Wie maken er amok: Antifa of de rechtse libertairen?

Agitatoren Trump geeft antifascisten de schuld van de rellen in de VS, maar ook de nieuwe, libertaire Boogaloo Bois lijken zich te roeren. Portret van twee extremistische bewegingen.

Waar de antifascisten veelal geheel in het zwart gekleed gaan, steken de Boogaloo Bois zich juist in fleurige hawaïhemden.
Waar de antifascisten veelal geheel in het zwart gekleed gaan, steken de Boogaloo Bois zich juist in fleurige hawaïhemden. Jeff Kowalsky/ AFP Photo

Toen Donald Trump maandag alsnog de natie toesprak over de golf van protest die al een week over de Verenigde Staten spoelt, verklaarde hij dat „ons land de afgelopen dagen in de greep genomen is van professionele anarchisten, gewelddadige meutes, brandstichters, plunderaars, criminelen, relschoppers, Antifa en anderen”. Net als eerder in het weekeinde schetste de Amerikaanse president daarmee een overzichtelijk beeld: een kleine kliek „ultralinkse” amokmakers verpest het voor de grote meerderheid van geweldloze betogers.

Ook later in zijn toespraak noemde Trump „antifascisten en anderen de belangrijkste aanjagers van het geweld”. Maar wie die ‘anderen’ zijn, liet hij onbenoemd. En dat terwijl veel bewijs opduikt dat ook anti-overheidsbetogers van extreem-rechtse of libertaire snit de afgelopen dagen de protesten hebben proberen te kapen, met name een relatief nieuwe stroming genaamd ‘Boogaloo Bois’. Wat weten we over deze twee bewegingen?

Antifascisten

Trumps minister van justitie William Barr zei zaterdag op een persconferentie „dat het er in veel plaatsen op lijkt dat het geweld beraamd, georganiseerd en gedreven wordt door anarchistische, links-extremistische groepen, uiterst-linkse extremistische groepen, die gebruikmaken van Antifa-achtige tactieken”. Zondag kondigde de president via een tweet aan dat hij „Antifa zal aanmerken als terroristische organisatie”.

Dat laatste dreigement valt niet alleen lastig waar te maken, omdat het in strijd zou zijn met de wet: binnenlandse groeperingen kunnen niet verboden worden. De antifascistische beweging in de VS is ook allesbehalve centraal georganiseerd. Er is geen leider die opgepakt kan worden of hoofdkwartier dat kan worden dichtgetimmerd.

De antifascistische beweging is vorige eeuw komen overwaaien uit Europa. In de VS wordt Antifa tegenwoordig vooral als geuzennaam gedragen door een breed uitwaaierende groep uiterst linkse mensen, die zich niet thuis voelen bij de Democratische Partij. Aanhangers zeggen te strijden voor onderdrukte bevolkingsgroepen of minderheden en bekritiseren de grote ongelijkheid en het kapitalistische systeem. Visueel, maar ook ideologisch, is er een zekere overlap van anarchisten met ‘black block-betogers’, die ook vaak onherkenbaar en van top tot teen in het zwart gekleed gaan tijdens betogingen en zich regelmatig schuldig maken aan vandalisme.

Lees ook: In Minneapolis stikt het van de ‘onbekenden’

De afgelopen jaren eiste Antifa in de VS een prominentere rol op tijdens progressieve betogingen, stelde Brian Levin, directeur van het Centrum voor Haat- en Extremisme-studies van de Staatsuniversiteit van Californië tegen CNN. „Ze proberen niet alleen zichtbaarder te worden via geweld op grote openbare rally’s. Ze proberen ook kleinere bijeenkomsten te kapen en via sociale netwerken teleurgestelde progressieven aan zich te binden die hiervoor geweldloos waren.”

Geweld wordt gerechtvaardigd met het argument dat (neo)nazi’s, fascisten en hun haatzaaiende retoriek fysiek bestreden moeten worden. Een beproefde manier om dit uit te dragen is demonstreren tegen rechts-nationalisten die wit-superioriteitsdenken uitdragen. Zij voelen zich onder Trump gesterkt en Antifa-activisten „gaan hen te lijf met een mentaliteit van ‘het gaat nu los’ en ‘schop ze met je legerkistjes’”, aldus radicaliseringsexpert Levin.

Antifa in de VS kwam vorige eeuw overwaaien uit Europa en eist volgens experts een steeds grotere rol op bij progressieve betogingen

Zo mondde een protest tegen de komst van de rechtse provocateur Milo Yiannopoulos naar de linkse universiteit van Berkeley in 2017 uit op rellen, toen onder anderen Antifabetogers molotovcocktails gooiden en campusgebouwen sloopten. De bekendste botsing deed zich voor in Charlottesville waar Antifa in de zomer van 2017 een tegenbetoging hield, toen wit-nationalistische demonstranten wilden voorkomen dat een standbeeld van een zuidelijke generaal uit de burgeroorlog werd verwijderd. Het leidde tot hevige schermutselingen in de stad, waarbij één dode viel toen een automobilist inreed op het linkse smaldeel van betogers.

