Reportage

28 jaar eerder Viktor Orbán is tien jaar premier van Hongarije. Als lid van een groep van elf ‘jonge Europese leiders’ reisde toenmalig parlementslid Orbán in 1992 op uitnodiging van de Amerikaanse stichting German Marshall Fund zes weken lang door de Verenigde Staten. NRC-redacteur Marcel Haenen maakte ook deel uit van dit gezelschap.

Reportage

‘Mijn naam is Viktor Orbán, ik word de volgende premier van Hongarije’

Door Marcel Haenen. 29 mei 2020

28 jaar eerder Viktor Orbán is tien jaar premier van Hongarije. Als lid van een groep van elf ‘jonge Europese leiders’ reisde toenmalig parlementslid Orbán in 1992 op uitnodiging van de Amerikaanse stichting German Marshall Fund zes weken lang door de Verenigde Staten. NRC-redacteur Marcel Haenen maakte ook deel uit van dit gezelschap.

De voorzitter van de buitenlandcommissie van het Hongaarse parlement, Zsolt Németh (56), zit in een wit T-shirt in zijn woning in Boedapest. Om hem heen liggen overal boeken hoog opgestapeld. „Mijn vrouw vertaalt literatuur en dit is haar werkkamer”, zegt Németh. Via de video-verbinding toont hij een foto van zijn echtgenote en drie kinderen.

Bij Pascal Riché (57), plaatsvervangend hoofdredacteur van het Franse nieuwsweekblad L’Obs, vallen vooral de hoge witte plafonds op van zijn huis in Parijs. Hij richt de camera ook even op zijn tuin waar de lente volop feest viert. Ik (60) hou mijn iPad voor het raam van mijn appartement en bied zicht op de coronakalme kades langs de Maas en de Erasmusbrug van Rotterdam.

Het is ons eerste weerzien in 28 jaar tijd. Een reünie per Zoom. Drie pratende hoofden op een beeldscherm. Af en toe hapert de verbinding. „Zsolt is bevroren. Hoor jij nog iets?”, vraagt Pascal dan. Na een tijdje begint de via zijn mobiele telefoon verbonden Hongaarse politicus dan opeens weer te bewegen, met geluid. „Ik kreeg een telefoontje maar heb het al weggedrukt”, verontschuldigt Németh zich.

Marcel Haenen in gesprek met Zsolt Németh en Pascal Riche via Zoom

Marcel Haenen in gesprek met Zsolt Németh en Pascal Riche via Zoom.

Zes Ossies en vijf Wessies

In de zomer van 1992 troffen we elkaar voor het eerst. Op zaterdagmorgen 27 juni 1992, schaarden we ons onwennig rond een grote vergadertafel in het blinkende hoofdkantoor van het German Marshall Fund of the United States (GMF) in het hart van Washington DC. Elf, gemiddeld dertig jaar oude, door het GMF geselecteerde ‘jonge Europese leiders’ beginnen die dag in de Amerikaanse hoofdstad aan een rondgang door de Verenigde Staten die zes weken zal duren. Het programma staat in het teken van de rechtsstaat en het belang van de democratie.

Tijdens de reis bezoeken we alle uithoeken van het Amerikaanse continent. De organisatie beoogt „een nieuwe generatie van Europese leiders kennis te laten maken met de VS”. Het doel is de trans-Atlantische betrekkingen te versterken. Het GMF werd in 1972 opgericht na een gift van 150 miljoen Duitse Mark van bondskanselier Willy Brandt. West-Duitsland dankte op die manier voor de naoorlogse Amerikaanse financiële Marshallhulp.

Reportage: In ’89 scheurde in Hongarije het IJzeren Gordijn. Nu zijn ze blij met prikkeldraad

Twee Polen, twee Fransen, drie Duitsers, twee Hongaren en twee Nederlanders maken deel uit van de groep ‘fellows’. Het zijn politici, ondernemers en journalisten. Twee reisgenoten komen uit Boedapest en hebben ondanks hun jeugdige leeftijd al voortvarend carrière gemaakt. Ze zijn sinds 1990 lid van het eerste democratisch gekozen parlement van Hongarije: econoom Németh en de dan 29-jarige jurist Viktor Orbán.

