Illustratie XF&M

Dubbele petten in een koninklijke paardenwereld

Paardenhandel Nederlandse sportpaarden zijn de beste ter wereld, onder meer door de strenge hengstenkeuring van het koninklijk paardenstamboek. Maar belangenverstrengeling ligt op de loer, blijkt uit onderzoek van NRC. „Het kwaliteitslabel staat onder druk.”

Ze zijn gezegend met een ‘aansprekend exterieur’, ‘goede instelling’ of ‘sterke reflexen’ – de jonge hengsten die het jaarlijkse eindexamen van het Koninklijk Warmbloed Paardenstamboek Nederland (KWPN) halen. Onder het toeziend oog van een keuringscommissie stappen ze door de piste van het Nationaal Hippisch Centrum in Ermelo, springen ze over balken of rijden ze rondjes voor een lichte kar.

De paarden sluiten met hun eindexamen een lang onderzoek af, dat bij goed resultaat het predikaat ‘KWPN-dekhengst’ oplevert. Hooguit enkele tientallen paarden worden jaarlijks opgenomen in het Nederlandse stamboek, de top van het internationale paardengilde. Daarmee vermeerdert hun waarde, zeker als ze uitgroeien tot winnaars op grote concoursen. Hun dekgeld kan dan oplopen tot duizenden euro’s.

Bij het eindexamen volgen paardeneigenaren elke handeling van de selecteurs met argusogen. „Alsof je naar The voice of Holland kijkt”, zegt hengstenhouder Reinie Tewis uit het Drentse Westdorp. „Zodra jouw paard de piste in loopt, ben je overgeleverd aan de jury.”

Het sociaalwetenschappelijke sportonderzoeksinstituut Mulier schat de jaarlijkse omzet van de paardensector op 1,7 tot 2,6 miljard

Eén blunder van een hengst in het kostbare traject – een ‘verrichtingsonderzoek’ kost 10.000 euro – kan een faillissement voor zijn baas inluiden. Daarom liggen emoties altijd dicht aan de oppervlakte. Welke ervaren handelaar kent niet het verhaal van de collega die zó boos werd toen zijn paard bij de keuring afviel, dat hij de baan op stormde en dreigde de selecteurs een kopje kleiner te maken.

De afgelopen maanden deed NRC onderzoek naar het KWPN, het strengste en meest succesvolle paardenstamboek ter wereld. Een stamboek waar je als serieuze fokker en handelaar niet omheen kunt, tenzij je naar het buitenland uitwijkt.

De hengstenkeuring, belangrijk onderdeel van de Nederlandse paardeneconomie, staat bloot aan belangenverstrengeling. KWPN-bestuursleden en een jurylid laten hun eigen paarden ook meedoen aan de keuringen. Er zijn financiële banden tussen de keuringscommissie, in naam onafhankelijk, en handelaren, die kunnen profiteren van een positief oordeel.

De hippische wereld is er één van gunnen en slikken. Kritische vragen – van insiders én outsiders – worden niet geapprecieerd. „Nu moet u oppassen”, bijt een woedende hengsteneigenaar de verslaggevers toe.

Hoofdstuk 1

De hoge lat van het stamboek

Verscholen op een terrein in Ermelo tussen bossen, heidevelden en stuifzand ligt het Nationaal Hippisch Centrum, met wedstrijd- en trainingshallen en 48 luxe stallen waaruit gehinnik opklinkt.

In het pre-coronatijdperk behoorden de keuringsdagen – die in juli zonder publiek worden hervat – tot de drukste in Ermelo. Dan was een groot deel van de ruim zeshonderd kuipstoeltjes bezet in de naar prinses Amalia vernoemde wedstrijdhal.

Mede dankzij de strenge keuringen is de paardenhandel in Nederland zo lucratief. Door het KWPN geselecteerde sportpaarden koop je voor vijfduizend euro, maar evengoed voor vijftien miljoen. Exacte cijfers ontbreken, maar het sociaalwetenschappelijke sportonderzoeksinstituut Mulier schat de jaarlijkse omzet van de paardensector op 1,7 tot 2,6 miljard. Het is na voetbal de sport waar in Nederland het meeste geld in omgaat.

