Opinie

Europa heeft een nieuwe blik op China hard nodig

China De opschudding over de afschaffing door Beijing deze week van de democratie in Hongkong toont weer de noodzaak waarom het Westen en China meer moeten weten van elkaar, meent .
Foto Roman Pilipey/EPA

Krakend door de luidsprekers vraagt de metrobestuurder ons de QR-code op de deuren te scannen. „Het is vandaag druk in de metro.” Eén jonge man met een rolkoffertje die al bij de deur staat, scant de code waarmee je je registreert zodat je getraceerd kunt worden als er een geval van Covid-19 in deze bovengrondse metro wordt ontdekt. De overige passagiers negeren de oproep en blijven rustig zitten op de bankjes van de halfvolle wagon, verzonken in hun telefoon of het uitzicht over de stad. De maatregel lijkt te veel moeite op deze warme lentemiddag in Shanghai, waar al weken nog maar af en toe een nieuwe Covid-patiënt wordt geïdentificeerd.

Terwijl ik twijfel of ik zal opstaan, bedenk ik hoe slecht deze scène past bij wat ik in Westerse media lees over de pandemiebestrijding in China of zelfs in Azië. Daar zou de bevolking zich massaal aan lockdownmaatregelen houden en surveillance accepteren op een manier die sommige Europese leiders in eigen land onmogelijk achtten. Omgekeerd is inmiddels gebleken dat in ook andere delen van de wereld verreweg de meeste burgers bereid zijn zich aan strenge overheidsvoorschriften te houden in het belang van de publieke gezondheid. De lockdown die de Chinese overheid pionierde in metropool Wuhan werd wereldwijd gekopieerd en aangepast aan de lokale omstandigheden.

Mediafocus

Toch blijft de positie van de Chinese ervaring in het wereldwijde discours over de aanpak van het virus ongemakkelijk. Deels is dat begrijpelijk. Met het toenemen van ziektegevallen in het Westen versprong de mediafocus van de heroïsche verhalen over Chinese dokters en uit de grond gestampte ziekenhuizen naar de verantwoordelijkheid van de Chinese regering in het laten „ontstaan en ontsnappen” van Covid-19, zoals presentator en tv-komiek Arjen Lubach het verwoordde. Ook greep de Chinese regering de pandemie aan om haar mondiale connecties te versterken, onder andere via het verkopen en doneren van mondkapjes.

Hoe China, de enige plek met een grootschalige uitbraak voor Europa, snelle verspreiding van het virus precies stopte, kreeg lang minder aandacht. Ook Nederlandse China-correspondenten ontdekten dat hun verhalen over Wuhan vooral waren gelezen als interessante buitenlandverslaggeving over een politieke cover-up (met hoog sciencefiction-gehalte), in plaats van als een urgent public health dossier met mondiale relevantie.

Lees ook: Arjen Lubach zocht de grapgrens bij corona op

De verre ‘ander’

Zouden het Europese publiek en overheden alerter zijn geweest als de eerste uitbraak in New York was geweest? Dat is onduidelijk. Zelfs Noord-Italië voelde voor veel Europese landen nog ver weg. Maar toen ik in februari en maart, ruim nadat de ernst van de epidemie en China’s vertraagde reactie in de eerste weken van januari bekend waren, twee keer op Schiphol landde zonder enige medische checks te hoeven ondergaan, begon ik me ook af te vragen hoe dit kwam. Had deze afwachtende houding ook te maken met een Westerse neiging om China, zoals schrijver Ian Johnson in februari beargumenteerde in The New York Times , als een verre „ander” te zien?

Die afstand wordt benadrukt door de focus op China’s autoritaire politieke stelsel, vaak de dominante lens waardoor het land wordt besproken. De focus is verklaarbaar gezien de anti-liberale richting van China’s hervormingen onder president Xi Jinping maar beperkt ook begrip van het land, inclusief politiek systeem. Drie maanden nadat Chinese journalisten de eerste gedetailleerde verslagen schreven over hoe Covid-19 zich gedraagt en verspreidt en over hoe overheidscensuur leidde tot een tijdelijk zwaar overbelast zorgstelsel in de provincie Hubei, zei de Franse president Emmanuel Macron in een interview dat er in China simpelweg „dingen zijn gebeurd die we niet weten”.

Maanden van déjà vu

Als de coronacrisis ons dwingt om „opnieuw en anders” naar China te kijken, in de woorden van een aankondiging voor een VPRO Tegenlicht-aflevering (uitzending 31 mei), hoe zou dat dan kunnen?