Zes Ossies en vijf Wessies. Minder dan drie jaar na het vallen van de Berlijnse Muur zijn de verschillen tussen Oost en West nog behoorlijk groot. De Oost-Europeanen moeten duidelijk nog wennen aan het uitbundige, kapitalistische Westen. „Voor Viktor Orbán was het de eerste keer dat hij de VS bezocht. Hij was tijdens de reis intensief bezig Engels te leren”, vertelt Németh. Hij is een vriendelijk, vrolijke kerel en altijd loyaal aan Orbán. „Viktor stond meestal om zes uur ’s ochtends op om Engelse woordjes te oefenen”. De Hongaren delen, net zoals alle Ossies, zo vaak mogelijk hotelkamers om geld te besparen op de dagelijkse toelage die we van het GMF ontvangen. Van de vergoeding voor hotelovernachtingen en maaltijden kopen de Oost-Europeanen liever een walkman en andere elektronica.

Heldenplein

Het GMF is het meest trots op de aanwezigheid van Orbán. Hij wordt gezien als een voornaam toekomstig Europees leider. Orbán is in het parlement de fractievoorzitter van Fidesz. Het is een partij van studenten die hij samen met Németh in 1988 heeft opgericht en die zich keerde tegen het communistisch bewind. Deze mannen worden het nieuwe verlichte gezicht in Midden-Europa, zo voorspellen de Amerikaanse organisatoren ons.

Het zal anders verlopen. Orbán zal zich inderdaad razendsnel ontwikkelen tot een machtig politicus. Maar hij wordt niet de voorvechter van mensenrechten en Europese integratie die de Amerikaanse stichting voorstaat. Tijdens onze zomer in Amerika wordt de scheiding der geesten al zichtbaar.

Orbán geniet internationale bekendheid sinds hij in 1989 op het Heldenplein in Boedapest in een gloedvolle toespraak de Russen opriep uit Hongarije te vertrekken. Orbán eiste democratische verkiezingen. Hij hield de rede tijdens de herbegrafenis van Imre Nagy die als premier in 1956 de Hongaarse opstand leidde tegen de Sovjetoverheersing en dit met zijn leven had moeten bekopen. „Orbán werd onze natuurlijke leider omdat hij het lef had voor een gehoor van honderdduizend mensen zo’n toespraak te houden”, zegt Németh.

Viktor stond meestal om zes uur op om Engelse woordjes te oefenen

Zsolt Németh Hongaars politicus

In de VS wil Orbán zich verdiepen in „de ontwikkeling van de Amerikaanse buitenlandse politiek”. Ook heeft hij belangstelling voor „constitutioneel recht en de scheiding der machten”, zo staat er in de verlanglijst die we allemaal moeten inleveren. Op de eerste ochtend in Washington neemt Orbán tijdens de ronde waarin we ons kort moeten voorstellen geen blad voor de mond. „‘Mijn naam is Viktor Orbán, ik ben de leider van Fidesz, en ik word de volgende premier van Hongarije’. Dat was zijn eerste zin”, vertelt Krach (56), toen aanwezig als reporter van de Donaukurier en tegenwoordig hoofdredacteur van de Süddeutsche Zeitung in München. „Ik schrok van zo veel megalomanie, maar Orbán hield woord. Zes jaar later was hij voor het eerst premier”.

