Analyse

Polderakkoord verdeelt oppositie

Steunpakket coronacrisis De Tweede Kamer debatteerde donderdag over het ‘steunpakket 2.0’ en het schrappen van de ontslagboete. De PvdA is om.

Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (D66), Minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat (VVD) en Geert Wilders (PVV) tijdens een Tweede Kamerdebat over de ontwikkelingen van de economie en de noodmaatregelen om ondernemers door de coronacrisis te helpen.
Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (D66), Minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat (VVD) en Geert Wilders (PVV) tijdens een Tweede Kamerdebat over de ontwikkelingen van de economie en de noodmaatregelen om ondernemers door de coronacrisis te helpen. Foto Bart Maat / ANP

Toch nog brede steun. Na weken van felle kritiek wist het kabinet woensdagavond op het nippertje een akkoord te sluiten met de vakbonden over het tweede, grote steunpakket voor de economie. Een uur voor het Tweede Kamerdebat over de 17,5 miljard euro aan nieuwe noodsteun donderdagochtend begon, kon het kabinet officieel meedelen dat het ‘steunpakket 2.0’ de zegen had van vakbonden en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven.

Tot dat moment hadden de linkse oppositiepartijen en de PVV zich opgemaakt voor een fel debat over het besluit van het kabinet om de ontslagboete af te schaffen. Bij het eerste steunpakket mochten bedrijven geen mensen ontslaan, anders kregen ze een boete. Het kon toch niet zo zijn dat bedrijven aankloppen voor steun en intussen mensen op straat zetten, vonden veel oppositiepartijen én de vakbonden.

Lees meer over het polderakkoord dat minister Koolmees woensdagavond sloot

Het kabinet legde tevergeefs uit dat het schrappen van die boete juist moest voorkomen dat bedrijven failliet zouden gaan. Liever een klein deel van de medewerkers wegsturen dan een heel bedrijf kopje onder laten gaan, was de redenering.

Nu blijft de ontslagboete toch bestaan, zij het in een andere vorm. Alleen bedrijven die meer dan twintig mensen ontslaan zónder dat vakbonden of ondernemingsraden daarmee hebben ingestemd, krijgen nog een boete. Omdat het gros van de bedrijven die nu loonsubsidie ontvangen minder dan twintig werknemers heeft, vervalt de boete voor de meeste van de 120.000 bedrijven.

Wig in de oppositie

Met het polderakkoord wist het kabinet een wig te drijven in de oppositie. PvdA-leider Lodewijk Asscher maakte het kabinet complimenten voor het compromis. Tot verbazing van vrijwel de hele Kamer, want Asscher had eerder gedreigd tegen het pakket te stemmen als de ontslagboete zou verdwijnen. Maar het was nu geen tijd voor „verdeeldheid”, zei hij.

De oppositiepartijen die ook tegen het schrappen van de ontslagboete waren, verweten Asscher te makkelijk met het kabinet mee te gaan. Zoals Geert Wilders (PVV) zei: „Uw punt was: de ontslagboete moet blijven, maar die is foetsie, weg. En de Partij van de Arbeid staat te juichen?” De regeringspartijen verweten hem dat hij met zijn dreigementen in de pers te veel politiek had bedreven.

Voor een meerderheid was de steun van de PvdA niet nodig. Eerder deze week bleek al dat de SGP en Forum voor Democratie het schrappen van de ontslagboete steunen. Maar nu de de economie in de woorden van minister Wopke Hoekstra (CDA, Financiën) „massief aan de hartlongmachine is gelegd”, zocht het kabinet uitdrukkelijk naar meer dan een krappe meerderheid. Inmiddels krijgt meer dan een vijfde van de werkenden inkomenssteun en bijna 30 procent van de bedrijven krijgt financiële bijstand.

„De rekening is fenomenaal”, zei Hoekstra. Het eerste pakket kostte 20 miljard euro, voor het tweede was nog eens 13 miljard uitgetrokken. En op de ochtend van het debat kwam daar door het polderakkoord nog eens 4,5 miljard euro bovenop. Dit jaar bedraagt de rekening naar schatting al een derde van de normale rijksbegroting: 100 miljard euro. Dat is inclusief belastingderving en belastinguitstel voor bedrijven. Maar, waarschuwde Hoekstra in het debat opnieuw, „de ruimte is niet oneindig”.

Precies daarover maken veel partijen zich zorgen. Gaan de tientallen miljarden aan noodsteun wel naar de juiste groepen? Volgens de coalitiepartijen wel, maar „toch blijft het gevoel dat de meest kwetsbaren op de arbeidsmarkt de stootkussens van onze conjunctuur zijn”, zei Pieter Heerma, fractievoorzitter van het CDA. Zij verliezen als eerste hun baan. SP-leider Lilian Marijnissen zei dat het kabinet werknemers vogelvrij verklaart door de ontslagboete te veranderen. „De steun voor bedrijven wordt groter en werknemers worden in onzekerheid gestort.” Een suggestie die minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) stekelig tegensprak. „Het ontslagrecht blijft volledig in stand.” Er is een financiële prikkel om mensen in dienst te houden en een boete als mensen worden ontslagen, zei Koolmees. „Als mevrouw Marijnissen zegt dat mensen vogelvrij zijn, praat ze mensen angst aan.”

Ook was er in het debat veel kritiek op de noodsteun aan zzp’ers. Die is strenger dan in het eerste steunpakket, aangezien er nu een partnertoets bijkomt: een zzp’er mag alleen nog steun aanvragen als zijn of haar partner minder verdient dan het sociaal minimum. Waarom pakt het kabinet zzp’ers onevenredig hard, vroeg Marijnissen. Het contrast tussen werknemers en zelfstandigen is te groot, vindt een deel van de Kamer. Wilders: „De ene krijgt drie keer modaal 100 procent doorbetaald door zijn werkgever en de zzp’er krijgt helemaal niets.”

Wie mag het straks betalen?

Een van de grote vragen die steeds terugkwam, was: wie betaalt straks de rekening van de steun? Veel partijen zijn bang dat grote bedrijven onevenredig profiteren, terwijl kwetsbare burgers en mensen met lagere en middeninkomens nu te weinig hulp krijgen en straks voor de kosten opdraaien. „Dit is precies waar mijn angst zit”, zei GroenLinks-leider Jesse Klaver. Hij vindt dat de loonsubsidie voor grote bedrijven geen gift moet zijn, maar een lening. De SP vindt dat het kabinet het oude plan om de winstbelasting te verlagen moet intrekken.

De coronacrisis roept Kamerbreed grote vragen op over de economie en de arbeidsmarkt. En de inzet van het kabinet lijkt hoog: voor Prinsjesdag zegt de regering een soort sociaal akkoord te willen sluiten met vakbonden en het bedrijfsleven. Bijvoorbeeld over scholing en vroegpensioen.

„Iemand zei pas: deze crisis is als contrastvloeistof in onze economie”, verwoordde Gert-Jan Segers van coalitiepartij ChristenUnie het gevoel. „We zien nu heel goed wat niet deugt.”