de witte mensen. En dan vooral van witte mensen die zich vóór deze week slechts uitlieten over de staat van hun gefermenteerde koolbladeren.

De opvallendste gewichtigdoeners zijn de influencers, die nu er iets te halen valt, met serieuze gezichten hun volgers toespreken over het belang van inclusiviteit, terwijl ze een compleet a-politiek leven vieren dat zich afspeelt langs de lijnen van een witte dominante cultuur. Neem nu The Queen of Jetlags. Die heeft zich online nog nooit maar een seconde beziggehouden met iets anders dan de juiste pastelfilter voor haar gemanicuurde croissantjes. Nu, na ‘een dagje huiswerk’, spreekt ze haar volgers vermanend toe: „Quotes van anderen plaatsen is niet genoeg, daar leer je weinig tot niets van. Put in the hours om te leren. Probeer klein te beginnen, ga de dialoog aan in je eigen omgeving, corrigeer mensen, vind je stem en gebruik deze.”

Lees ook: Ook Nederland kent genoeg racisme

Een grote groep mensen probeert vanachter hun beeldschermpje grip te krijgen op wat er toch allemaal voor onbegrijpelijks op onze planeet gebeurt. Buiten loert een onzichtbare dood, binnen hebben we ons geworpen op iets concreets: het vernietigen van het kwaad in anderen. En dat doen we met het vuur van duizend zonnen.

Dat doen witte mensen met een voor velen nieuwe woede, die inderdaad gaat over een stervende zwarte man op straat, maar ook over het verlangen iets te vinden wat ze vast kunnen grijpen in een doodenge tijd. Een tijd waarin economische, sociale en historische zekerheden verkruimelen. Een kruispunt in de geschiedenis.

In een mum van tijd was Instagram bezaaid met zwarte vlakjes

De perverse radartjes van de sociale media-machinerie blijven intussen trouw draaien. Neem nu het zwarte vierkant, een symbool voor tijdelijke bezinning en een mogelijkheid voor witte mensen om zwarte mensen het podium te geven. Binnen een mum van tijd was Instagram bezaaid met zwarte vlakjes en was eenieder die niet mee deed verdacht. Al snel was het vierkant symbool van lui activisme, waren de witte mensen die besloten dat de vraag om eens één dagje hun mond op Instagram te houden juist verkeerd. Want nu was het de tijd om mensen bewust te maken van racisme en dat kan niet als je je mond houdt. Weer een dag later moest iedereen die een zwart vlak had geplaatst óók een petitie tekenen tegen de verruiming van de mogelijkheid voor gebruik van geweld bij Nederlandse agenten.

De strijd om invloed speelt zich online voor witte mensen momenteel dus af op ongebruikelijk terrein. Wie weet het beste de aandacht te verschuiven naar mensen van kleur? Wie roept anderen het meest eloquent en emotioneel een halt toe? Wie heeft de meeste kennis van zwarte geschiedenis en cultuur? Wie is er het meest consequent, het meest bereid zich aan de goede zaak te committeren?

Ik bedoel niet dat de witte mensen die strijden tegen racisme hypocrieten zijn. Velen zijn erg geschrokken, velen doen hun best om te begrijpen waar de zwarte pijn vandaan komt, of deden dat allang.

Maar we leven nu eenmaal in een tijd waarin je slechts het hoofd boven water kan houden door snel naar een afgemeten eindoordeel doorstotend te reageren.

Daar komt bij dat het grootste verlangen van mijn generatie misschien wel is om zachtjes geaaid te worden. We zijn een club zonder zekerheid, zonder geld, zonder gegeven waarheid, zonder rust, zonder leiders. We zijn bang verloren te raken in een land waar niemand op ons zit te wachten en waar we dus onszelf moeten verkopen, iedere dag weer. Dan ga je houvast zoeken, bij groepen die vaak hun cohesie online bestendigen.

Te snel en te luid: als een showorkest op een begrafenis

Sommigen hebben vreselijke haast om een bijdrage te leveren. Dat hoeft lang niet altijd verkeerd te zijn. Maar wanneer het over racisme gaat, over een eeuwenoud bouwwerk van pijn, achterstand, vernedering en schaamte, is het noodzakelijk om secuur te blijven.

Want waarom realiseren veel witte mensen zich niet dat het hun niet past om op de blaffende, dwingende taal van de leider anderen toe te spreken, ook al doen ze dat om de boeken van Maya Angelou onder de mensen te verspreiden? Waarom zien ze niet dat ze in hun pogingen zwarte stemmen het woord te geven, opzichtig zijn als een showorkest op een begrafenis?

