Kom maar op met die gasten!

Restaurants en kroegen Tot kort voor de opening 1 juni was veel onzeker over de regels, maar nu is in ieder geval duidelijk dat de horeca in Rotterdam veel ruimte krijgt voor terrassen. Wél reserveren graag.

Voor Café de Ouwehoer aan de Delistraat wordt nog de laatste hand gelegd aan een bankje.
Voor Café de Ouwehoer aan de Delistraat wordt nog de laatste hand gelegd aan een bankje. Foto’s Rien Zilvold

Bij café Hensepeter, hoek Nieuwe Binnenweg-’s-Gravendijkwal, zit iemand op zijn knieën de vloer te schuren, buiten kalefatert een ander de stoelen op. In de Witte de Withstraat is Tineke Speksnijder van De Schouw met een meetlat in de weer. Bij Pol op de hoek van de Meent wordt met een hogedrukspuit het terras onder handen genomen.

Al klussend leeft de Rotterdamse horeca toe naar 1 juni, de datum die premier Rutte opperde voor de mogelijke heropening van cafés en restaurants – en theaters en bioscopen – maar alleen als het virus onder controle blijft. Ook was er iets met anderhalve meter.

Als Rutte bevestigt dat 1 juni 12.00 uur het uur U is, is de opluchting groot. Dezelfde avond overlegt het Rotterdamse college van B en W. Belangrijkste vraag: mogen cafés ruimere terrassen opzetten als tegemoetkoming in de inkomstenderving na 77 dagen van verplichte sluiting?

Arjen de Wit van café Rijke & De Wit op de hoek van de Nieuwe Binnenweg en de Heemraadssingel kijkt er al weken naar uit. „Ik kom elke dag even naar de zaak. Ik heb geschilderd, de kelder schoongemaakt, maar ik heb toch het gevoel dat ik mijn zaak een beetje kwijt ben.”

Al klussend leeft de Rotterdamse horeca toe naar 1 juni

Net als voor andere ondernemers is voor hem uitbreiding van het terras een zaak van levensbelang. Hij was er al vóór de coronacrisislanger met de gemeente over in gesprek. Hij wil met zijn terras oversteken naar het voetpad langs de singel, maar de gemeente leek om veiligheidsredenen niet erg toeschietelijk. Blijft hij aangewezen op het bestaande terras langs de zijgevel? „We weten nog niets”, zegt hij, twee weken voor uur U.

De eerste voorstellingen zijn al uitverkocht

„Je belt te vroeg”, zegt ook Tineke Speksnijder van café De Schouw in de Witte de Withstraat. „Ik weet niet hoe ik moet meten, de regels moeten allemaal nog komen. Als mensen hand in hand komen aanlopen, moet ik die op mijn terras dan anderhalve meter uit elkaar zetten? Ik ben een en al vraagteken.”

In de Witte de Withstraat is ook het autoluw maken een vraagteken. Wat niet helpt is dat de brandweer er op weg naar westelijk gelegen stadsdelen ongehinderd doorheen moet kunnen, maar nu het Museumpark maanden dicht is door de bouwwerkzaamheden bij Boijmans, nemen de hulpdiensten een alternatieve route over de Westblaak en Rochussenstraat. Herman Hell, met zijn Hell’s Kitchen Horeca Groep grootondernemer, zegt dat er een draaiboek klaarligt waarin de Witte de Withstraat per blok kan worden afgesloten en de omliggende wijk bereikbaar blijft.

„Ik weet dat alle partijen vóór zijn”, zegt hij, in de Witte de Withstraat eigenaar van het Nieuw Rotterdams Café (NRC – vroeger werd in dat pand deze krant gemaakt), „dus als die ook vóór stemmen heeft het plan om de straat bij wijze van experiment af te sluiten voor autoverkeer de meerderheid.”

In de Witte de Withstraat worden terrassen mogelijk naar de parkeerplekken uitgebreid. Foto Rien Zilvold

De zon bepaalt het verlies

Als het aan gemeenteraadslid Dieke van Groningen (VVD) ligt komt het goed. „De Witte de With is een uitdaging, maar zoals de vlag er nu bijhangt… Als we nu niet voorkomen dat ondernemers omvallen, zitten we straks met de gebakken peren.”

Is voor de Witte de Withstraat het autoluw maken essentieel, aan de Binnenrotte, waar Herman Hell Café Van Zanten bezit, is dit geen issue, want daar is ruimte zat. „Het terras ligt de hele dag in de zon”, zegt Hell. „en we kunnen het ook nog uitbreiden. Hier is binnen het probleem. We kunnen er met het anderhalvemeterprotocol acht tot twaalf man kwijt. In de winter overleven we het daar niet. We zijn afhankelijk van het weer. De zon bepaalt straks hoe groot ons verlies is. Ik heb betere tijden gekend in mijn carrière.”

Nevelen

„Het wordt niet meer zoals het was”, beseft Marco Somer, eigenaar en chefkok van restaurant De Harmonie. „We zijn als bedrijf keihard geraakt. Je weet niet hoe de toekomst eruit ziet. Als bedrijven niet meer zakelijk uit eten gaan, treft het ons dubbel. Maar ik ga absoluut de prijzen niet verhogen.” Somer verwacht veel van het terras in de achtertuin, maar is daar dus ook afhankelijk van het weer.

Wat het overleg van B en W op 19 mei heeft opgeleverd, blijft tot de vrijdag na Hemelvaartsdag in nevelen gehuld, maar in een brief aan de gemeenteraad toont het college zich zeer coulant: „[De] horeca krijgt tijdelijk de ruimte om het terras te vergroten en alle ondernemers kunnen terrasvlonders neerleggen voor hun inrichting”, schrijven burgemeester en wethouders.

Ondernemers mogen hun terras maximaal twee keer zo groot maken. Komen ze niet uit, dan kunnen ze „ook een stuk openbare ruimte gebruiken dat niet direct grenst aan het huidige terras.” Een vergunning aanvragen is niet nodig, betaling van leges kan achterwege blijven.

„Ik ben er erg blij mee”, zegt Arjen de Wit. „Op het overterras kan ik straks 28 zitplaatsen kwijt, langs de gevel nog eens zo’n tien, heel fijn.” Hij zette al een foto van de proefopstelling op Facebook.

Bij Rein z’n Proeflokaal aan het Deliplein wordt het terras opgebouwd. Foto Rien Zilvold

Pleegzuster Bloedwijn

Ook Tineke Speksnijder is ingenomen met de mogelijkheid om haar terras te vergroten. Van haar buurman, de shoarmazaak Tel Aviv, mag ze zijn stoep erbij trekken. „We zitten heel erg te puzzelen, we kunnen het terras op wel negen manieren neerzetten. Maar wat dat autoluw aangaat, is het nog koffiedik kijken”, zegt ze begin deze week. Een dag later komt de uitkomst, nadat de commissie die daarover gaat erover vergaderd heeft: voorlopig geen auto’s in de Witte de Withstraat, wél voetgangers en fietsers – en grotere terrassen dus.

„Als je het café in wil, moet je wel langs Pleegzuster Bloedwijn”, grapt ze. „Volgens het protocol moet ik vijf vragen stellen over iemands gezondheid. Is het antwoord één keer ja, dan mag ik je niet toelaten.”