Algenschuim veroorzaakte surfongeluk Scheveningen

Surfdrama Op de zee bij Scheveningen was door een grote hoeveelheid algenresten en de harde wind metershoog algenschuim ontstaan.
Noordelijk Havenhoofd in Scheveningen op donderdag 4 juni. Bij het Havenhoofd kwamen enkele weken geleden vijf surfers om het leven bij het surfdrama.
Noordelijk Havenhoofd in Scheveningen op donderdag 4 juni. Bij het Havenhoofd kwamen enkele weken geleden vijf surfers om het leven bij het surfdrama. Foto Sem van der Wal/ANP

De aanwezigheid van grote hoeveelheden algenschuim was waarschijnlijk de hoofdoorzaak van het surfongeval in Scheveningen waarbij in mei vijf surfers om het leven kwamen. Dat blijkt uit een eerste onderzoeksronde naar het ongeluk, schrijft burgemeester Johan Remkes vrijdag aan de Haagse gemeenteraad. Zijn brief verwijst naar een onderzoek van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ).

Hoe het schuim de surfers precies fataal is geworden, wordt niet toegelicht. Wel stelde het NIOZ vast dat het schuim waarschijnlijk niet giftig was. De gemeente gaat praten met de overlevenden en surfdeskundigen om te kijken hoe de veiligheid van surfers en andere watersporters vergroot kan worden. Burgemeester Johan Remkes noemt de mogelijkheid een waarschuwingssysteem te ontwikkelen voor schuimvorming. „Maar dit vraagt nog wel enige ontwikkelingstijd.” Misschien is zo’n systeem niet nodig, schrijft Remkes: „Mogelijk dat, nu het potentieel gevaar van zeeschuim bekend is, juiste voorlichting een betere optie is.”

Het NIOZ concludeerde deze week al dat doordat er veel algenresten in zee waren en er harde wind stond, er sprake was van ongewoon veel algenschuim dat metershoog reikte. „Metingen in het Marsdiep suggereren dat na deze algenbloei de hoeveelheid algencellen in het zeewater dit jaar vier keer zo hoog was als tijdens de gemiddelde piek gedurende de afgelopen tien jaar”, is te lezen op de site van het NIOZ

De wind was de grote boosdoener. Omdat er weinig wind stond op 9 mei verzamelden de algenresten zich mogelijk op de oppervlakte van de zee. De harde tot krachtige noordnoordoostenwind blies een dag later het gevormde schuim naar de kust, waar het verder werd opgeklopt. Op 11 mei, de dag van het ongeluk, lag daar waar het Noordelijk Havenhoofd en het strand samenkomen, een pak schuim van ruim twee meter hoog. Een surfer die hierin belandde kon gedesoriënteerd raken.

De slachtoffers waren tussen de 22 en 38 jaar. Ze kwamen uit Den Haag en Delft. Het lichaam van de vijfde surfer, een 23-jarige man, werd pas donderdag gevonden. De watersporters waren zeer ervaren en goed bekend met de surflocatie. Het Openbaar Ministerie heeft nog onderzocht of er sprake was van strafbaar handelen, dit was niet het geval. Het was een „ongelukkige samenloop van omstandigheden die tot dit dramatische ongeluk heeft geleid” schrijft burgemeester Remkes aan de Raad.

Lees ook: Ze waren jong, fit en sportief. De gemeenschap snapt niet hoe dat is gebeurd. „Ze waren ontzettend goed.”