Rijk steunt gemeenten en provincies met half miljard

Steunpakket Gemeenten, provincies en waterschappen hebben het financieel moeilijk door de coronacrisis. Het Rijk trekt 566 miljoen euro uit om hun dienstverlening overeind te houden.

Parkeergelden zijn een belangrijke inkomstenbron voor gemeenten. Door de coronacrisis is die inkomstenbron grotendeels opgedroogd.
Parkeergelden zijn een belangrijke inkomstenbron voor gemeenten. Door de coronacrisis is die inkomstenbron grotendeels opgedroogd. Foto Vincent Jannink / ANP

De rijksoverheid komt met een steunpakket voor gemeenten, provincies en waterschappen om de economische gevolgen van de coronacrisis tegen te gaan en hun dienstverlening in stand te houden. Hier is 566 miljoen euro voor vrijgemaakt. Dat maakten minister Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) en staatssecretaris Vijlbrief (Belastingdienst, D66) donderdagochtend bekend. Het grootste gedeelte van de steun gaat naar gemeenten.

De medeoverheden zijn getroffen door de coronacrisis. Inkomsten vallen weg en er moeten vanwege de crisis meer taken uitgevoerd worden. Zo lopen gemeenten allerlei inkomsten mis, zoals de toeristenbelasting en parkeergelden. Om tegemoet te komen aan deze gemiste inkomsten is 225 miljoen euro vrijgemaakt.

Noodopvang kinderen

Daarnaast hebben gemeenten ook meer uitgaven, bijvoorbeeld aan handhaving van de coronamaatregelen en aan financiële ondersteuning van lokale verenigingen en de culturele sector. Voor het instandhouden van bibliotheken, muziekscholen, musea, filmhuizen en de lokale informatievoorziening krijgen gemeenten 84 miljoen euro.

Lees ook: Gemeenten: we kunnen niet alle cultuurinstellingen redden

Voor de extra kosten die gemeenten hebben gemaakt om de noodopvang voor kinderen van ouders met een cruciaal beroep te organiseren, krijgen de gemeenten een compensatie van 23 miljoen euro

Bezuinigen

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) hield onlangs een peiling onder haar leden. Ruim driekwart van de gemeenten verwachtte het komende jaar te moeten bezuinigen of de belastingen te moeten verhogen als zij geen extra geld van het kabinet zouden krijgen. De VNG laat weten blij te zijn met de compensatie. Het pakket is volgens VNG-directeur Leonard Geluk „een mooie eerste stap”. Maar hij maakt daarbij wel een duidelijk kanttekening. „Die stap is alleen mooi als er ook een tweede, derde, vierde stap komt, waarin gemeenten volgens afspraken met het kabinet gecompenseerd worden voor alle gemaakte kosten.” Ook laat hij weten dat door compensatie de financiële positie van gemeenten niet verbetert. Hierdoor blijft volgens de VNG de zorg bestaan dat gemeenten moeten bezuinigen.

Gemeenten hadden ook veel extra uitgaven aan wat zij noemen het ‘sociaal domein’: jeugdzorg, de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) en de sociale werkvoorziening. Voor jeugdzorg en WMO stelt het Rijk een voorschot beschikbaar van 144 miljoen euro, voor de sociale werkbedrijven krijgen ze 90 miljoen euro extra. Dat geld is voor de periode tot en met 1 juni.

Onzekere tijden

Volgens Vijlbrief is het belangrijk dat de medeoverheden zekerheid hebben over hun financiën: „Dit zijn onzekere tijden voor mensen, bedrijven, maar ook lokale overheden. Lokale overheden hebben minder inkomsten en ook de economische crisis gaat – helaas – onvermijdelijk gevolgen hebben.”

Uit eerder onderzoek van NRC bleek dat gemeenten het al lastig hadden voor de coronacrisis. Zo had een op de drie gemeenten geen sluitende begroting voor 2020. Nu zal hun financiële positie alleen maar verder verslechteren. Het Rijk wil dat tegengaan met dit steunpakket.

Over extra geld voor het regionale openbaar vervoer, dat momenteel minder mensen mag vervoeren, worden nog gesprekken gevoerd.