Recensie

Recensie Vormgeving

Museum Boijmans Van Beuningen: van gesloten naar laagdrempelig

Architectuur De ontwerpvisie van Francine Houben van het te verbouwen Museum Boijmans Van Beuningen is gericht op de ontwarring van een labyrint.

Ontwerpvisie achterzijde Boijmans Van Beuningen: links is het paviljoen van Henket verwijderd, rechts een nieuwe glazen galerij die de tuin meer met het museum moet verbinden.
Ontwerpvisie achterzijde Boijmans Van Beuningen: links is het paviljoen van Henket verwijderd, rechts een nieuwe glazen galerij die de tuin meer met het museum moet verbinden. Mecanoo architecten

Een gordiaanse knoop, noemde Francine Houben van Mecanoo architecten woensdag het probleem van het Museum Boijmans Van Beuningen tijdens de presentatie in Arminius in Rotterdam van haar ontwerpvisie voor de verbouwing en renovatie van het uit vier bouwdelen bestaande museum. Het Boijmans, dat vorig jaar voor zeven jaar de deuren sloot om te worden verbouwd zonder dat er een ontwerp was, was een labyrint, legde Houben uit. Maar terwijl een doolhof voor pret kan zorgen, had het labyrint van het Rotterdamse museum louter nadelen. Zo raakten bezoekers steevast gedesoriënteerd in het museum waardoor ze vaak delen van tentoonstellingen misten.

Lees ook: Het nieuwe ontwerp ligt er, maar wat gaat het kosten?

Met de ontwerpvisie voor het nieuwe museum heeft Mecanoo de Gordiaanse knoop van het Boijmans net zo rigoureus opgelost als Alexander de Grote, die in 333 voor Christus de onontwarbare knoop doorhakte: de laatste twee uitbreidingen van het museum gaan verdwijnen. De huidige bunkerachtige nieuwbouw die in 2003 aan het Museumpark werd gebouwd naar een ontwerp van de Belgische architecten Robbrecht en Daem wordt, op de kelder na, gesloopt. En het door Hubert-Jan Henket ontworpen paviljoen in de museumtuin uit 1991 wordt gedemonteerd en op een nog onbekende plek weer opgebouwd. De twee oudste delen van het museum, het bakstenen palazzo van Ad van der Steur uit 1935, en de laat-modernistische uitbreiding van Alexander Bodon uit 1971 worden daarentegen in oude luister hersteld.

Laagdrempelig

De ontwerpvisie van Mecanoo voor de vernieuwing van Museum Boijmans van Beuningen voorziet ook in nieuwbouw. Die bestaat uit een lange, lage, kronkelige galerij met glazen gevels die van het Museumpark tussen de twee oudste bouwdelen door naar de Westersingel loopt en eindigt op de huidige parkeerplaats waar een paviljoen wordt gebouwd met tentoonstellingsruimten, een restaurant en een tweede entree. De glazen galerij dient als ruggengraat die alle bouwdelen van het museum, waaronder mogelijk ook een ‘kenniscentrum’, met elkaar verbindt en de bezoekers steeds duidelijk maakt waar ze zich bevinden.

Foto Mecanoo Architecten

Met de publiek toegankelijke galerij wil Houben niet alleen het nu gesloten ogende museum een meer open en laagdrempelig karakter geven, maar ook het desolate Museumpark toegankelijker maken. Nu dient het park vooral als pad van het Museum Boijmans Van Beuningen naar de Kunsthal aan de Westzeedijk. Met het nieuwe museumpaviljoen aan de Westersingel krijgt ook het park een extra toegang. Bovendien wordt de museumtuin door de verwijdering van Henkets paviljoen weer onderdeel van het park, net als het nu in een uithoek weggedrukte G.J. de Jongh-monument uit 1935, dat volgens Houben de ‘mooiste muur van Rotterdam’ heeft.