Groepslid Pauline Krikke (59), VVD-politica die later onder meer burgemeester van Den Haag zal worden, ziet een man die „absoluut zelfbewust en ontspannen” is. „Orbán en Németh straalden enthousiasme uit en keken vol verwachting uit naar de toekomst”. Riché is verbaasd over de onalledaagse demonstratie van „vastberadenheid en uitgesproken ambitie” van de Hongaarse fractievoorzitter. De Franse journalist tekent tijdens de eerste bijeenkomst in zijn programmaboekje karikaturen van alle fellows en schrijft er een commentaar bij. Orbán ziet er op de tekening nogal geblokt en nors uit. In het bijschrift staat: „Viktor is een soort petit Napoléon (duister en eenzaam)”.

Tekening die Riché maakte van Orbán: Victor est une sorte de Petit Napoléon. (Victor is een soort van kleine Napoleon)
Tekening van Haenen, gemaakt door Riché: Journaliste hollandais. Plutôt méchant mais marrant. Je m’entend bien avec lui, pour l’instant.

(Nederlandse journalist. Nogal gemeen maar grappig. Ik kan voorlopig goed met hem overweg.)

De tekeningen die Pascal Riche maakte van Orbán en Haenen. Bovenin Orbán: Victor est une sorte de Petit Napoléon. (Victor is een soort van kleine Napoleon). Onderin Haenen: Journaliste hollandais. Plutôt méchant mais marrant. Je m’entend bien avec lui, pour l’instant. (Nederlandse journalist. Nogal gemeen maar grappig. Ik kan voorlopig goed met hem overweg).

Tijdens de werkbezoeken worden de diepere interesses van de op het platteland van Hongarije opgegroeide Orbán niet altijd goed duidelijk. Het parlementslid zwijgt voornamelijk als we bijvoorbeeld in Los Angeles langs gaan bij gedupeerden van de dagenlange rassenrellen eerder dat jaar in die stad. Of als we onder deskundige begeleiding wandelen door de sloppenwijken van Chicago.

Malgorzata Bochenek (58) uit Warschau, journalist en later persoonlijk adviseur van de conservatieve Poolse president Lech Kaczyński (2005-2010), ziet Orbán wel opleven. Op 27 juli 1992 bezoekt ze samen met de Hongaarse parlementariër het Umatilla-indianenreservaat in de staat Oregon. Ze worden bijgepraat over democratie bij de indianen. „De gastheren klaagden over economisch onrecht. Orbán vroeg ze naar hun grondbezit en begon een soort bedrijfsplan te presenteren”, vertelt Bochenek. De indianen reageren niet meteen enthousiast. „Daarna verloor Orbán zichtbaar de belangstelling voor het vervolg van het gesprek”.

Groepsfoto

Van links naar rechts, staand: Bertrand Wiedemann-Goiran, voormalig adviseur van de Franse politicus Dominique Strauss-Kahn en werkzaam als economisch adviseur in Frankrijk. Malgorzata Bochenek, voormalig adviseur Poolse president Lech Kaczyński en journalist. Heike Witzel, werkzaam voor de Evangelische kerk in Halle, in Duitsland. Wolfgang Krach, journalist en sinds 2015 een van de twee hoofdredacteuren van de Süddeutsche Zeitung in München, (medewerkster GMF in roze) Zsolt Németh, parlementslid in Hongarije en sinds 2014 voorzitter van de buitenlandcommissie van het Hongaarse parlement. Pawel Zegarlowicz, journalist in Polen, (medewerkster GMF), Viktor Orbán, parlementslid en sinds 2010 premier van Hongarije, (medewerkster GMF), Pauline Krikke, ondernemer en voormalig burgemeester van Arnhem en Den Haag. Zittend van links naar rechts: Jochen Lässig, politicus en advocaat uit Leipzig in Duitsland, (medewerkster GMF), Marcel Haenen, jurist en sinds 1984 in dienst van NRC Handelsblad, Pascal Riché, journalist en plaatsvervangend hoofdredacteur van het Franse weekblad L’Obs.

