Popconcerten mogen weer - maar hóe?

Podia Nu pop- en jazzconcerten voor klein publiek binnenkort zijn toegestaan, is de vraag: kan het wel? Een rondgang langs de Nederlandse podia maakt duidelijk dat het niet rendabel is. „We doen het voor de artiesten en het publiek.”

Illustratie Kamagurka

Ze mogen 1 juni open, maar de meesten blijven dicht. Concerten voor 30 mensen? Het is de moeite niet voor de meeste podia voor pop en jazz. De kosten worden bij lange na niet gedekt, zegt het Leidse muziekpodium Gebr. de Nobel. Het is vrijwel onmogelijk om optredens rendabel te laten zijn, laten ook podia als De Melkweg in Amsterdam, Victorie in Alkmaar en Het Paard in Den Haag weten. Marlies Timmermans, directeur van Ekko in Utrecht: „Niet rendabel zou nog acceptabel zijn gedurende een zekere periode. Maar verliesgevend niet.”

Lees ook: Grootste deel van 300 miljoen euro naar gesubsidieerde kunstinstellingen

In een rondgang langs bijna zeventig Nederlandse jazz- en poppodia – de door het Fonds Podiumkunsten aangewezen kernpodia, plus enkele specifieke jazzclubs en zeer grote popzalen – vroeg NRC naar de plannen. Wat gaan ze organiseren zodra ze open mogen? Wat kan er, en wat kan er zeker niet? Hoe gaat het financieel en wat verwachten ze van de komende maanden? Ruim de helft beantwoordde onze vragen. Van het kleine Muziekcafé in Helmond (capaciteit: krap 200 man) tot de reus van Amsterdam, de Ziggo Dome (16.500) reageerden.

Natuurlijk zijn de Nederlandse podia verheugd dat ze op 1 juni hun zalen weer kunnen openen. Maar het maximum aantal bezoekers van 30, op anderhalve meter van elkaar in een gemiddelde zaal voor 500 bezoekers? Jazzpodium Paradox in Tilburg gaat het toch proberen: drie concerten van twee sets zodat er per avond plaats is voor twee keer dertig personen. „In de pauze wisselt het publiek en zo kunnen we afstand garanderen tijdens de concerten, en toch voldoende kaarten verkopen”, zegt programmeur Koen de Graat. En wie de ruimte heeft, gebruikt die, zoals de AFAS Live in Amsterdam, waar ze met avonden in „een huiskamerconcert-setting” beginnen. Of TivoliVredenburg in Utrecht, waar tot 15 juni dagelijks drie concerten van dezelfde act in de Grote Zaal voor zo’n 25 bezoekers zullen zijn, en later in juni vier kleine concerten op verschillende plaatsen in het gebouw.

De meeste podia willen pas op 1 juli de deuren openen, wanneer culturele instellingen weer 100 bezoekers mogen ontvangen. Tot die tijd organiseert Paradiso in Amsterdam ludieke acties als een ‘onrendabele’ acid-rave met dj’s Dimitri en Joost van Bellen, voor „telkens vijf gelukkigen op de dansvloer”. Hoofd marketing Jurry Oortwijn: „Het helpt ons niet uit de financiële problemen, maar we doen het puur om de artiesten een podium, een publiek en waar mogelijk inkomsten te blijven bieden. En om de moraal van de medewerkers hoog te houden.” Ook de Ziggo Dome, die verder focust op volledig opengaan per 1 september in een anderhalvemeter setting, laat op 6 juni grote artiesten als Kensington, Ilse DeLange, Duncan Laurence en Danny Vera spelen voor dertig bezoekers.

Michelle David & The Gospel Sessions vanuit een Paradiso zonder publiek:

Struikelblokken

Duidelijk is dat ‘zomaar’ weer iets organiseren er niet bij is. Naast de bezoekerslimiet zijn er vele andere struikelblokken. Zoals noodverordeningen, die na elke persconferentie van premier Rutte moeten worden aangepast door de 25 veiligheidsregio’s, en lang niet altijd is duidelijk wat daar precies in komt te staan. Zo werden popconcerten lange tijd als ‘evenementen’ gezien en dus verboden tot zeker 1 september. Na de persconferentie van 19 mei werd dat geschrapt en mogen zalen dus concerten organiseren voor een klein publiek. Wel alleen met reservering, op anderhalve meter afstand en zonder gezondheidsklachten.

