Na ieder schandaal wordt Buitenlandse Zaken strenger voor zichzelf

Integriteit Corrupte praktijken van Nederlandse ondernemers in het buitenland? De diplomatieke dienst heeft meldplicht. Buitenlandse Zaken voert steeds strenger integriteitsbeleid.

Het integriteitsbeleid van Buitenlandse Zaken werd in 2018 nog aangescherpt.
Het integriteitsbeleid van Buitenlandse Zaken werd in 2018 nog aangescherpt. Foto Lex van Lieshout/ANP

Een ambassadeur die vervroegd moet opstappen vanwege zijn gedrag: het komt maar zelden voor. Het overkwam Robert Petri in Nigeria, zoals NRC donderdag berichtte.

Ron Keller, ambassadeur in China, ging hem in 2016 voor. Reden: een geheime relatie met een Chinese vrouw die op de ambassade werkte, die hem chantabel zou maken. In maart 2017 meldde Buitenlandse Zaken dat de arbeidsrelatie met Keller ‘in goed overleg’ was beëindigd, en dat hij ‘eervol ontslag’ kreeg.

Zeven jaar eerder kwam de Nederlandse ambassade in Thailand in opspraak. Na klachten over grootschalige fraude rond visumaanvragen en naturalisaties kwam een onderzoeksteam uit Den Haag de ambassade doorlichten. Toenmalig ambassadeur Tjaco van den Hout kwam met de schrik vrij. Alleen de klacht dat één consulair medewerker zich op ‘ongewenste wijze’ had gedragen bij het verstrekken van visa, bleek terecht. Van den Hout moest de medewerker schriftelijk berispen en kreeg zelf alleen het verwijt dat de medewerker „niet eerder en harder is aangesproken”, zo citeerde Thailandblog.nl hem in 2010.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken (BZ) constateert al enkele jaren tevreden dat het meevalt met het grensoverschrijdend gedrag op ambassades en in Den Haag, blijkt uit documenten die in 2018 via een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur zijn vrijgegeven.

Disciplinaire straffen

Toch komen er jaarlijks tientallen meldingen binnen van vermeende integriteitsschendingen door diplomaten en andere BZ-ambtenaren. Ze staan vermeld in de jaarverslagen tot 2018, evenals de disciplinaire straffen die volgden.

In 2016 en 2017 waren er respectievelijk 24 en 26 van zulke meldingen, aldus de jaarverslagen. Die leidden, na onderzoek, tot vijftien disciplinaire straffen: zes schriftelijke berispingen (vier in 2016, twee in 2017), vier financiële straffen (twee in elk jaar) en vijf keer strafontslag (een keer in 2016, vier keer in 2017). Twintig keer was sprake van een andere afdoening, zoals een waarschuwingsbrief of coaching.

De integriteitsschendingen komen onder meer aan het licht via de Inspectie signalering en begeleiding (ISB). Grofweg elke vier jaar krijgt een ambassade een ISB-team over de vloer. Twee voormalige ambassadeurs of consuls – het gaat om een peer review – praten twee weken lang met iedereen op de ambassade, duiken in de boeken en toetsen het beleid van de post. Na afloop doen ze aanbevelingen voor verbeteringen.

Het is ook de ISB die ad hoc wordt ingevlogen als de lokale situatie erom vraagt, zoals in 2010 in Thailand. Dat kan dan evengoed gaan om een felle ruzie tussen de ambassadeur en de tweede man of vrouw – wat meestal eindigt met het vertrek van een van de twee.

De juiste distantie

„Het blijft me verbazen dat er altijd mensen zijn die integriteit in een andere omgeving anders interpreteren, op een manier die in Nederland echt niet zou kunnen”, zegt een ex-ambassadeur, die op vele posten zetelde in Afrika en Azië. Hij noemt een ex-collega die de dienstauto met chauffeur herhaaldelijk voor eigen gebruik inzette, een „directe reden” voor zijn ontslag – een vroegtijdig vertrek dat de pers niet haalde. „Het is goed dat BZ tegenwoordig mensen terughaalt om in Nederland te werken: na elke twee posten buiten, volgt er een binnen. Heel gezond.”