Democratische conventie

Het merendeel van onze gesprekken in Amerika gaat over politiek. De eerder dit jaar wegens gesjoemel tot celstraf veroordeelde adviseur van president Donald Trump, Roger Stone, leren wij in betere dagen kennen. Stone legt ons in Washington geanimeerd uit hoe hij als senior consultant in 1988 Republikein George Bush sr. hielp de presidentsverkiezingen te winnen. Hij vertelt verder, zo vermeldt ons programma, over het geven van „strategisch advies aan zakenvrienden” en over zijn bestaan als politiek commentator.

Het hoogtepunt van de reis is het bezoek aan de Democratische afgevaardigden op hun nationale conventie in New York. We zitten vooraan als op 16 juli 1992 in Madison Square Garden de Democraten Bill Clinton officieel tot presidentskandidaat kiezen. Overal dwarrelen ballonnen. „Een fantastische ervaring. We hadden nog nooit zo’n politieke show gezien”, zegt Németh. „Orbán bewonderde de VS”, merkt Krach. Aan het eind van de conventie klinkt het toepasselijke democratische campagnelied van Fleetwood Mac: Don’t stop thinking about tomorrow. Don’t stop, it’ll soon be here.

Viktor Orbán bij het kanovaren in South Carolina in 1992.
Foto privéarchief Marcel Haenen
Van links naar rechts: Marcel Haenen, Pascal Riché en Zsolt Németh in 1992 in New York.
Foto privécollectie Marcel Haenen
Viktor Orbán tijdens het kanovaren in South Carolina in 1992.
Foto’s privéarchief Marcel Haenen

Viktor Orbán lijkt zich er zich tijdens de reis zeer van bewust dat hem een belangrijke rol wacht in de geschiedenis. „Orbán en Németh wisten heel goed welke invloed ze hadden”, zegt Pauline Krikke. Zij heeft tijdens de reis regelmatig gesprekken met Orbán over zaken als campagne voeren of de omgang met journalisten. Ze kunnen het in die tijd politiek prima met elkaar vinden. „Hij was toen nog klassiek liberaal, centrum-rechts en pro-Europese integratie”. Heike Witzel (57) uit Halle, werkzaam voor de Evangelische Kerk in Duitsland, zegt dat Orbán alleen belangstelling toonde voor mensen die hem iets te bieden hadden. „Hij was heel gecalculeerd. Ik was niet belangrijk en dus niet interessant voor hem”.

Wolfgang Krach herinnert zich plezier te hebben beleefd met Orbán. „Hij had gevoel voor humor. Je kon hem ook uitlachen”. Toch is Orbán in het gezelschap van journalisten tijdens de reis meestal op zijn hoede. Als ik hem met mijn videocamera film terwijl hij op het strand bij Lake Michigan een mooie vrouw monstert, maakt hij een vreemde lange neus naar me. In South Carolina peddelen we urenlang in kano’s over de Ashley River. Ook dan valt zijn autoriteit op. Als we langs de kant moeten stoppen omdat de boten water maken, laat hij het hozen aan mij over.

’s Avonds, bij bezoek aan jazzkelders of honkbalwedstrijden, is Orbán doorgaans afwezig. Németh zegt dat de twee Hongaren hun eigen ontspanning organiseren. Ze spelen biljart. Németh vertelt dat hij zijn vriend in Amerika zo vaak heeft ingemaakt dat hij 150 bolletjes ijs wist te winnen. „Ik heb ze trouwens nog steeds tegoed.”

Ronald Reaganstandbeeld

„De reis door Amerika had een grote invloed op Orbán. Hij begon het ingewikkelde Amerika beter te begrijpen”, zegt Németh, die twee keer de Hongaarse staatssecretaris van Buitenlandse Zaken was en nu al zes jaar voorzitter is van de buitenlandcommissie van het parlement. Hij wijst erop dat de betekenis van Amerika voor Midden-Europa anders is dan in West-Europa. Zo is Ronald Reagan, de acteur die in 1980 werd verkozen tot Amerikaanse president, volgens Németh een held in Hongarije omdat hij in 1987 in Berlijn de leider van de Sovjet-Unie Michail Gorbatsjov opriep de Berlijnse Muur af te breken. „Zonder Reagan zou de Koude Oorlog niet zijn beëindigd.” Om die reden heeft de regering van Orbán in 2011 in het centrum van Boedapest een standbeeld van Reagan laten plaatsen. „Ik denk niet dat er veel Ronald Reagan-standbeelden zijn in het Westen van Europa”.