In een grote, kale vergaderruimte vertellen twee medewerkers van het KWPN vol trots over de geschiedenis van het stamboek. Volgens senior inspecteur Wim Versteeg en hoofd fokkerijzaken Ralph van Venrooij is het geen toeval dat het KWPN bij zowel springen als dressuur de ranglijst van de World Breeding Federation for Sport Horses aanvoert. Of het nou om de Olympische Spelen, wereldbekerfinales of Grands Prix gaat: overal eindigen Nederlandse paarden bovenaan.

„Wij leggen de lat hoog als het om gezondheid, duurzaamheid, berijdbaarheid, uiterlijk en correctheid [voor- en achterbenen netjes op een rij] gaat”, zegt Versteeg. „Daardoor heeft Nederland een vaste positie verworven in de internationale sport. En die sport vormt weer een visitekaartje voor de handel.” De mannen zeggen dat het stamboek „vooroploopt in nieuwe ontwikkelingen”.

Hoofdstuk 2

Miljoenendeals via WhatsApp

Nederland telt zo’n 455.000 paarden (sport en recreatie) en tienduizend paardenbedrijven. Bij zo’n grote sector zou je verwachten dat alles zwart op wit staat, dat niets aan het toeval wordt overgelaten. Maar hippisch advocaten vertellen dat miljoenendeals soms op de achterkant van een bierviltje of via WhatsApp worden gesloten.

Die nonchalance leidt soms tot problemen. Bekend is het verhaal van de prinses van het koningshuis van Bahrein die op een Nederlandse manege trainde en besloot op goed vertrouwen 50 procent van een paard te kopen dat daar op stal stond. Kosten: anderhalf miljoen. En dat van de ruiter die op stel en sprong naar Denemarken reisde om een paard te kopen voor de Asian Games. Na één proefrit maakte hij een bedrag van 1,8 miljoen euro over. Beiden spanden een rechtszaak aan tegen de verkoper, omdat ze vonden dat ze een kat in de zak hadden gekocht.

De paardenwereld is een ons-kent-ons-wereld, zegt bijna iedereen die hem van binnenuit kent. Bijna zoals een „geheim genootschap”, volgens een kenner.

Je kunt hem het beste met de kunsthandel vergelijken, zegt Luc Schelstraete, hippisch advocaat in het Brabantse Oisterwijk. „Je werkt niet met een prijslijst. Wat voor de een veel is, is voor de ander weinig.” Een beroemd paard drijft net als een beroemde kunstenaar de prijs op, maar uiteindelijk geven smaak en emotie de doorslag, zegt hij.

Kostbare paarden worden vaak gekocht door nieuwe rijken, zegt Schelstraete, net als kostbare schilderijen. „Ongedoopten”, noemt hij dit soort kopers. „Ze kennen de paardenwereld meestal niet zo goed. Een multimiljonair die voor 5 miljoen euro een goed paard koopt moet niet verwachten dat hij er meteen de Olympische Spelen mee kan rijden. Die moet eerst kilometrage maken.”

Illustratie XF&M

De ongedoopten – vaak buitenlanders die het ons-kent-ons-wereldje niet kennen – zijn redelijk makkelijk om de tuin te leiden. Juist omdat de aankoop van een duur sportpaard een gevoelskwestie is, kan een paardenstamboek als het KWPN zekerheid bieden. De goede reputatie van het KWPN heeft op kopers hetzelfde effect als dat van een beroemd handelshuis als Christie’s. Als het KWPN oordeelt dat een paard veelbelovend is, dan vertrouwen handelaren daar op.

Goedgekeurde hengsten krijgen na hun KWPN-eindexamen een ‘rapport’ waar álles in staat: van een cijfer voor houding, balans, stap en draf tot aan stalgedrag, spermaonderzoek en kwaliteiten van de voorouders. Extra vertrouwen geeft het handelaren als een paard tot kampioen van de hengstenkeuring is gekroond. Het heeft dezelfde werking als een Harvard- of Cambridge-diploma op je cv.

Hoofdstuk 3

Gegoochel met informatie

Maar wat als blijkt dat dat Harvard-diploma is uitgereikt terwijl niet vaststond dat aan alle eisen is voldaan? Dat de rector magnificus een student – om onduidelijke redenen – het voordeel van de twijfel gaf?

Hoeveel problemen dat kan geven blijkt uit het voorbeeld van Kevin. Al snel na zijn geboorte, in 2015, valt de dressuurhengst op door zijn goede houding, souplesse en mooie model. „Een lotje uit de loterij”, noemt zijn fokker Harry Melis hem. „Pittig, maar zonder kwaaie streken.”