Het gaat erom de juiste distantie te bewaren, vervolgt hij, zeker in een land dat bekendstaat om zijn corruptie, zoals Nigeria. De ambassade daar kreeg van een lokale functionaris eens extra airportpasjes aangeboden, herinnert hij zich. Met zulke pasjes, waarvan een ambassade er meestal maar twee krijgt, kan een medewerker door de douane om een hoge gast op te vangen bij de gate. Een week later belde dezelfde Nigeriaan: hij had vier vrienden die een visum voor Nederland nodig hadden. „Zulke pasjes moet je dus niet aanpakken, dat is ook niet gebeurd, begreep ik”, aldus de oud-ambassadeur. „Maar daar moet je alert op zijn.”

Hetzelfde geldt voor contacten met Nederlandse ondernemers. „Je moet niet buddy-buddy met ze worden, dat ze denken dat je hun iets verschuldigd bent”, zegt een andere oud-ambassadeur, die in vijf landen diende. Nu gebleken is dat Petri de komst van een onderzoeksteam van de FIOD had aangekondigd bij Shell-medewerkers, „is het goed dat ze hem daar weghalen”, zegt ze.

Lees ook het onderzoeksverhaal± Nederlandse ambassadeur lekte informatie naar Shell

Stromannen gebruiken

Ze herinnert zich hoe Buitenlandse Zaken na 2000 strenger werd op het gebied van integriteit. „Dat was echt een cesuur.” Zo kwam er een meldingsplicht voor corrupte praktijken begaan door Nederlandse ondernemers. „Nederlandse zakenlui vertelden me tot die tijd openlijk over hoe ze stromannen moesten gebruiken in hun contact met de overheid in een gastland, via wie steekpenningen werden betaald. Na de invoering van de meldingsplicht, vielen die verhalen stil.”

Aanleiding was een in de pers breed uitgemeten schandaal over de smokkel van 65 Sri Lankanen naar Nederland, op in Sri Lanka verstrekte visa. Toenmalig ambassadeur in Colombo Bastiaan Körner en zijn kanselier Johan Hendrichs werden in 2001 vrijgesproken van medeplichtigheid aan deze praktijken en kregen nieuwe posten aangeboden. Wel beschouwde het ministerie de publicitaire schade „als bijna onherstelbaar”, schreef Trouw in 2003. Diplomaten werden daarna „met kracht op hun verantwoordelijkheden” gewezen.

Er is nu een centraal meldpunt voor vragen en klachten over zaken als fraude en belangenverstrengeling

De latere ambassadeur in Beijing, Flip de Heer, stuurde bij zijn aantreden in augustus 2001 een memo naar alle ambassademedewerkers, aldus Trouw. „Gedenk Bastiaan Körner”, stond erboven.

Maar de strengere moraal kon een nieuw schandaal bij BZ niet voorkomen. In 2016 dienden medewerkers van de ngo’s Cordaid, Pax en WO=MEN acht klachten in wegens (seksuele) intimidatie, financieel machtsmisbruik en ‘pesten’ door één BZ-ambtenaar in Den Haag. Na intern onderzoek bleken zes van de acht klachten gegrond.

Aanscherping

Het leidde tot de jongste aanscherping van het beleid. In 2018 zag een nieuwe, 35 pagina’s tellende gedragscode voor BZ het licht, Eerst denken, dan doen.

Ook werd het ‘integriteitsvangnet’ uitgebreid. Was in het jaarverslag van 2018 nog sprake van „vijf vertrouwenspersonen” en een niet nader genoemd aantal „lokaal aangestelde vertrouwenspersonen” op de grotere posten, een jaar later zijn liefst „76 vertrouwenspersonen op posten” getraind, aldus het jaarverslag over 2019.

Verder is er een centraal meldpunt gekomen, waar BZ-medewerkers terecht kunnen voor vragen en klachten over zaken als fraude, belangenverstrengeling en lekken van informatie. En een ‘extern steunpunt’, waar ook mensen van buiten BZ met hun klachten terechtkunnen.

Dat laatste was een expliciete wens van de drie betrokken ngo’s. Toch waren ze teleurgesteld met de afhandeling van de zaak met de Haagse ambtenaar. De disciplinaire straf die deze kreeg, werd de betrokkenen niet verteld, uit privacyoverwegingen. „Zulke informatie hebben de betrokkenen wel nodig om een dergelijk pijnlijke zaak tot een vorm van closure te brengen”, aldus Pax desgevraagd. De verscherping heeft evenmin kunnen voorkomen dat Petri in Nigeria te veel ‘buddy-buddy’ werd met Shell-medewerkers.