Opinie

Dankjewel gorgonzola

Foto Merlijn doomernik

Opa wordt steeds vergeetachtiger. Toen we met deze column begonnen, vergat hij soms in welk jaar we leefden, inmiddels vergeet hij soms ook bij welke dochter ik hoor. Het mooie is dat dat weinig uitmaakt voor onze gesprekken. Dingen vergeten is niet hetzelfde als je verstand verliezen. De werkelijkheid achter de waan van de dag lijkt hij juist helderder te zien. De truc is om hem het gesprek te laten leiden. We volgen zijn interesses en daar filosoferen we over, soms urenlang, door de telefoon. Hij daar, met uitzicht op de snelweg. Ik hier, met uitzicht op een boom die inmiddels blaadjes heeft.

Vandaag komen we via de Tweede Wereldoorlog en de uitvinding van de smartphone bij het paradijs. Niet het hiernamaals, want daar gelooft opa niet in. Het paradijs hier op aarde.

Ik vraag hem hoe dat paradijs er zou uitzien. „Iedereen een goedbelegde boterham, vindt hij. „Niet alleen voor de rijken. Dat is ook fijn voor de rijken zelf, want eten is niet leuk als je buurman niets te eten heeft. Iedereen doet werk dat hij leuk vindt, maar niet twaalf uur per dag. En af en toe een uitje, want vakantie hoort er ook bij.”

Zo onbereikbaar klinkt het niet, vinden we allebei. „En toch zullen we het wel nooit bereiken”, denkt opa, „niet zoals ik de mensheid nu ken. Telkens als je denkt dat we er zijn, wordt iedereen bij elkaar geroepen en dan krijgen we een geweer en dan is alles weer voorbij.”

„Hoe komt dat dan?” vraag ik.

„Tja…” zegt opa. „Er zijn hele pientere mensen die daar een goed antwoord op hebben.” Ik zeg dat maar heel weinig van die pientere mensen negentig jaar hebben geleefd en dat ik graag zijn mening wil horen.

Hij blijft even stil en zegt dan: „Het komt doordat mensen niet wijs zijn.” Hij vindt het moeilijk om te zeggen wat ‘wijs zijn’ is, „maar onwijs zijn”, zegt hij, „is achter mensen aanlopen die jou het paradijs beloven terwijl ze alles in hun eigen zak steken.”

„Wijs zijn is zelf nadenken?” vraag ik, maar dan wordt er op opa’s deur geklopt. Een verpleegster komt binnen met zijn boterhammen en ik hoor opa haar uitgebreid bedanken. „Dat is heel belangrijk”, verklaart hij achteraf, „je moet altijd dankjewel zeggen voor alles wat je krijgt.”

Ik probeer het wanneer ik later mijn eigen lunch eet. Dankjewel zuurdesemboterham met gorgonzola. En aangezien dat leuk is, ga ik door: dankjewel huissloffen, dankjewel bio-organisch wc-papier, dankjewel fluitende vogels, dankjewel computer met internet.

Misschien is dit wat opa bedoelde: wijsheid is zien hoeveel moois er al ís.

Raoul de Jong (36) zoekt in 2020 elke maand zijn opa (90) op voor een levensles.