Als jaarling moet Kevin zich een keer gestoten hebben, denkt Melis. Want toen de dierenarts met een lens in zijn oog keek, constateerde die „een plekje”. Van die verwonding heeft Kevin nooit last gehad, zegt Melis, maar het drukte de prijs behoorlijk toen hij, anderhalf jaar oud, verkocht werd.

Als driejarige wordt Kevin doorverkocht aan paardenhandelaren Tim Coomans, Jacques Marée en Koen Brinkman. Voorafgaand aan de koop wordt Kevin opnieuw gekeurd, door dierenarts en oogheelkunde-specialist Michael Boevé, verbonden aan de Universiteit Utrecht. In diens vertrouwelijke rapport, in handen van NRC, staat dat Kevin een vorm van staar (juveniel cataract) heeft en dat niet uitgesloten kan worden dat het om een erfelijke variant gaat. De kans dat het erger wordt is „minder dan 30 procent”, de kans op onveranderlijkheid „meer dan 70 procent”.

Illustratie XF&M

Dat de nieuwe eigenaren het risico aandurven is niet vreemd; ze hebben ook Kevins vader Dream Boy in hun bezit, een tophengst die WK’s en EK’s rijdt. Marée, dierenarts, schat in dat de kwaal meevalt. Om latere verwijten te voorkomen overleggen Kevins eigenaren de verklaring van Boevé aan de hengstenkeuringscommissie, bij het KWPN-examen een half jaar later. De commissie keurt het paard goed, maar houdt de oogafwijking, anders dan bijvoorbeeld fysio-behandelingen, buiten haar rapportage. En dat is opmerkelijk, want alle informatie die van invloed kan zijn op de fokkerij, aldus de strenge reglementen, moet aan fokkers beschikbaar worden gesteld. Dus ook „de aanwezigheid van uiterlijk waarneembare (erfelijke) afwijkingen of gebreken”.

Dat KWPN belangrijke informatie achterhoudt is, om de vergelijking met handelshuis Christie’s door te trekken, net zoiets als het verzwijgen van een met het blote oog lastig te detecteren scheurtje in een topschilderij. In de paardenwereld bestaat daar een term voor: ‘fokkersbedrog’.

Als NRC navraag doet bij de eigenaren van Kevin, wordt in één klap duidelijk hoe groot de belangen zijn. Zijn sperma wordt voor 900 euro per rietje verkocht – negatieve reclame kan zorgen voor inkomstenderving. Marée waarschuwt dat de verslaggevers „moeten oppassen”.

Een dag later belt hij namens de eigenaren terug, rustiger. Hij vertelt dat Kevins aandoening klein is, het gaat om „een vertroebeling in de lens” die volgens hem niet uitzonderlijk is bij paarden. Hij houdt die informatie naar eigen zeggen niet achter als mensen Kevins zaad willen kopen. Waarom het KWPN Boevés bevindingen niet openbaar maakt weet Marée niet, maar „het had eigenlijk wel gemoeten, want alles wat foktechnisch van invloed kan zijn moet de fokker weten”.

Lees ook dit stuk uit 2015: Waarom Nederland miljoenen verdient met paardenfokken

KWPN-selecteur Wim Versteeg denkt daar anders over. Hij zegt dat er nooit een duidelijke correlatie tussen staar en erfelijkheid is aangetoond, „en als je paarden met een mogelijke erfelijke afwijking gaat uitsluiten, waar eindigt het dan”. Navraag bij deskundigen leert dat er inderdaad geen bewijs is voor een verband tussen staar en erfelijkheid, maar voor het tegendeel evenmin. Het is, kortom, niet duidelijk of Kevins vorm van staar erfelijk is.

De Wet dieren bepaalt dat „voor zover mogelijk voorkomen” moet worden dat gefokt wordt met gezelschapsdieren die een erfelijk gebrek hebben. De wet spreekt zich niet uit over gevallen waarin onduidelijkheid is over de erfelijkheid, maar met het achterhouden van informatie gaat het KWPN – met haar strenge imago – in tegen de eigen regels. Terwijl juist betrouwbaarheid het koninklijke stamboek zo groot heeft gemaakt in de paardenwereld.

