Recensie

Recensie Theater

Hans Kesting overweldigt in theaterversie ‘Wie heeft mijn vader vermoord’

Monoloog Voor dertig toeschouwers ging maandag de monoloog ‘Wie heeft mijn vader vermoord’ in première, naar het boek van Édouard Louis. Hans Kesting speelt zijn personage trefzeker, kwetsbaar en gekweld.

Hans Kesting in de theaterbewerking van ‘Wie heeft mijn vader vermoord’.
Hans Kesting in de theaterbewerking van ‘Wie heeft mijn vader vermoord’. Jan Versweyveld

Als je niet beter zou weten, zou je kunnen denken dat het een keuze van de scenograaf is: de voortdurend zichtbare afstand tussen de dertig toeschouwers in de zaal – samen maar toch van elkaar losgezongen – resoneert treffend met de jeugd van het personage, die ook stelselmatig met de afstand tot zijn gezin werd geconfronteerd.

Maandagmiddag ging in de Rabozaal van het Internationaal Theater Amsterdam de wegens de coronacrisis uitgestelde monoloog Wie heeft mijn vader vermoord in première. In zijn gelijknamige, autobiografische boek verknoopt Édouard Louis zijn moeizame, ambigue relatie met zijn vader met een scherpe kritiek op de recente Franse politiek.

Lees ook: Vader is dood en de moordenaars zijn vrijuit gegaan

In de proloog oppert Louis de fysieke aanwezigheid van de vader bij een eventuele toneelbewerking, maar regisseur en bewerker Ivo van Hove koos ervoor om Hans Kesting alleen te laten zijn. Zijn woorden slaan daardoor meteen terug op zichzelf, vragen en hartenkreten blijven pijnlijk onbeantwoord. Meestal speelt Kesting de zoon, soms verplaatst die zich in de vader.

Het personage doolt door het huis van zijn vader. De gaten in de muren, sigarettenpeuken bij de ingang, de stapel muffige matrassen en een televisie die altijd aanstaat – alles confronteert hem met zijn jeugd en de herinneringen aan zijn vader. Rode lijn daarin is hoe hij, soms op het wanhopige af, bevestiging bij hem zoekt – „Kijk naar me, papa!” – en zijn vader die vaak niet kan geven.

Overweldigende emotie

Na een uitgebreide reconstructie van hun relatie, verlegt Louis de focus naar het politieke systeem dat zijn vader – die rond de vijftig jaar oud is, maar nauwelijks meer kan praten of bewegen – ten gronde heeft gericht. De presidenten, premiers en ministers die stelselmatig uitkeringen verlaagden, stopten medicijnen te vergoeden en hem ondanks zijn verbrijzelde rug toch aan het werk zetten.

In Kestings spel wordt deze tweedeling sterk gecontrasteerd: de particuliere herinneringen brengt hij beheerst en feitelijk, bijna alsof het objectieve vaststellingen betreft. Die emotionele distantie creëert een uitdijende leegte. Het tweede deel, met de deconstructie van het politieke systeem, wordt juist met een overweldigende emotie gebracht. Eindelijk voel je het verdriet dat daarvoor al in de lucht hing, maar geen vorm kreeg.

Kesting speelt zijn personage trefzeker, kwetsbaar en gekweld. Treffend is bovendien de fysieke transformatie als hij de vader speelt – kromgebogen rug, uitgezakte buik en rochelend in dichte sigarettenrook. Even daarvoor danste hij verwachtingsvol als een jong kind op ‘Barbie Girl’ van Aqua.

Lees ook: Radicaal in de aanval op de bourgeoisie

Het personage herinnert zich de vreugde van zijn vader, toen de schoolbonus met honderd euro werd verhoogd. Dat werd gevierd: het hele gezin ging een dag naar zee.

Voor de heersende klasse is politiek uitsluitend een esthetische kwestie, stelt Louis. Bij hen veroorzaakt een regering nooit spijsverteringsproblemen, een politieke beslissing verbrijzelt nooit een rug en brengt hen nooit naar zee. Voor arme mensen is politiek een kwestie van leven of dood.

Een wrang inzicht, dat maandag een andere lading gaf aan de feestelijke dag waarop theaters, musea en horeca na tweeënhalve maand weer opengingen: een politieke beslissing die de meer welgestelde mensen wél in beweging zette. Gretig eisten ze hun privileges terug op de terrassen, vastbesloten vierden ze een politiek besluit. Deze voorstelling doet je realiseren dat de beperkingen van de laatste maanden, en de expliciete afhankelijkheid van politieke besluitvorming, raakt aan een situatie die voor veel mensen al te vanzelfsprekend is.