Ook in China worden de verschillen in aanpak tussen landen geduid op basis van wat bekend is over de (politieke) cultuur: het dodenaantal in Europese landen ligt hoger omdat in ‘vrije’, ‘kapitalistische’ of ‘democratische’ landen de regering minder macht heeft om een epidemie aan te pakken. Of het is vanwege de Westerse scepsis over mondkapjes, in China inderdaad meer ingeburgerd. Kritiek op de Westerse arrogantie die zou hebben gezorgd voor het idee dat het hen niet zou overkomen is er ook. Alsnog blijven er vragen. Zoals een restauranthouder vorige week uitriep aan mijn tafeltje: „Snapt Trump niet dat je de wetenschap moet inzetten tegen het virus? Je kunt het niet zijn gang laten gaan. Amerikanen zijn ook mensen!”

Herkenning overheerst

Toch overheerst de herkenning. „Het is alsof alle fouten die hier gemaakt werden zich herhaalden: de vertraagde respons, het hulpeloze medische personeel – zo was het in Hubei tijdens de eerste weken precies,” aldus een vriendin die een deel van haar studie in Nederland deed. Hoewel de Chinese overheid de nadruk legt op de snelle afname in Covid-gevallen, is de tragiek van die eerste weken niet vergeten. Mensen die in beide gebieden het nieuws volgen, leven al maanden in een staat van déjà vu. Opnieuw scrolden ze naar de laatste cijfers, deden ze mee aan vrijwilligersacties en waren ze trots op het ‘volhouden’. Toen de stad Hangzhou voorstelde bepaalde gezondheidstracking-software permanent te maken, laaide ook in China het debat over privacy op. Een kennis bleef weken binnen omdat hij vertikte de software te downloaden.

Hoewel het de herinnering aan Wuhan niet uitwist, geeft de nu internationale pandemie een ander perspectief op hoe het in China ging. Stemmen kunnen Chinese burgers niet maar hun evaluatie van overheidshandelen is wel degelijk van belang voor de legitimiteit van de communistische partij. In Wuhan bereikte die een crisispunt na het overlijden van de 33-jarige dokter Li Wenliang, een van de klokkenluiders die gestraft was voor zijn online bericht.

Lees ook: Zo brak mediabedrijf Caixin door de Chinese censuur heen

Oversterfte

Maar nu blijkt dat ook landen die het virus al langer aan konden zien komen traag of zelfs laks handelen.

Cijfers voor oversterfte in de provincie Hubei, zeker aanzienlijk hoger dan de officiële Covid-sterftecijfers, zijn nog altijd niet vrijgegeven. Maar het uitblijven van grootschalige uitbraken en een serie maatregelen tegen verdere verspreiding, van gericht testen en quarantainemaatregelen voor mensen uit risicogebieden tot meer transparantie over nieuwe gevallen, zorgen dat het Chinese publiek de huidige berichtgeving grotendeels vertrouwt. Ook het Volkscongres van de afgelopen week was een publiek signaal dat Beijing weer veilig was. Toen een Chinese collega van Nederlanders om haar heen hoorde dat de situatie in China „vele malen erger” zou zijn dan bekend, vroeg ze me waarom hun beeld van China niet realistischer was.

De langetermijngevolgen van de epidemie, en van de verschillende coronamaatregelen, zijn net als elders in China nog onduidelijk. Dat geldt ook voor de economische impact, waarvoor de Chinese regering pas laat met plannen kwam. Maar dat de eerste golf grotendeels onder controle is, is een feit dat de Chinese overheid goed kan gebruiken, en ook internationaal verspreidt. „Natuurlijk is dat propaganda, maar het is geen leugen,” aldus politicoloog Christian Göbel tegen The Washington Post.

Zo complex als Amerika

Buiten China leidt de pandemie de laatste maanden steeds meer tot een sterkere nadruk op de verschillen tussen China en het Westen. In de VS probeert president Donald Trump de volledige verantwoordelijkheid voor de schade die de pandemie aanricht af te schuiven op China. Dat Chinese diplomaten op Amerikaanse aantijgingen dat het virus in een lab was geproduceerd met hun eigen complottheorieën reageerden, verscherpte de confrontatie.

Ook in Europa versterkt de crisis de neiging om China steeds meer als systeemrivaal dan als partner te behandelen. Afgelopen week reageerde EU-topdiplomaat Josep Borrell hierop door te zeggen dat voor de EU „de druk groeit om een kant te kiezen” tussen de VS en China. Tegelijk, voegde hij toe, is het in Europa’s eigenbelang om die keus niet te maken. Europa gedijt bij een multilateraal stelsel waarin het per definitie ook met landen met andere politieke systemen samenwerkt (om mondiale uitdagingen aan te pakken).

De versimpeling van de internationale orde tot het competitie tussen twee landen, roept herinneringen op aan de Koude Oorlog, toen het ook om twee blokken met sterk verschillende politieke systemen ging. Zeker nu het afgelopen decennium de politieke vrijheden van Chinese burgers aantoonbaar afnemen, groeit de nadruk op China’s autoritaire systeem als cruciaal frame. Dat gebeurt ook in China zelf, waar leiders hun autoritaire stelsel steeds meer presenteren als een alternatief model voor succesvolle ontwikkeling.