Stommelingen! Zien jullie niet dat dat mijn beste paard is

Egbert Schep Paardenhandelaar en bestuurslid KWPN

Meerdere mensen wijzen er op dat Jacques Marée door het KWPN wordt ingezet als één van de dierenartsen bij de Select Sale, een platform voor kopers, fokkers en eigenaren van hengsten. En dat een andere eigenaar van Kevin zakelijke banden heeft met de echtgenoot van een KWPN-bestuurslid. Marée deed er zelf alles aan om KWPN volledig te informeren over Kevins aandoening. Hij bezweert dat er van bevoordeling geen sprake is. Maar feit is wel dat het achterhouden van informatie het KWPN kwetsbaar maakt voor het verwijt van belangenverstrengeling.

Hoofdstuk 3

Als dubbele petten gaan knellen

Iedereen in de paardenwereld heeft belangen. Aan de samenstelling van de keuvelende groepjes handelaren en fokkers op concoursen als Jumping Amsterdam kun je aflezen hoe de lijnen lopen. Niets bijzonders, zou je zeggen, maar wat als belangen van hooggeplaatste KWPN’ers door elkaar gaan lopen?

Een goed voorbeeld is Egbert Schep, die NRC op een doordeweekse ochtend rondleidt in zijn stallencomplex in Tull en ’t Waal. Balen hooi liggen er metershoog opgestapeld langs de wanden. In een spijkerbroek, geruit jasje met overhemd en op suède schoenen loopt Schep (68) langs zijn paarden. Hij heeft een opgerold papiertje in zijn hand, waarmee hij ratelend over het ijzer van de boxen beweegt. De paarden heffen hun hoofd, sperren de ogen iets open, snuiven. „Even alert maken”, zegt Schep, die zich met vijfhonderd paarden tot een van de grotere handelaren van Nederland mag rekenen. Bijna elke serieuze stal drijft handel met Schep.

Illustratie XF&M

In 2012 wilde het KWPN meer kennis van de internationale hippische markt in het bestuur en werd Schep gevraagd toe te treden. Logisch, vindt hij: „Er zijn maar een paar mensen die er verstand van hebben, die zijn bruikbaar.”

Het was ook het moment waarop de belangen van zijn handel verweven raakten met de hengstenkeuring. Schep wisselt voortdurend van rol. Nu eens is hij de handelaar die hoopt dat zijn paarden de keuring goed doorstaan. Dan weer de bestuurder die betrokken is bij het opstellen van de regels voor de keuring en overlegt met de commissie die de hengsten keurt.

Zijn verschillende rollen zijn goed zichtbaar in het najaar van 2017, als Schep zijn paard Kosmo ES instuurt voor de eerste bezichtiging van het KWPN, de aftrap van het selectietraject. In dat jaar krijgt bestuurslid Schep, blijkt uit interne documenten, ook de rol van ‘linking pin’; hij houdt het contact met de hengstenkeuringscommissie. Dat betekent dat hij voor en na keuringen met juryleden, de directie en inspecteurs bespreekt waar ze op moeten letten.

Schep moet doorgeven wat door een grote groep fokkers (in de zogenoemde fokkerijraad) en het bestuur democratisch is besloten. Let dit jaar, bijvoorbeeld, op sprongkracht of expressiviteit. Zijn rol vraagt om volstrekte onafhankelijkheid, omdat ook zijn eigen stal meedoet aan de keuringen die worden besproken. Het koord waarop hij zich beweegt is heel dun, want hij zit ook aan tafel met iemand met wie hij zaken doet: Wout Jan van der Schans.

Van der Schans is een bekende springruiter die veel in het Nederlands team heeft gereden. Hij rijdt ook wedstrijden met een paard van Schep, ze handelen soms met elkaar en hebben samen één paard in bezit. Van der Schans heeft zulke financiële banden ook met andere belangrijke stallen. En hij maakt sinds 2014 deel uit van de hengstenkeuringscommissie voor springpaarden.

Juryleden, zo heeft KWPN in de eigen integriteitscode bepaald, mogen geen paarden van zichzelf of familieleden keuren. In dat geval doen ze – letterlijk – een stap terug. Maar voor andere, meer zakelijke relaties, zijn de regels vaag. ‘Rond keuringen spelen meerdere belangen, waaronder soms tegenstrijdige’ erkent het KWPN in de code.