In Amerika weten Hongaarse landgenoten, die aan het communistische bewind in eigen land zijn ontsnapt en in de VS een succesvol leven hebben opgebouwd, de premier in spe tijdens zijn bezoek ook goed te vinden. „Orbán werd regelmatig gevraagd spreekbeurten te geven. Dat overkwam verder niemand van ons”, zegt Krikke.

Halverwege de reis worden de twee Hongaarse Fidesz-mannen in New York uitgenodigd door George Soros, vertelt Németh tijdens ons Zoomgesprek. De in 1930 in Boedapest geboren zoon van Joodse ouders is na de oorlog naar Engeland en later naar de VS verkast waar hij een welvarende zakenman is geworden. Hij gebruikt zijn vermogen onder meer voor democratiseringsprojecten in Midden-Europa. „Soros betaalde in de jaren tachtig geld aan onze studentenclub Fidesz. Met zijn geld kochten we bijvoorbeeld een kopieermachine waarmee we een tijdschrift maakten. We gebruikten het geld ook voor seminars en zomerkampen.” Soros investeert ook veel in onderwijs. Németh en Orbán kregen eind jaren tachtig allebei een beurs van Soros om politieke wetenschappen te studeren in Oxford.

Hij had gevoel voor humor. Je kon hem ook uitlachen

Wolfgang Krach, hoofdredacteur van de Süddeutsche Zeitung

In New York worden de twee Hongaren ontvangen op een van de mooiste en hoogste verdiepingen van een luxueuze wolkenkrabber met schitterend uitzicht over Central Park, herinnert Németh zich. Soros zou de twee landgenoten op zijn kantoor tijdens het treffen geld hebben geboden. „Wat hebben jullie nodig, jongens? Ik regel het”, zei de zakenman volgens Németh. „We waren geschokt door dit aanbod. Het was omkoping van politici door Soros. Het was een impliciete uitnodiging toe te treden tot de door hem gesteunde coalitie van partijen die de toenmalige centrum-rechtse regering moesten laten struikelen. Viktor antwoordde adembenemend snel dat we niks nodig hadden. Mocht dat veranderen dan zouden we het laten weten”.

Een woordvoerder van Soros noemt het verhaal van Németh kwaadsprekerij. Hij zegt dat Soros „geen herinneringen heeft aan een gesprek” in 1992. De verstandhouding tussen Orbán en Soros is de laatste jaren snel verslechterd. Premier Orbán verwijt Soros het brein te zijn achter een ‘geheim plan’ om Hongarije te overspoelen met moslimmigranten en zo de Hongaarse natie te vernietigen. Orbán ziet Soros als het prototype van een buitenlandse betweter. Soros vindt dat Orbán is verworden tot een antisemitische dictator. Een politiek leider die ook nog eens alles op alles zet om de in 1991 door Soros opgerichte Centraal Europese Universiteit het land uit te pesten.

Al vrij snel na de reis door de VS kiest Fidesz voor een meer conservatieve en populistische koers. Het helpt de partij om in 1998 als winnaar uit de verkiezingen te komen. Orbán wordt voor de eerste keer premier. In die periode van vier jaar stapt Fidesz uit de Europese liberale partij en sluit zich aan bij de Europese Volkspartij waar christendemocratische en conservatieve partijen deel van uitmaken.

Video: Viktor Orbán bij Lake Michigan.

