Marijke van Hees, voorzitter Raad voor Cultuur.

Foto Phil Nijhuis

Interview

Raad voor cultuur: ‘Geografie telt niet zwaarder dan kwaliteit’

Basisinfrastructuur 2021-2024 Voor de komende vier jaar keek de Raad voor Cultuur in haar advisering nadrukkelijker naar regionale spreiding en diversiteit. Voorzitter Marijke van Hees: „De verbreding van de canon kan maatschappelijk, bij het publiek, ook op steun rekenen.”

Subsidie verdelen is geen makkelijke opgave. In elke categorie moesten er lastige afwegingen worden gemaakt, zegt de voorzitter van de Raad voor Cultuur, Marijke van Hees. „Een advies moet voor elke instelling apart kloppen, maar onze adviezen moeten ook als geheel consistent zijn.”

Veel culturele instellingen zijn door de raad positief beoordeeld, maar krijgen toch geen subsidie.

Blijft te weinig budget een probleem?

„Het is geen geheim dat we graag meer geld voor cultuur zouden hebben. De budgetten werken als keurslijf, maar daar kunnen we niet elke keer over klagen. Onze taak is om met ons advies het geld zo goed mogelijk te laten besteden.”

De Raad koos voor meer regionale spreiding. Hoe werkt die afweging met andere criteria?

„Kwaliteit is het belangrijkste criterium. Daarna komen vernieuwing, eerlijke beloning, geografie, educatie en participatie. Zo weegt elke commissie de aanvragen. Wat kwalitatief niet goed genoeg is, kom niet in aanmerking. Geografie telt niet zwaarder dan kwaliteit.

„Ik kan een voorbeeld geven op terrein van Festivals Ontwerp, met aanvragen uit Den Haag en Enschede, beiden van goede kwaliteit. De keuze viel op Gogbot uit Enschede, omdat dat festival veel publiek bereikt. TodaysArt in Den Haag richt zich meer op de makers zelf. En dan werkt mee dat Gogbot zich in het Oosten van het land bevindt. Maar wel in die volgorde.”

Lees ook: Raad voor Cultuur kiest voor subsidie aan nieuwkomers

Bij het advies over jeugdpodiumkunsten werd gesteld dat BIS-instellingen niet per se beter of ‘in artistiek opzicht hoogwaardiger’ waren.

„Bij jeugdpodiumkunst wil je dat de educatieve rol op zoveel mogelijk plekken in het land wordt bewerkstelligd. Dat heeft de minister ook beoogd met de uitbreiding naar vijftien instellingen in dit genre. Er zijn er dertien gekozen, om de soep niet te dun te maken. Dus ook kwalitatief goede gezelschappen vallen dan af.”

Drie instellingen voor urban arts komen de BIS binnen. Dat is te weinig, stelt de raad. Er waren onvoldoende aanvragen. Hoe komt dat?

„We zijn heel blij met Emoves, Dox en het HipHopHuis. Wat we er aan kunnen doen, is stimuleren dat instellingen het lef krijgen om een aanvraag te doen. Er is nu een basis waar we op kunnen voortbouwen. De verbreding van de canon kan maatschappelijk, bij het publiek, ook op steun rekenen.”

Past vernieuwing wel binnen de basisinfrastructuur? Is het niet meer een taak voor de fondsen?

„Vernieuwing verdient op een gegeven moment continuïteit. Organisaties die klein beginnen moet kunnen doorgroeien. Vernieuwing is ook één van de criteria bij de aanvragen en instellingen moeten een visie over hebben. De verbreding in genres gaat ook niet ten koste van bestaande instellingen. Er is extra geld voor uitgetrokken.”

Dat geld gaat nu niet naar bijvoorbeeld het als excellent beoordeelde Orkest van de 18e Eeuw.

„Maar ik ben wel blij dat er zeven ensembles in de BIS komen, zelfs al hadden wij er liever vijftien of tien gehad.”

De raad is kritisch over de naleving van de codes voor eerlijke beloning en voor diversiteit. Moet daar niet strenger op beoordeeld worden?

„Wij geven aan dat instellingen concreter moeten worden. We adviseren om over twee jaar daar opnieuw goed naar te kijken. En dat moet in de volgende periode leiden tot de vraag of een instelling wel voldoet aan het criterium om te mogen aanvragen. Maar het is een politiek te bepalen stap hoe hard die eis wordt.”

Kan fair practice vanwege de coronacrisis worden uitgesteld, zoals de voorzitter van de Museumvereniging suggereerde?

„Wat ons betreft niet. In de huidige tijd moet een werkgever verantwoordelijkheid nemen voor een fatsoenlijke beloning. Financieel is dat lastig, dat snap ik. Maar het is wel iets om naartoe te werken.”