Zo kan het gebeuren dat Van der Schans bij de najaarskeuring van 2017 achter de jurytafel zit als de paarden van zijn zakenpartner Schep worden gekeurd. De keuring begint slecht voor Schep, een aantal paarden valt af. Als Kosmo ES – een sierlijk dier, de manen prachtig ingevlochten – wordt afgewezen, wordt het hem te veel. „Stommelingen! Zien jullie niet dat dat mijn beste paard is”, roept hij naar de keuringscommissie.

Na de uitbarsting van Schep worden alle door hem ingebrachte paarden die week goedgekeurd. Doordat het een jurysport is, wordt op dat soort momenten niet duidelijk of de boosheid van bestuurslid Schep invloed heeft. Uit uitslagen van keuringen in eerdere jaren blijkt niet dat Schep bevoordeeld wordt. „Toch is het een symptoom van een diepgeworteld probleem”, zegt een ingewijde die getuige was van het voorval. „Schep heeft een machtspositie. Als bestuurslid praat hij met de keuringscommissie, op de tribune scheldt hij ze uit. En dan zit er ook nog een zakenrelatie van hem in de jury. Dat heeft invloed, dat kan niet anders.”

Jurylid Van der Schans zegt in een reactie dat hij nog „nooit in een moeilijke positie” is gekomen als hij paarden keurde van zakenpartners. Zolang je toegeeft bij welke paarden je zakelijke belangen hebt, zegt hij, is er niets aan de hand. „Er zitten ook duizend paardenkenners op die tribunes. Ik denk dat de hel losbreekt als wij rare beslissingen zouden nemen.”

Dat de keuringen op tribunes en online via livestreams zijn te volgen, voorkomt misbruik, volgens KWPN. Hengsten zijn na hun goedkeuring ook verplicht mee te doen aan hengstencompetities. „Hier zouden onterecht goedgekeurde hengsten door de mand vallen”, aldus een woordvoerder in een reactie.

Hoofdstuk 5

Elkaar vertrouwen boven alles

„Het laten ontstaan van strijdigheid, of de schijn hiervan, tussen persoonlijke belangen en de belangen van het KWPN wordt vermeden”, staat in de integriteitsregels van het KWPN. Die regels waren in 2016 onderwerp van discussie toen bleek dat een KWPN-bestuurslid een zakelijk belang had bij de pensioenadviseur van het stamboek. Een externe commissie deed onderzoek naar de kwestie en was hard over de verwevenheid van bestuurlijke- en privézaken in het bestuur. In haar rapport, dat nooit naar buiten is gebracht, schrijft de commissie dat het binnen KWPN volstrekt onduidelijk is waar persoonlijke (financiële) belangen het functioneren als bestuurder belemmeren.

Op het KWPN-hoofdkantoor halen senior inspecteur Wim Versteeg en hoofd fokkerijzaken Ralph van Venrooij hun schouders op. „We hebben nu eenmaal mensen met verstand van zaken nodig in het bestuur”, zeggen ze. Ook andere bestuursleden hebben paarden die meedoen aan keuringen, ze handelen bovendien met andere stallen die hun paarden insturen naar de keuring. Een merrie van Ralph van Venrooij, hoofd fokkerijzaken, werd onlangs nog getest door zijn eigen medewerkers, voor het verkrijgen van een certificaat.

Volstrekte onafhankelijkheid is simpelweg onmogelijk, vinden ze bij het KWPN – en dat hoeft geen probleem te zijn. Ze vertrouwen op de interne controle: een ledenraad controleert het bestuur, de fokkerijraden – waarin tientallen mensen in vergaderingen besluiten waarop gelet moet worden bij de keuringen – waarborgen de onafhankelijkheid van de hengstenkeuringscommissies. „Het gebeurt weleens dat iemand op een verkeerde stoel probeert te gaan zitten, maar dan zijn er genoeg mensen die dat de kop indrukken”, zegt Versteeg.

Die houding – elkaar vertrouwen boven alles – zorgde er wel voor dat bij niemand op het KWPN-secretariaat een belletje ging rinkelen toen het bestuur enkele jaren geleden de lijsten van het aantal veulenregistraties per fokker opvroeg. Het aantal registraties zegt iets over het succes van een bedrijf. ‘Vertrouwelijk en persoonlijk’ staat in dik gedrukte letters boven het document.