Pauline Krikke zegt in die jaren, als ze wethouder is in Amsterdam, de verandering bij Orbán en Németh te hebben kunnen waarnemen. „Premier Orbán werd toen officieel door het college van B&W ontvangen. We hebben een rondvaart gemaakt. Ze waren toen al veel nationalistischer geworden, rechtser en christelijker. Het waren mannen in strenge pakken en niet meer zo los als in Amerika.”

In 2010 wint Orbán opnieuw de verkiezingen en sindsdien heeft hij zich ontwikkeld tot een conservatieve dwarsligger binnen de Europese Unie. In 2015, tijdens een fotomomentje op een EU-top in Riga, begroet de voorzitter van de Europese Commissie Jean-Claude Juncker de Hongaarse premier Orbán door te zeggen: ‘The dictator is coming’. Juncker geeft Orbán met platte hand een tik op zijn wang.Dictator’, zegt hij nog eens. Orbán lacht.

Németh geeft terugblikkend toe dat Orbán en hij sinds 1992 „behoorlijk van opvattingen zijn veranderd”. Een breuk wil hij het niet noemen. „We hebben onze jeugdidealen niet verloren”. Németh spreekt liever van een „rijpingsproces”. Bij die volwassenwording hoort ook „een andere visie” op de toekomst van Europa. „Meer centrum-rechts en dat betekent niet dat we anti-Europees of anti-democratisch zijn geworden. We vinden alleen gezinswaarden erg belangrijk en koesteren ons christelijk erfgoed”, zegt Németh. „Als we een gezamenlijke toekomst willen, zullen we binnen Europa meer begrip moeten hebben voor elkaars opvattingen.”

Witte Huis

In 2019 zie ik live op CNN hoe Viktor Orbán opnieuw Washington DC bezoekt. In een ruim zittend blauw maatpak met oranje stropdas – de kleur van Fidesz – heeft de premier van Hongarije zich genesteld in een leunstoel naast president Trump. Ze zitten gezellig voor de open haard in het Witte Huis. „Jij wordt binnen heel Europa gerespecteerd. Net als ik ben je waarschijnlijk een beetje controversieel maar dat is oké”, zegt Trump vaderlijk. Orbán vertelt „trots te zijn dat we samen met de VS strijden tegen illegale immigratie, tegen terrorisme en dat we christelijke gemeenschappen beschermen en helpen in de hele wereld”.

Hoe Midden-Europa de pandemie zo snel onder controle heeft gekregen

De Hongaarse premier zal Trump bij de nazit wel niets hebben verteld over zijn eerste reis naar de Amerikaanse hoofdstad. Orbán heeft zijn GMF-verleden geheel geschrapt uit zijn cv. Herhaalde verzoeken om een interview over wat de reis destijds voor mijn reisgenoot heeft betekend, worden afgewezen. „Helaas is de agenda van de premier extreem druk bezet”, schrijft Rajmund Fekete, kabinetschef van Orbán. Het verbaast Németh niet. „Viktor houdt er niet van om interviews aan buitenlandse journalisten te geven. Hij is meer op zijn gemak in het gezelschap van centrum-rechtse denkers zoals de onlangs overleden Roger Scruton.”

Binnen het GMF is het enthousiasme voor Orbán volledig verdwenen. De organisatie heeft sinds de jaren tachtig zo’n 2.400 Europeanen door Amerika laten reizen en zo’n 1.600 Amerikanen door Europa. Twee fellows werden premier of president: Viktor Orbán en de Fransman Emmanuel Macron, die in 2006 fellow was. De trots die het GMF destijds voelde voor Orbán is veranderd in grote schaamte.

Europe must stop Viktor Orbán’, is de kop boven een artikel op de eigen GMF-website van 6 april 2020 waarin de Hongaarse politicoloog en Midden-Europa deskundige van het GMF, Daniel Hegedüs, waarschuwt voor Orbán. „De Hongaarse premier heeft de democratie afgeschaft. Als de Europese Unie daar nu niet tegen in actie komt, zal autoritarisme zich verspreiden in Europa”, aldus het artikel dat ook in het Duitse weekblad Der Spiegel verschijnt.