En waarom denken witte anti-racisme-activisten dat het voldoende is om vroom te zeggen: ‘ik leer,’ of ‘ik realiseer me dat ik privileges heb’, maar nooit eens een inkijkje te geven in wát ze dan precies allemaal voor troep tegenkomen op hun rommelzolder vol vooroordelen?

Met andere woorden: waar blijft de eigen verborgen lelijkheid? Het antwoord is: de bereidheid om werkelijk iets op het spel te zetten is niet groot. De angst om uit de gratie te raken is in deze onzekere tijden daarentegen groter dan ooit. Van al die witte ‘nieuwe’ activisten onderzoekt niemand de racist in zichzelf. Zij stellen zelf vrij te zijn van de zonde. Ik teken op: „Ik ben immuun voor racisme.” En: „Zelf ken ik geen racisme, voor mij is iedereen gelijk. Maar ik moet me realiseren dat andere mensen niet zo zijn.”

Maar zo lang iedereen een propper-dominee blijft, actief op zoek naar een publiek om voor te preken zonder zelf eens met de billen bloot de kansel op te gaan, is de kans op revolutie en het herverdelen van de macht klein.

Dan wat mijzelf betreft, want nu moet ik eraan geloven. Ik dobber tussen wal en schip. Ik ben een dubbelbloed.

‘Waar kom je echt vandaan?’

In een winkel moest ik mijn tas openen voor de bewaking, terwijl mijn blonde vriendin door mocht lopen. Een uitgever was huiverig iets van mij te publiceren, uit angst voor ‘Abou Jahjah-taferelen.’ ‘Waar kom je echt vandaan?’ is een van de meest gebruikte openingsvragen in nieuwe gesprekken.

Ik was ooit een kettinkje kwijt en dacht toen in een impuls dat mijn zwarte schoonmaakster het misschien wel had weggenomen. Ik heb het wel eens met een vermoeide blik gehad over ‘Berbertemperament.’ Ik schrik als ik ’s avonds in mijn eentje mannen tegenkom op straat. Ik schrik net wat meer als die mannen zwart zijn. Ik heb wel eens vaag instemmend geknikt tegen een taxichauffeur die tekeerging over buitenlanders, omdat ik geen zin had in gedoe. Ik zeg wel eens dat Japanners ‘een wreed volk’ zijn: een soort Indograp waar geen excuus voor bestaat.

Ik heb in het verleden meer moeite gehad met zwarte, woedende mensen dan met witte, woedende mensen en daarbij soms het woord ‘arrogant’ gebruikt. Een labiel of wantrouwend iemand met een Indische achtergrond is in mijn optiek al snel ‘een echte Indo.’ In 2012 vond ik een programma in De Balie over Zwarte Piet ‘overtrokken.’ Ik heb dingen geschreven over mensen van kleur waar ik me nu voor schaam. Ik vond het een geruststellende gedachte dat mijn jongste zoon witter is dan ik, met zijn blauwe ogen en donkerblonde haar.

Ik walg van deze gedachten. Ze spijten me. Ik doe mijn best ze te ontmantelen.

Voor het werkelijke vuil in je ziel krijg je geen complimenten

Sociale media zijn uiteindelijk niet de meest geschikte plek om onze echte duisternis te tonen. Voor het werkelijke vuil in je ziel krijg je geen complimenten en noemt niemand je ‘dapper.’ In plaats daarvan word je verstoten: de zuiverheidsapostelen verklaren je met vilein genoegen tot melaatse.

Lees ook dit essay van Kiza Magendane: Luister naar ons – hoe onplezierig dat ook is

We hebben Instagram als platform van ijdelheid, aanbidding en bestraffing opgetrokken. Maar het systeem waaraan we ons geconformeerd hebben, accepteert slechts een paar rebellen. Voor de anderen staat het duizendkoppige monster in de diepte te wachten, klaar om ons in te lijven. En de grote groep krijgt steeds nèt genoeg hapjes liefde en bewondering toegeworpen.

Zo worden ze hongerig gehouden en gaan dus steeds weer op zoek naar de volgende schande. Hoe oprecht woede en schaamte ook zijn, ieder onrecht biedt een mogelijkheid tot erkenning. Sociale media zijn volledig ingericht op het verlangende ego en de drang naar veiligheid, precies de dingen die geprivilegieerde mensen makkelijker dan anderen krijgen. Zo’n plek van samenkomst krijgt geen werkelijke verandering voor elkaar. Het verafschuwt nuance, stilte en het kwaad in ons allen. Het stimuleert competitie, bewijsdrift en opgepoetste leugens.

En zo blijft het monster eten en schreeuwt het met volle mond om gelijkheid voor allen.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.