Ook tijdens de protesten tegen racistisch politiegeweld zijn Antifa-achtige betogers gesignaleerd. Maar welke rol ze precies spelen in het laten ontsporen van sommige demonstraties, is volgens Jonathan Greenblatt, leider van antiracismebeweging Anti-Defamation League, in de chaos nog moeilijk vast te stellen. „Hoewel we tactieken hebben gezien die zij ook gebruiken tijdens protesten, is het onduidelijk hoeveel van deze individuen die geweld gebruiken en bezit vernielen antifa’s zijn of gewoon boos zijn over politiegeweld”, zei hij tegen The New York Times.

Een anti-overheidsbetoger tijdens een demonstratie tegen lockdownmaatregelen, in Salem, Oregon, in mei dit jaar.

Foto Getty Images/John Rudoff

Boogaloo Bois

Waar de antifascisten veelal geheel in het zwart gekleed gaan, steken de Boogaloo Bois zich juist in fleurige hawaïhemden. Haar voorkeur voor bontgekleurde alohaprintjes verraadt veel over de plek waar deze nogal diffuse beweging ontstond: het internet. Boogaloo is daar uitgegroeid tot codetaal voor een volgende Burgeroorlog, waarbij verschillende kampen Amerikanen tegenover elkaar of hun overheid komen te staan.

De term is afgeleid van een musicalfilm uit 1984, Breakin’ 2: Electric Boogaloo. Deze werd zo slecht bevonden dat hij uitgroeide tot een cultfilm. Vorig decennium kreeg de online subcultuur van Boogaloo op chatfora als Reddit, 4chan en 8chan vervolgens een tweede leven in internetmemes, regelmatig terugkerende grappen. Later raakten ook gelijkklinkende afgeleiden als ‘Big Ulau’ en ‘Big Igloo’ in zwang. Vandaar dat aanhangers nu de hawaïpatronen en ijshutten omarmen als symbolen.

Journalistiek onderzoekscollectief Bellingcat traceerde de online ontstaansgeschiedenis van de Boogaloo-beweging en vond uit dat ze vooral leeft onder voorstanders van vrij wapenbezit. In chatgroepen pleiten ze veelal voor een ruime interpretatie van het Tweede Amendement (dat wapenbezit schraagt) en tegen zogeheten red flag-wetten (die voorzien in strengere achtergrondchecks bij de aanschaf van wapens). Hoewel ze zich bedienen van een diep ironische stijl, lijken velen serieus te geloven dat spoedig een volgende burgeroorlog uitbreekt, zodra de regering „wapens gaat afpakken”.

Het bronnenonderzoek van Bellingcat legt ook een apocalyptisch wereldbeeld bloot, gedreven door een sterk antioverheidsentiment. Dit overlapt daarbij deels met wit-nationalistische, racistische en extreem-rechtse groepen op het web. Volgens Bellingcat hebben bekende neonazigroepen en uiterst-rechtse milities geprobeerd de Boogaloo-beweging te kapen of infiltreren en bedient deze zich ook van deels dezelfde symbolen en insignes. Tegelijkertijd zijn „de Boogaloo Bois niet geheel racistisch of neonazi’s”, stelt Bellingcat. Vanuit hun libertaire afkeer van de overheid en liefde voor vrij wapenbezit van burgers „varen sommigen ook uit tegen politiegeweld tegen zwarte Amerikanen en prijzen ze ook zwart-nationalistische zelfverdedigingsgroepen”.

Hoewel de Boogaloo Bois zich bedienen van een diep ironische stijl, lijken velen serieus te geloven dat er snel een nieuwe burgeroorlog uitbreekt

Pas begin dit jaar sprong deze maatschappelijke onderstroom over van het web naar de echte wereld. Op 20 januari demonstreerde de radicaal-rechtse protestgroep Patriot Wave in Richmond, Virginia, tegen aanscherping van de wapenwetgeving. Hierbij werden ook voor het eerst betogers in hawaishirts gezien. En eind die maand, tijdens een protest in Kentucky, doken ze opnieuw op.

De beweging kreeg extra energie nadat enkele weken later de corona-epidemie uitbrak. Gouverneurs gingen het virus te lijf met blijf-thuis-verordeningen die bij een deel van de bevolking verzet opriepen. In meerdere staten trokken antilockdownbetogers en voorstanders van wapenbezit daarbij samen op en bezetten soms ook overheidsgebouwen. Ook in Minneapolis werden demonstranten in hawaïshirts gesignaleerd en voor 4 juli (Onafhankelijkheidsdag) staan meerdere betogingen voor het Tweede Amendement gepland.

Net als onder de antifascisten broeit onder de Boogaloo Bois zo een sterk verlangen om het voor eens en voor altijd uit te vechten. Niet zozeer met ideologische tegenstanders, maar bovenal met de overheid en haar ordediensten. Terwijl de president hen onbenoemd laat, bereiden de Boogaloo Bois en andere anti-overheidsbetogers zich hier ook praktisch op voor, door vuurwapens te hamsteren, maar ook met onder meer survivaltrainingen. Bellingcat: „In een verdeeld, gedestabiliseerd postcoronaviruslandschap zouden zij weleens kunnen bijdragen aan wijdverspreid geweld in de straten van Amerikaanse steden.”