Echt zorgen maakt onder meer de Popcoalitie zich over de regelgeving over zangers en blaasinstrumenten, die volgens het RIVM makkelijk het virus zouden kunnen verspreiden. Het is vooralsnog niet toegestaan voor zangers en blazers om met anderen te zingen of blazen, schreef minister Van Engelshoven (OCW) woensdag in haar Kamerbrief. Betekent dat popbandjes zonder zangers? Jazz-ensembles zonder blazers? Bijna onmogelijk en een deprimerende gedachte bovendien. Brancheorganisatie VNPF gaat ervan uit dat één zanger of zangeres of één blazer wel kan in een band, maar een achtergrond koor niet. „Ik ben geneigd hier praktisch mee om te gaan en zoek de mazen op”, zegt VNPF-directeur Berend Schans. Die uitleg geeft ook Danny Damman, directeur van de Ziggo Dome: „Duncan Laurence kan gewoon komen zingen. En Kensington, waar meerdere bandleden zingen ook, als het maar één van hen tegelijk is.”

Veiligheidsprotocol

Dan is er het veiligheidsprotocol waar de zalen zich aan moeten gaan houden. Want als je al dertig man publiek toelaat, hóe dan? Sommige podia, zoals LantarenVenster in Rotterdam, willen met tafels en stoelen gaan werken zoals Amerikaanse jazzclubs, zodat je de bezoekers makkelijker over de zaal kunt spreiden. Maar podia moeten ook rekening houden met in- en uitgangen, toiletten, personeel, hygiëne, etcetera. Voor het protocol waarin dat wordt vastgelegd ligt nu een voorstel bij het ministerie van Economische Zaken. Wanneer – en óf – dat wordt goedgekeurd is niet bekend.

En als het protocol er is, is het voor veel zalen de vraag of ze daaraan kunnen voldoen. Niet In elk gebouw zijn bezoekersstromen te reguleren, of in- en uitgangen te scheiden. Of, zoals Harry Gonggrijp, coördinator van Manifesto in Hoorn aanstipt: „Hoe gaan we om met de glazen die gespoeld worden in grotendeels hetzelfde water, of mensen die op de wc ongezien hoesten? En de anderhalvemeter-regel zal ook zeker worden geschonden in de kleine entree en garderobe die wij hebben.”

Illustratie Kamagurka

Sloophamer

Voor veel podia is de crisis een sloophamer waarvan de schade nog niet te overzien is. Er is weliswaar steun vanuit landelijke regelingen, velen maken gebruik van de regelingen NOW (Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid) en TOGS (Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren) om het personeel in dienst te houden en de verliezen enigszins beperken. Sommige podia zullen gebruik kunnen maken van de 29 miljoen euro die minister Van Engelshoven beschikbaar maakt voor podia en theaters – wat nog wel gematcht moet worden door de betreffende gemeenten. Het Fonds Podiumkunsten (FPK), dat de 54 door hen als kernpodia aangewezen zalen in Nederland steunt, heeft bekendgemaakt op een later moment aanvullende maatregelen te zullen nemen voor podia die uit een van de programmeringsregelingen subsidie ontvangen ter stimulering van het aanbod dat geen subsidie ontvangt (wat bijna altijd zo is in het geval van popmuziek). Dat gaat om, laat directeur Henriëtte Post van het FPK weten, „om en nabij 3 miljoen euro”.

Per provincie en gemeente varieert de steun voor podia sterk. Uitstel van belastingen en kwijtschelding van huur worden het meest aangevraagd, en lang niet alle gemeenten werken mee. De structurele subsidie die sommige podia van de gemeente krijgen moeten meestal ingezet worden voor aangevraagde doelen zoals talentontwikkeling.