Orbán (midden), Haenen (links) en Riché tijdens een autorit door South Carolina in 1992.
Selfie met Hongaars politicus Zsolt Németh in Nebraska, 1992.
Orbán op de achterbank en Neméth naast Haenen.
Foto’s privearchief Marcel Haenen

De al langer levende zorgen over de teloorgang van de Hongaarse democratie zijn verder versterkt na de in maart aangenomen corona-noodwetgeving die de Hongaarse regering voor onbepaalde tijd de macht geeft om wetten te maken en te schrappen zonder inmenging van het parlement of verkiezingen . „Door zijn honger naar macht en het autoritaire instinct van Orbán heeft Hongarije een punt bereikt waarop het democratische uiterlijk van het regime is verdwenen”, oordeelt Hegedüs.

Zijn geringe liefde voor journalisten wordt door ‘Viktator’ Orbán ook vastgelegd in de noodwetgeving. Op het verspreiden van ‘desinformatie’ komt een sanctie te staan van vijf jaar gevangenisstraf.

Mei 2010
Viktor Orbán, die tussen 1998 en 2002 ook premier van Hongarije was, formeert een populistische regering met een tweederde meerderheid in het parlement.
Etnische Hongaren in buurlanden krijgen een paspoort en stemrecht. Dit levert Orbáns partij Fidesz honderdduizenden trouwe kiezers op.
April 2011
Na de persvrijheid en het stakingsrecht te hebben ingeperkt, pakt Orbán ook de grondwet aan.
December 2011
Een nieuwe kieswet maakt het Orbáns partij makkelijker macht te consolideren. Ook de greep op de centrale bank wordt versterkt.
2012
De Hongaarse regering komt in conflict met de Europese Unie en het IMF omdat het zich niet aan rechtsstatelijke en budgettaire regels houdt.
Maart 2013
De grondwet wordt weer aangepast, nu om het Constitutioneel Hof in te kapselen.
April 2014
Fidesz wint opnieuw verkiezingen. Door de herschreven kieswet is 45 procent van de stemmen genoeg om de grondwettelijke meerderheid te behouden.
Juli 2014
Orbán kondigt aan dat hij streeft naar het vormen van een „illiberale democratie” en dat Rusland, Turkije en China daarbij voorbeelden zijn.
Zomer 2015
Hongarije bouwt een hek aan de grens met Servië en arresteert migranten die illegaal de grens oversteken.
Eind 2015
Journalistiek en EU-onderzoek leggen bloot met hoeveel nepotisme en corruptie de regering-Orbán baantjes en Europese subsidies verdeelt.
April 2017
Fidesz herschrijft de onderwijswet, zodat de Central European University – opgericht door de filantroop George Soros – niet meer vanuit Boedapest kan opereren.
April 2018
Tot de migratiecrisis leek Orbáns populariteit tanende, maar hij wint opnieuw verkiezingen. Minder dan de helft van de stemmen blijft genoeg voor absolute macht.
Juni 2018
Ngo’s, die al verplicht waren buitenlandse geldschieters bekend te maken, zijn strafbaar wanneer zij ongedocumenteerde migranten helpen. Dakloosheid wordt verboden.
Juli 2019
De Academie van Wetenschappen wordt onder overheidscontrole geplaatst.
Maart 2020
Vanwege de coronacrisis besluit Orbán per decreet te gaan regeren. Ook wordt het verspreiden van desinformatie strafbaar. De regering wil de noodwet 20 juni weer laten vervallen.
Mei 2020
Transgenders kunnen niet langer hun geslacht en naam veranderen.

Door Emilie van Outeren

Dit artikel is geschreven in samenwerking met de Franse journalist Pascal Riché. Zijn terugblik is gepubliceerd in het Franse weekblad L’Obs.

Foto’s en video’s komen uit het privéarchief van Marcel Haenen.