Lees ook: ‘EU gaf niet toe aan Chinese druk na kritiek op rapport’

Regime verklaart niet alles

Maar juist de pandemie is een goed voorbeeld van hoe het type politieke systeem van een land niet alles verklaart. Een vergelijkbaar pakket aan maatregelen, staatscapaciteit en samenwerking werkte in landen van verschillende niveaus van politieke vrijheid en economische ontwikkeling. Tegelijk werd in zowel autoritaire regimes als in sommige democratieën – inclusief de VS – de ernst van de situatie ontkend, werd er informatie achtergehouden, en werden overheidsinstanties en dokters de mond gesnoerd.

Als je China’s reactie op de ontdekking van Covid-19 wilt begrijpen, is de lens van autoritair en centraal leiderschap niet voldoende. Meningsverschillen tussen verschillende lagen van de Chinese regering, de rol van Chinese media en de publieke opinie in het afdwingen van meer transparantie en China’s internationaal verbonden wetenschappers zijn dan ook cruciaal. Of neem het falen van de Chinese overheid in het aanpakken van de wildedierenmarkten die mogelijk aan de oorsprong van Covid-19 liggen. Na Sars werd de regulering van die markten al snel teruggedraaid en de jacht op veel wilde dieren bleef gedoogd, onder andere door de lobby van die miljardenindustrie – nauwelijks een probleem dat alleen in autoritaire systemen speelt.

Hongkong is interne kwestie

Ook het bewijs voor groeiende Chinese ambitie in het buitenland post-Covid is verre van eenduidig.

Verschillende diplomaten spraken zich uit tegen agressieve geluiden van hun collega’s, en toen China in maart voorzitter van de VN-Veiligheidsraad was, nam het geen initiatief voor een aanpak van de mondiale crisis.

Beijing ziet de Veiligheidswet die het Chinese Volkscongres er nu doordrukt in Hongkong als een interne aangelegenheid in reactie op protesten daar, hoewel het zich bewust is van de internationale kritiek op verdere aantasting van Hongkongs semi-onafhankelijke status.

Nu het discours over China verhardt, benadrukken Westerse analisten soms dat hun kritiek alleen op de Chinese communistische partij slaat, niet op de Chinese bevolking. Maar ook die tweedeling is te simpel.

Volgens sinoloog Kerry Brown doe je er zowel de meerderheid aan ambtenaren en de 90 miljoen Chinese partijleden die het beste met hun land voor hebben als de diversiteit aan politieke opvattingen onder de rest van de Chinese bevolking mee tekort. In een reactie pleit hij voor een genuanceerder beeld van China dat minder dramatisch is, maar wel waar is.

Een nieuwe blik op China

Als de pandemie inderdaad vraagt om een nieuwe blik op China, is dat misschien een goed streven. Zou ons beeld van China een vergelijkbare complexiteit kunnen hebben als het beeld dat we hebben van Amerika?

Ook in de VS werd de ernst van de situatie ontkend, werd er informatie achtergehouden, en werden overheidsinstanties en dokters de mond gesnoerd

Voor dat land werken we met meerdere frames tegelijk en verklaren we niet alles door te wijzen naar haar status als democratie. We zijn realistisch over de mate waarin we ernstige misstanden in de VS diplomatiek kunnen veranderen. Amerika is Europa’s belangrijkste partner, maar met beide landen moeten Europese landen als Nederland de komende decennia kritisch samenwerken.

Dat vereist kennis van de verschillende stromingen in beide samenlevingen, zodat we constructieve partners kunnen onderscheiden van tegenkrachten. Meer kennis leidt ook tot meer vertrouwen, omdat we informatie beter kunnen evalueren.

De achtergrondkennis waarmee we nieuws uit Amerika duiden – Trump liegt, Fauci niet; The Washington Post is betrouwbaarder dan FOX News; Amerikaans links is rechtser dan bij ons etc. – is niet zomaar opgebouwd. In het geval van China zijn er bovendien duidelijke obstakels in de vorm van taalkennis en censuur. Maar er ligt een duidelijke noodzaak voor Europa om in dit soort kennis te investeren. Kwaliteitsverslaggeving en documentaires, Chinese migranten in Nederland en economische samenwerkingen vormen een basis.

In Shanghai was de lockdown vergelijkbaar met die in Nederland: de meeste mensen hielden bewegingsvrijheid, tenzij ze ziek werden. Er vielen zeven doden in de stad van 25 miljoen, en het laten vieren van de maatregelen ging stapsgewijs. Inmiddels hangen de maskers onder de kin of aan een oor.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.