Lees ook: De culturele sector is nog niet gered

„Financieel is het een ramp. De omzetdaling in de eerste drie maanden is 600.000 euro”, zegt directeur Frank van Iersel van Mezz in Breda. „Wat rest is lege zalen en thuiszittend personeel.” Wat Mezz wel doet, terrasconcerten bijvoorbeeld, moet budgetneutraal. „De financiële ondersteuning vanuit de gemeente Breda is top, maar er is nauwelijks eigen vermogen, zeker omdat Mezz vorig jaar uitgebreid is gerenoveerd en wij flinke investeringen hebben gedaan.”

Ook bij Rotown in Rotterdam dreigen moeilijkheden, zegt directeur Minke Weeda. „Normaal gesproken zou de concertafdeling nu reserves opbouwen, om straks in evenementen te steken. Dat is nu helemaal weggevallen en dat zal consequenties hebben voor het najaar, en misschien tot ver in 2021.”

Liquiditeit

Het is lastig dat voor veel concerten die zijn doorgeschoven naar het najaar of volgend jaar, de kaartjes al zijn verkocht. Dat komt door de voucherregeling die begin april is ingesteld, waarbij tickets geldig blijven voor een alternatief concert of evenement binnen 13 maanden. En als een bezoeker wel z’n geld terug wil, hoeft dat pas een maand na de nieuwe datum van het verplaatste concert. Die regeling is bedacht om de sector te steunen, want als iedereen het geld ineens zou terugvragen, zouden veel podia meteen in liquiditeitsproblemen komen. Maar het zorgt er wel voor dat een periode op komst is zonder veel inkomsten voor podia en organisatoren.

Illustratie Kamagurka

Een aantal zalen laat weten dat het allemaal echt geen zin heeft deze zomer, en sluit de deuren tot september in de hoop op betere tijden. De Domijnen in Sittard bijvoorbeeld, houdt zomerstop. De Tor in Enschede beschouwt 2019-2020 „als afgelopen”. De Boerderij in Zoetermeer kijkt naar 2021 zegt directeur Arie Verstegen, „in de hoop dat er tegen die tijd een vaccin is”. Ook de Heerlense Nieuwe Nor heeft naast livestreams de komende maanden geen publieksactiviteiten. Het grote 013 in Tilburg werkt aan kleinschalige acties om zichtbaar te blijven, maar noemt het verder onverantwoord iets te organiseren, zegt interim-directeur Peter van der Aalst. „Zonder extra steun zouden we dan alleen maar meer kosten maken.”

Creatieve oplossingen

Voor veel podia zal het een zware periode worden met moeilijke beslissingen. Maar uit de antwoorden blijkt ook veerkracht, een positieve insteek en creativiteit. Veel podia denken buiten hun muren, al is het maar omdat de restricties daar lichter zijn dan binnen – zangers mogen daar wel optreden. De Bosuil in Weert wil daarom buitenconcerten organiseren. Het Rotterdamse Bird doet dat al: concerten in binnentuinen, waar het publiek vanuit hun huis mee kan kijken.

Er zijn zalen die het zoeken op hun terras, anderen willen het dak op. Bij Ekko in Utrecht denken ze aan een punkconcert met publiek in plastic ballen. De Willemeen in Arnhem maakt televisie. De livestreamconcerten zijn sowieso populair, sommige zalen willen met scholen aan de slag. Weer andere willen de zakelijke markt bedienen, omdat beurzen en conferenties makkelijker te reguleren zijn op anderhalve meter.

In het Brabantse Uden, een door corona buitengewoon zwaar getroffen plaats, wil podium De Pul een zomerprogrammering opzetten, zegt directeur Gijs de Louw. „Niet uit geldingsdrang, maar we merken dat onze bezoekers behoefte hebben aan iets positiefs. Aan geluksmomenten. De gevolgen van het virus dreunen hier nog wel even door, maar cultuur biedt troost en afleiding en dat is hard nodig.”