Illustratie XF&M

Het KWPN-bestuur wilde weten waarom bepaalde stallen meer of minder veulens laten registreren. En dus staat er achter elk cijfer ook een korte – soms zeer privacy-gevoelige – toelichting: ‘betaalproblemen’, ‘inkrimping’ of ‘ernstig ziek’.

Voor onafhankelijke bestuursleden kan die informatie nuttig zijn voor een beter begrip van hun vereniging. Maar in dit bestuur zitten ook handelaren, die er hun voordeel mee zouden kunnen doen. Een stal met betaalproblemen is eerder geneigd scherpe handel te drijven. Een stal die wil inkrimpen, gaat makkelijker overstag bij een bod op een paard. Dat moet ook handelaar Egbert Schep niet zijn ontgaan.

Terwijl Schep door zijn stallen wandelt, moet hij glimlachen. Hoe zou hij nou voordeel kunnen hebben van zulke informatie? „Geneuzel” vindt hij.

Schep houdt zijn pas in bij een kastanjebruine hengst met zwarte onderbenen. „Kijk, dit is het paard waar ik destijds boos om werd, de zoon van Comme Il Faut. Die gooide de jury er gewoon uit. Stommelingen, ja, zoiets heb ik wel gezegd. De toenmalige directie heeft me erop aangesproken en daar heb ik mijn excuses voor gemaakt. Zoals het hoort.”

Schep vindt niet dat hij zich als bestuurslid moet inhouden zodra zijn eigen paarden in de ring komen: „Van dat gedoe moeten we af. Ik bespreek namens de fokkerijraad en het bestuur de selectiecriteria met de mensen die hengsten selecteren. Dan mag ik er toch wel wat van zeggen als ze het helemaal verkeerd doen?”

Schep heeft het gevoel dat hij „kritischer” wordt bekeken, juist omdat hij bestuurslid én handelaar is. Hij vindt het zelf „absoluut niet lastig” om meerdere rollen te combineren.

Financieel belang bij de goedkeuringen van zijn paarden heeft hij niet, zegt Schep, ook al zegt het KWPN zelf dat goedkeuring voor waardevermeerdering zorgt. De keuringen hebben volgens hem aan waarde ingeboet. Mensen die anders beweren hebben er geen verstand van, vindt hij. „Ik vind het flauw om maar over belangen te blijven praten.”

Hoofdstuk 6

Het keren van een neerwaartse spiraal

Lang niet iedereen durft het hardop te zeggen, want praten over problemen is in de gesloten hippische wereld not done. Toch maken veel paardenkenners zich zorgen. Ze vinden dat het gerenommeerde stamboek in een neerwaartse spiraal zit. Individuele bevoordeling kan ervoor zorgen dat het kwaliteitslabel onder druk komt te staan. „Het is nog niet overal doorgedrongen, maar dat komt doordat de paarden die vandaag geselecteerd en gefokt worden pas over tien jaar in de sport zitten”, zegt een ingewijde.

Sommigen zijn bang dat stamboeken uit Duitsland, Frankrijk of België langszij komen

Sommigen vrezen dat buitenlandse stamboeken, de Duitsers, Belgen en Fransen voorop, langszij zullen komen. „De wereld is opener en groter geworden”, zegt hengstenhouder Jacques Marée. „Vanuit alle windhoeken wordt diepvriessperma gehaald, waarmee KWPN-merries worden gedekt. Vooraanstaande stamboeken als het KWPN verliezen hun monopoliepositie. Ze zullen zich opener moeten opstellen.”

Toch komt kritiek op keuringen of het stamboek zelden naar buiten. Daarom praten mensen nu nog steeds na over de lange afscheidsbrief die Annechien ten Have Mellema schreef toen ze eind 2018 opstapte als bestuurslid van KWPN.

Zeer tegen de mores in slikte zij haar kritiek niet in, maar waarschuwt ze de KWPN-leden in het openbaar: „Nu we aan de vooravond staan van de verdere uitbouw van onze vereniging, dreigt stagnatie [...] Het is cruciaal om als vereniging te blijven bewaken dat er zuiver en zorgvuldig wordt gehandeld. Dat eigen belang niet voorop staat [...] Ik wens u veel wijsheid toe.”

Lees ook deel 2: Ruzie in de binnenkamers van het chique paardenstamboek

Reageren? Mail: onderzoek@nrc.nl