Opinie

Onderzoek naar klimaatmigratie - en wat je eraan kunt hebben

Klimaatmigratie Ingrid Boas doet onderzoek naar migratie door klimaatverandering, onder meer in Bangladesh. Meestal gaat dat soort onderzoek óver mensen. Maar deze keer wilde ze het mét en vooral ook vóór mensen doen.
Een dam in Bangladesh wordt versterkt na de cycloon Amphan op 21 mei.
Een dam in Bangladesh wordt versterkt na de cycloon Amphan op 21 mei. Foto Munir uz Zaman/AFP

Wetenschappelijk onderzoek wordt steeds vaker gekoppeld aan concrete maatschappelijke impact. Klinkt goed, maar vaak ook best lastig in de praktijk. Ik kom uit de wereld van politicologie en beleids-gerelateerd onderzoek. En dat wordt vaak gekoppeld aan beleidsworkshops en de zogeheten ‘policy briefs’.

Dit keer wou ik iets anders. Mijn huidige onderzoek gaat over milieumigranten in Bangladesh en Kenia, dus ik wilde liever iets met en voor hen doen. Ik kijk specifiek naar hoe milieumigranten gebruikmaken van hun telefoon en sociale media in hun beslissingen om weg te gaan, te blijven, terug te keren, verder te gaan et cetera, rondom een gevaarlijke situatie, zoals een orkaan die het dorp teistert, of wanneer je huis langzaam onder water komt te staan.

Hierin geef ik aandacht aan de bredere sociale context en ontwikkelingen die de mobiliteit van mensen en hun gebruik van digitale middelen beïnvloeden. Daarom dacht ik in termen van een maatschappelijk doel: kan het onderzoek, naast de analyse van hoe telefoons gebruikt worden in milieumigratie, óók zorgen voor een beter gebruik van telefoons rondom (im)mobiliteit en migratie in gevaarlijke situaties?

Gebruikersprofielen

Om hier zicht op te krijgen, ben ik in Bangladesh op pad gegaan met een user experience designer – dat is iemand die gebruikerservaringen ontwerpt voor IT-oplossingen. Hij ging mee naar alle plekken: de rurale kustgebieden in Zuid- en Oost-Bangladesh getroffen door stormen en erosie, tot aan de drukke steden of in het binnenland gelegen dorpjes waar mensen (tijdelijk) naartoe trokken. Door mee te lopen met het onderzoek kon hij, aangevuld met enkele eigen lokale workshops, gebruikersprofielen identificeren binnen de doelgroep en hun wensen en behoeftes in kaart brengen rondom het gebruik van mobiele telefoons in milieumigratie.

Verbaasd was ik over hoe concreet en toepasbaar mijn onderzoeksresultaten kunnen zijn. Ik ben gewend er lange artikelen over te schrijven, maar niet om ze te vertalen naar bruikbare gebruikersprofielen en wensen – iets wat voor de IT-wereld van productontwikkeling juist gangbaar is.

Het was fascinerend om te zien hoe concreet en toepasbaar complex sociaal-wetenschappelijk onderzoek kan zijn

De tweede stap was een hackathon: zo’n competitie waar een stel IT-ers bij elkaar gaat zitten, hard doorwerken en veel pizza’s eten, om prototypes van software te verzinnen op basis van de gemaakte gebruikersprofielen en wensen. Deelnemers waren veertig IT-studenten van verschillende universiteiten in Dhaka, geholpen door ons, BBC Media Action en kleine innovatieve IT-bedrijfjes uit Dhaka.

Foto Naim Afzal Rajit

Hetzelfde idee hebben we daarna ook toegepast in Kenia, nog net voor de coronacrisis begon. Een tiental IT-studenten en jonge IT-professionals uit Nairobi hebben we gekoppeld aan een tiental herders uit rurale gebieden die te maken hebben met onzekere regenseizoenen en droogte. Het ging erom de beschreven gebruikersprofielen en wensen om te zetten in concrete ideeën voor IT-oplossingen.

Het waren enthousiaste jonge mensen met een drive om de wereld een stukje beter te maken. Het had iets weg van werkgroep geven aan studenten, maar dan veel concreter en daardoor met veel meer energie en innovatie. De presentatie van de prototypes door de IT-studenten had bijna iets euforisch – kijk nou wat dit onderzoek oplevert! Iemand kon zowaar het prototype van een app laten zien die mogelijk maakt dat iemand via een eenvoudige telefoon toch belangrijke informatie (via audio) kan ontvangen die op sociale media wordt uitgewisseld.

Geen werkende app

Uiteindelijk blijken de resultaten toch wat minder concreet dan gehoopt. Er zijn geen werkende apps uitgekomen of direct toepasbare prototypes; daarvoor was de hackathon te kort en was er meer ondersteuning nodig. Maar de ideeën hiervoor waren er zeker wel.

Luister ook: deze podcast van correspondent Eva Oude Elferink over klimaatverandering in Bangladesh

Centraal in de gesuggereerde IT-oplossingen werd het leggen van verbindingen tussen de armere groepen die niet konden lezen en schrijven, maar wel een mobiele telefoon hadden, met mensen uit diezelfde dorpen die naar steden waren gemigreerd om te studeren en dus wel konden lezen en schrijven en actief waren op sociale media. Zo konden verschillende groepen elkaar beter helpen en informatie uitwisselen.

Vanuit mijn perspectief als wetenschapper vond ik het fascinerend om te zien hoe concreet en toepasbaar vrij complex sociaal-wetenschappelijk onderzoek kan zijn, zelfs al hebben we hierin nog een hoop te leren. Veel sociale wetenschappers, inclusief ikzelf, hebben nogal de neiging om te verzanden in nuance, met het doel te voorkomen dat we werken met simplistische aannames of tot niet goed doordachte conclusies komen. Dit gaat niet altijd samen met concrete maatschappelijke impact.

Ingrid Boas is universitair hoofddocent in Wageningen. Dit onderzoek en de hackathon zijn gefinancierd door haar NWO Veni project ‘Environmental Migration in the Digital Age’. De UX designer in dit verhaal is Freek Duynstee, die mede de hackathon heeft georganiseerd.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.