Opinie

Stille koepels

Over de hele wereld lieten topsporters van zich horen tegen racisme. Oké, een aantal dan. Die van het soort dat naast talent, discipline en vorm, ook moed bezit. Tot George Floyd voor de camera door politie werd vermoord, kon je topsporters die zich tegen racisme uitspraken op een hand tellen, nu heb je ook je andere hand nodig, en je voeten en alle andere lichaamsdelen.

Tennissers lieten symbolisch hun rackets vallen, Liverpool FC knielde op de middencirkel, in de Bundesliga toonden spelers ondershirts met daarop de woorden: ‘Gerechtigheid voor George Floyd’. Sinds 2014 krijgen voetballers voor het op die manier uiten van hun mening een gele kaart, want op het grootste podium van de wereld, het grasveld van om en nabij 7.000 vierkante meter, word je gestraft als je je mening op je shirt schrijft en dat toont. Dat voetballers dat accepteren, vind ik tot dusver de sportblunder van deze eeuw.

FIFA-baas Gianni Infantino liet weten dat de spelers die zich afgelopen week tegen racisme geuit hebben, applaus verdienen en geen straf. Benieuwd of dat in de toekomst ook zo blijft. Onder zijn voorzitterschap werd immers de taskforce racisme ontmanteld, maar een kniesoor die daar nu aan denkt.

Van andere overkoepelende sportorganisaties kwam niks dan stilte en dat bracht Stephen Jackson, voormalig NBA-speler en goede vriend van George Floyd, ertoe zich vanaf zijn sociale media te richten tot zijn collega’s bij de NBA, NFL en Major League Baseball. Hij vraagt hen de managers, directeuren en eigenaren van clubs aan te spreken „Ze willen dat je lacht, promoot, schiet, traint en de organisatie op de juiste manier vertegenwoordigt, niet? Maar ze vechten niet voor ons, ik hoor ze geen van allen … als ze zich niet voor ons uitspreken, zijn ze negen van de tien keer tegen ons. Ze houden van het geld dat je binnenbrengt, maar waarom hoor je ze niet als onze kinderen worden vermoord? Als onze zwarte mannen en vrouwen worden vermoord?”

De spelers van de NFL maakten een indrukwekkend filmpje waarin ze hun koepel oproepen zich tegen racisme uit te spreken en in te zien dat het verkeerd is om van spelers te vragen dat niet te doen. Dichtbij huis genoot ik van Merel van Dongen. De in psychologie afgestudeerde, linksbenige verdedigster van Oranje gaf PVV-leider Geert Wilders een lesje politiek. Wilders tweette over het protest tegen racisme op de Dam: „Ben een je linkse demonstrant dan geldt de anderhalve meter ineens niet meer …”

Merel van Dongen zag die misser en tweette: „Je bent niet links als je tegen racisme bent. Of zijn alle rechtse mensen racistisch?”

In het wereldbeeld van Wilders is de FIFA nu mogelijk links. Hij tweette door over dingen die weg moeten, maar tegen Van Dongen bleef hij stil. Stil zijn ook negen van de tien koepels van sportorganisaties, zoals de meeste koepels broeinesten van machtige witte mannen waarvan negen van de tien een bal nog niet kunnen raken als die op hun boterham ligt, of dat nu op het sportveld is of in de politiek.

Carolina Trujillo is schrijfster.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.