Niet erg aaibaar

Kijken Germaine Richier maakte robuuste sculpturen van hybride wezens – half mens, half dier, half plant soms.

Beeld van Germaine Richier
Beeld van Germaine Richier Foto Studio Gerrit Schreurs.

Ze stonden al opgesteld, de spichtige figuren van de Franse beeldhouwer Germaine Richier, toen 13 maart alle musea moesten sluiten. Even leek het erop dat Mensbeeld-Mensbeest ongezien kon worden afgebroken. Maar de bruikleengevers waren gul: de sculpturen mogen tot eind september in Scheveningen blijven staan.

Germaine Richier (1902-1959) groeide op in de Provence en was als kind al gebiologeerd door alles wat kroop: spinnen, padden, sprinkhanen. Later, in haar atelier in Parijs, had ze in vitrines een grote verzameling schelpen, insecten en kiezelstenen uitgestald. Ze was gefascineerd door de groei van de natuur, maar vooral ook het verval.

Richier maakte tijdens en vlak na de Tweede Wereldoorlog hybride wezens – half mens, half dier en soms half plant. Een vrouw met insectenpoten, een vleermuisman, een sprinkhaanmens: ruwe, robuuste sculpturen die met hun schubbige huid niet erg aaibaar zijn. Roofdieren zijn het. Stoer en bang tegelijk. De existentiële angst van de oorlog schemert door de beelden heen.

1 juni t/m eind september, Museum Beelden aan Zee , Scheveningen